48 uur in Napels

Alle must-do's en tips

‘Hoe kan ik een stad zóó beminnen, Waar ik zóó kort verbleef?’, aldus sprak Jacob Israël de Haan in 1919 toen hij na een kort verblijf afscheid nam van Napels. Anno 2016 zeggen wij het hem na, na amper 48 uur in de stad, waarin we het centro storico zien en proeven, van Santa Lucia tot Santa Chiara, en slapen in een ex-bordeel.

Tekst: Kees Lucassen | Fotografie: Jurjen Drenth 

'First time Naples?'

Van Napels wordt vaak enkel het station of de luchthaven gebruikt, als een springplank naar al het hiervoor genoemde Werelderfgoed. De stad zelf wordt gemeden. Want Napels, is dat niet die anarchistische, beduimelde, chaotische havenstad? Een metropool bevolkt door snaaiende snollen en maffiosi die O-Sole-Mio-fluitend hun vuile nagels schoonmaken met stiletto’s?

Nee, dat is het niet.  Althans, Jurjen en ik hebben daar weinig tot niets van gemerkt. Wij vinden, na 48 uur Napels, de stad leuker dan, we noemen maar wat, Rome, Florence of Venetië. Minder gemaakt, minder toeristisch en meer… euh, nou ja, wij komen er niet zo goed uit. Maar laat ik bij het begin beginnen. Vanaf het vliegveld hebben Jurjen en ik een taxi naar Piazza Plebiscito genomen, het grootste plein van de stad, waar net als de zon doorbreekt een accordeon klinkt. En op dit plein, omzoomd door beelden, paleizen, kerken en musea, botste ik, verdiept in een stapel turismo-folders, per ongeluk tegen twee Napolitanen.

Gianni, barista van de nabijgelegen Bar del Professore, en professor Fontana, zijn vaste klant. ‘First time Naples?’, informeerde de grijsbesnorde geleerde, nadat ik mijn excuses had gemaakt. Jurjen knikte van ja. ‘Vergeet al die folders’, adviseerde hij. ‘Zwerf enkel met a simple map with some highlights lukraak door de stegen en over de pleinen. Weet wel, dit is de derde stad van Italië. Ooit zelfs de derde stad van Europa, na Londen en Parijs. Oud, kunstzinnig en tongstrelend. Het centro storico is Werelderfgoed. De kastelen, kerken en palazzi zijn gevuld met topstukken, qua archeologie en kunst. Oh ja, u zult straatvuil en graffiti zien, maar ook adembenemende fresco’s en panorama’s. En er zullen spontane ontmoetingen zijn, zoals wij die nu hebben. Vanavond rond tien uur ben ik in Bar del Professore. Daar kunt u mij dan op de hoogte stellen van uw bevindingen. Capito?’

'Dame met waaier'

We namen afscheid, wederom ja-knikkend, en stalden onze koffers dertig meter verderop in Chiaja, een Hotel de Charme. Een aanrader, dit onderkomen, 1 hoog in een voormalig chic bordeel. ‘Uw kamer heet Dorina da Sorrento en ja, in 1920 was zij hier een prostituta’, legde receptioniste Rosario glimlachend uit. Vervolgens vlogen Jurjen en ik met een plattegrondje de trap af en het hart van Napels in.

Althans, dat was het idee. Want net buiten onder onze kamer, op de hoek van de Salita Santa Anna di Palazzo – waar in de 1889 de eerste pizza margherita werd gebakken – botste ik voor de tweede keer tegen een Napolitaan. ‘Rino Artigano, aangenaam’, sprak de man. Uitbater van Locanda N’Tretella, een slow food-restaurantje in dezelfde steeg, waar we vanavond écht moesten komen eten. ‘Promesso?’

