Vakantie Ticino

Ticino is het zuidelijkst reikende Kanton (deelstaat) van Zwitserland. Er wordt vooral Italiaans gesproken (Duitstalige Zwitsers noemen het kanton Tessin). Het steekt als een wig Italië in. De grote meren in dit zonnige zuiden worden dan ook gedeeld met dat land (Lago Maggiore en Lago di Lugano).

Huizen, sfeer en mensen, alles proeft hier naar Italië. Je nipt er van espresso op een piazza (stadsplein) en dwaalt er door kastanjebossen. Op de doorgaande wegen kan het heel druk zijn maar daarbuiten wacht een geheimzinnige bergwereld (Valle Onsernone). Al heel lang wordt deze vakantieregio bezocht om het heerlijke klimaat.

Attracties en evenementen

Swiss Miniatur in Melide, bij Lugano is een van de bekendste attractieparken van Ticino. Het is de Zwitserse kopie van het Hollandse Madurodam. Verder zijn er trouwens weinig pretparken in de buurt. Ook sommige 'normale' zaken kunnen echter voor jou als attractie gelden. Zoals de Centovallina, een wiebelend smalspoor. Je kunt hierover tussen Locarno en het Italiaanse Domodossola treinen. Het gaat over tientallen bruggen en door tunnels. Locarno is trouwens bekend vanwege het grote filmfestival in augustus.

Bezienswaardigheden

Een berg met een eigen museum. Dat is mogelijk in deze streek (Gotthardmuseum). Maar er is veel meer te zien dan bij de noordelijke tunnelentree tot Ticino. Smokkelaarpraktijken in het dorp Indemini en Museo Doganale van Gandria en burchten. Vooral Bellinzona met haar drie kastelen is een topper. Of indrukwekkende kloofdalen, Valle Onsernone, het 'kunstenaarsdal', of de Valle Maggia om maar iets te noemen. Zowel het Lago di Lugano als het Lago Maggiore tellen veel bezienswaardigheden. Je zult bijvoorbeeld genieten van de bloemenweelde op de eilandengroep van Brissago (Lago Maggiore) of op een voettocht naar de Monte Giorgio Lugano.

Dorpen en steden

Ticino verschilt van de rest van Zwitserland. Hier geen nette chaletdorpen bij alpenweiden, maar huizen die tegen elkaar aangedrukt lijken. Vaak steekt de toren van een kerk er boven uit. De huizen zijn opgebouwd uit grijzig natuursteen (gneis). Oorspronkelijk werden veel rustico's (kleine boerderijtjes) gebouwd die nu veelal omgetoverd zijn tot vakantiewoning. De dorpen zijn zeer schilderachtig en lijken te wankelen op steile hellingen. Sommige zijn nog bijna zoals vroeger of prachtig opgeknapt zoals het smokkelaardorp Indemini. Grote steden ontbreken in Ticino. Wel zijn er een paar heerlijke stadjes zoals Lugano, Locarno en de stoere hoofdstad Bellinzona.

Eten en drinken

Wijn, salami (zelfs hertensalami!), spaghetti en olijven. Het lijkt wel of de Italiaanse keuken Ticino is binnen gemarcheerd. De minestronesoep meldt ook al de Italiaanse keuken. Wie niet te prijzig wil bestellen kan prezzo fisso (vaste prijs bij menu's) nemen. Een grotto is een zomers koele plaats waar je kunt eten en drinken. In de canvetti (simpele, vaak landelijk gelegen herbergen) wordt de streekkeuken voorgeschoteld. De vis zoals forel, baars, snoek komt uit de grote meren. Probeer vooral eens een rijstgerecht (risotto). Met kaas is het ietsje minder in het Zwitserse zuiden.

Kamperen

Goede keuze bij de meren, minder in het bergland

Iets meer dan vijftig kampeerterreinen verzorgen het wel en wee van de campinggast. Vooral bij de grote meren en in de streek Malcontone vind je royaal opgezette campings. In de noordelijker bergdalen is het karig gesteld met de tent- en caravanplaatsen. Zomaar in de natuur een 'wild' plekje zoeken kan je op een behoorlijke boete komen staan. Sommige terreinen zijn een beetje rommelig. Maar dat is geheel volgens het Italiaanse principe van de 'chaos werkt'. Probeer een camping te vinden met mooi meerzicht. Je geniet er de hele dag van!