We beloofden het en begonnen toen eindelijk aan onze zwerftocht langs ‘some highlights’. Zoals? Een espresso in Gran Caffè Gambrinus, een art nouveau-café uit 1860, rijk aan spiegels, roodfluweel en bladgoud, en pal naast de zonovergoten Piazza Trieste e Trento. En de Galleria Umberto I, een winkelgalerij uit de 19de eeuw, met mozaïekvloeren bas-reliëfs onder een koepel van gietijzer en glas. En ook: Teatro San Carlo – Europa’s oudste operagebouw – en de Via Toledo, een winkelstraat annex flaneerboulevard, met daarin het 17de eeuwse Palazzo Zevallos Stigliano, waar werk van Italiaanse meesters de muren siert. We vergaapten ons aan zowel ‘Het Martelaarschap van de Heilige Ursula’ (1610), het laatste kunstje van de even geniale als losbandige Caravaggio, als aan de ‘Dame met waaier’ (1873) van Dominico Morelli.

Moderne kunst vonden we ietsje verderop, op de plafonds van metrostation Toledo, uitgeroepen tot Europa’s mooiste metrostation (tip: hier begint elke dinsdagochtend om 10.30 uur de Metro Art Tour).

Barbossa & Obama

Weer boven de grond dwaalden we over de Mercato della Pignasecca, Napels’ oudste markt, tussen ontstellend veel eetbaars, van aalbes tot zwaardvis. En door de barokke Gesù Nuovo-kerk – waar druk werd gebiecht – en het klooster van Santa Chiara. De tuin is hier de must-see, met 72 achthoekige zuilen met majolicategels, die verhaal na verhaal vertellen.

‘Het is wel wat veel in korte tijd’, slikte Jurjen, foto na foto makend. Inmiddels bevonden we ons op de Spaccanapoli, de nauwe slagader van het centro antico. In de Grieks-Romeinse tijd werd hier al handelgedreven en nu gebeurt dit nog, net zoals het in de Via Anticaglia en Via Tribunali gebeurt. We zagen antiek-, limoncello-, ijs- en boekwinkels, naast de fanshop van FC Napoli, terrasjes formaat postzegel op minipleintjes, oude palazzi, talloze straatartiesten (zoals een jonge Sophia Loren die Morricone’s Gabriel’s Oboe op haar harp tokkelt, twee Pulcinella’s die John Mayall’s Room to Move op viool & mondharmonica spelen en kapitein Barbarossa die met bolle wangen op z’n houten hobopoot Volare blaast). Plus: een sprookjesachtig kerststalkunststeegje met beeldjes van moeder Maria en Padre Pio, maar ook van Obama, Maurizio Sarri (de fysieke trainer van FC Napoli) en paus Franciscus (de spirituele trainer) – en nog véél meer.

Ook daalden we 140 traptreden diep naar de onderwereld. Het echte historische Neapolis ligt namelijk veertig meter onderaards, Napoli Sotteranea, een labyrint met 60 ingangen. Tunnels, cisternen en grafkamers, al in de oudheid uit tufsteen gehakt. Van dit gangenstelsel, in totaal 400 kilometer lang, kun je vandaag 1,5 kilometer zien. Weinig? Nee, indrukwekkend. Alleen al vanwege het complete Romeinse forum.

Een tip voor morgen?

Van dit en meer brachten we die avond verslag uit. Eerst bij Rino – onderwijl smullend van zijn gebakken ansjovis gevuld met olijven en ricotta – en daarna bij de professor Fontana. Hij knikte goedkeurend en wij bestelden bij Gianni drie caffè alla nocciolato.
‘Professor, heeft u voor ons nog een tip voor morgen?’, vroeg Jurjen beleefd.

‘Hetzelfde doen. Maar zwerf nu langs de zee bij Santa Lucia en dan door de Spaanse Wijk. Bestijg vervolgens met een van de drie funicolari de Vomero, de heuvel met het Castel Sant´Elmo en het klooster van San Martino. Allebei uit de veertiende eeuw, te bezichtigen en vol kunst, hoog boven het centrum. En daal dan te voet weer af.’