Kunst en cultuur

De Romeinse tijd heeft weinig nagelaten in Ticino. De Middeleeuwen zijn duidelijker aanwezig. Vooral in de knikbruggetjes en in de Romaanse klokkentorens (campaniles). Er zit een duidelijk Italiaans tintje aan de Romaanse gebouwen. Vooral in Giornico en bij Negrentinio vind je fraaie Romaanse kerken. Maar. er zijn ook interessante moderne kerken. Vooral Mario Botta heeft bijgedragen aan de moderne bouwkunst (kerk in Mogno). Net zoals in heel Zwitserland hebben de bewoners van Ticino alles dat naar cultuur of kunst ruikt, in musea opgeslagen. Ook voor de schrijver Herman Hesse is dat het geval in het museum bij Lugano.

Natuur

Bos en bergnatuur bepalen het kanton voor driekwart. Ticino kan landschappelijk in tweeën worden geknipt. Er zijn de Ticiner Alpen (tot 3402 meter) met eeuwige sneeuw en daaronder prachtige dalen. Beroemd zijn de Valle Maggia en de Valle Verzasca. De Alpen van Tessin zijn nog niet zo druk bezocht als andere Zwitserse massieven. Bekende wintersportplaatsen ontbreken. Als tweede is er het zuidelijke merengebied met iets minder hoge bergen eromheen. De natuur komt heel anders over bij de zuidgrens van het kanton. Hier vind je wuivende palmen en planten die ke verder in Zwitserland niet zult aantreffen.

Overnachten

Er is een ruime keuze uit vrij prijzige hotels in Ticino. Ook groot is de keuze in appartementen en vooral vakantiewoningen. Bijzonder is het huren van een rustico, een verbouwde boerenwoning. Je vindt ze 'los' op de helling van een eenzame bergflank. Of ze staan in het gelid in vakantieparken. Vakantiehuizen met daadwerkelijk uitzicht op een van de grote meren zijn vaak het meest prijzig. Bij de mensen thuis worden nog niet echt veel bedden aangeboden (Bed&Breakfast). Veel boeren in het noorden van Ticino bieden wel overnachtingen aan. Mijd kamers áán drukke verkeerswegen.

Uitgaan

Vanaf de bergen rond het Lago Maggiore kijk je neer op de vuurwerkshows van Locarno. Diep beneden je lijkt een vrolijk uitgaansleven gaande. Maar hoe zit het met het avondvertier in Ticino? Het Italiaanse karakter van de inwoners maakt uitgaan niet saai. Echt grote steden zijn er dan wel niet. Maar bioscopen, theaters, discotheken en nachtclubs vind je in Ascona, Bellinzona, Locarno, Lugano en soms zelfs nog in kleinere plaatsen. Casino's draaien op volle toeren in Lugano en vooral het Italiaanse Campione d'Italia. Vooral de cafeetjes, clubs en terrassen van Ascona, Locarno en Lugano doen het goed.

Winkelen

Wie een hele dag lekker wil winkelen moet Ticino verlaten. Een dagtocht Milaan (Italië) belooft een duizelingwekkend aantal winkels. In Ticino winkelt het sfeervol, maar het aanbod is beperkt. De hoofdstad Bellinzona is de beste keuze, gezien de afwisseling. De zaterdagochtendmarkt is een leuk extra. Ook Lugano en Locarno hebben een redelijk aanbod. Specialiteitenzaken vind je trouwens op de gekste plaatsen. Zo kan een benzinestation tegelijk ook een hele mooie enoteca (wijnwinkel) beheren. En vind je in een supermarkthal ineens een boetiek met prachtige dumpboeken. In Ticino proef je uit de winkels het gemak om geld uit te geven.

Zon, water en strand

Van alle Zwitserse meren zijn die van Ticino het meest interessant voor de badgast. Vanaf juni krijgen het Lago Maggiore en het Lago di Lugano genoeg warmte om er wat langer in te zwemmen. De stranden zijn wel vaak klein. In de zomer zijn ze vrij tot zeer vol. Echt grote badplaatsen zoals je ze in Spanje kent, zijn er niet. Wel hebben veel plaatsen aan de oever een stukje waterkant 'ingericht' als strand, soms bij de veerbootpieren. Een voorbeeld daarvan is Vira, aan de strandzijde van het Lago Maggiore. Tijdens aankomst en vertrek van de passagiersboten wordt uw zwemwater dan ineens een golfslagbad.

Misschien vind je dit ook leuk:

Praktische informatie Zwitserland