Fietslampjes & plastic rozen

En dat doen wij vandaag. We steken, na eerst weer een espresso in Gran Caffè Gambrinus, de Piazza Plebiscito over en lopen dan – met zicht op de veerboten naar Capri en Ischia – naar het beeld van Cesario Console, een admiraal uit de achtste eeuw, onder wiens sokkel verliefde paartjes zich nestelen. Langs de Baai van Napels slenteren we over de lungomare (boulevard) naar het Castel dell’Ovo. Tip: bestel een cappuccino bij Le Bar, op het terras met zeezicht aan de voet van het kasteel. Vanaf de Riviera di Chiaia struinen we verder. Langs de hippe boetieks en barretjes van high fashion Chiaia naar de Quartieri Spagnoli, de Spaanse Wijk. Een bezienswaardigheid op zich.

Dit is het Napels van de trapstegen en nauwe straatjes waar enkel toeterende Vespa’s en Fiatjes 500 zich doorheen kunnen wringen, en soms zelfs die niet. Met wasgoed wapperend tussen balkonnetjes, winkeltjes formaat sinaasappelkist, met vis, pantoffels, pens of ondergoed, en 1001 Maria’s in minikapelletjes aan de schurftige muren, boven nepkaarsjes met fietslampjes en plastic rozen. Francesco, een rimpelrijke kleermaker, toont ons trots zijn eenkamerwoning, met daarin zijn naaimachine, zijn bed en zijn vaalrode Vespa, 37 jaar oud. ‘Ikzelf? Ik ben 83’, grinnikt de grijsaard.

'Non fotografare!'

Hierna reutelt de Funicolare di Montesanto ons, samen met een talentvolle tenor – ‘Funiculi, funiculáááá!’ – omhoog, tot op de Vomero. Vanaf het plein voor het enorme kasteel en klooster genieten we van een panorama, groots en meeslepend, over stad, zee en Vesuvius. Waarna we, met een vers broodje mozzarella, een trap van 414 treden afdalen. De Via Pedamentina, goed voor tal van vergezichten. Weer beneden blijken we slechts 1 metrostop verwijderd van het Museo Archeologico Nazionale, het belangrijkste museum van de stad. Niet in de laatste plaats vanwege het Gabinetto Segreto, aanstootgevende erotische  kunst uit Pompeï. Helaas, ook voor u beste lezer, mag Jurjen hier geen foto’s maken.

Vermoeid maar voldaan eten we ook deze avond uiterst smakelijk. Bij Hosteria Toledo dit keer, ook een naam om te onthouden. In de hoop nog een laatste tip te scoren, spoeden we ons hierna naar Bar del Professore. Met een bulderend ‘Amici buona sera!’ worden we door Gianni begroet, maar helaas, van professor Fontana ontbreekt elk spoor. ‘Wat jammer’, zegt Jurjen, twee hazelnootkoffie bestellend. ‘Wat is eigenlijk het vakgebied van de professor?’, vraag ik aan Gianni. ‘Kunst? Geschiedenis?’ ‘Fontana?’, lacht de barista. ‘Bij zijn kaartclubje houdt hij altijd de stand bij, daarom noemen ze hem de professor. Sympathieke man. Vroeger was hij pizzabakker.’ 

Napels zien...

Reizen naar Napels

Een cruise, wandelvakantie of stedentrip naar Napels maken? Bekijk ons reisaanbod.

Met de auto naar Napels

Tussen Utrecht en Napels ligt 1818 km snelweg. Plan je route met de routeplanner.

Met het vliegtuig naar Napels

Transavia vliegt op Napels. Een retourticket is te koop vanaf ongeveer € 120,-

Huur een auto in Napels

Boek vooraf online een huurauto in Napels met ledenvoordeel bij Sunnycars.

Reisgidsen Top 3 Napels

  1. Reisgids Napels & Amalfi-kust
  2. ANWB Extra Napels

Misschien vind je dit ook interessant:

Praktische informatie Italië
10 tips vakantie Italië