Verkeersregels in Oostenrijk

Ga je op vakantie naar Oostenrijk? Houd er dan rekening mee dat er andere verkeersregels gelden dan bij ons in Nederland. We hebben de belangrijkste verkeersregels op een rijtje gezet. Onder andere die voor filerijden, mobiel bellen, winterbanden en de maximumsnelheid.

Algemene verkeersregels

  • Hier worden enkele belangrijke algemene verkeersregels vermeld, waaronder een aantal verkeersregels die afwijken van de Nederlandse.

Veilig rijden

Rijden onder invloed

  • Het maximaal toegestane alcoholgehalte in het bloed is 0,49 promille
  • Voor bestuurders die korter dan twee jaar een rijbewijs hebben, is de limiet 0,1 promille.
  • Het is verboden te rijden onder invloed van drugs.

Mobiele telefoon

  • Het is bestuurders van voertuigen (ook fietsers) verboden tijdens het rijden een mobiele telefoon vast te houden. 
  • Let op: Ook in een file met langzaam rijdend of stilstaand verkeer is het gebruik van een mobiele telefoon verboden.
  • Handsfree bellen is wel toegestaan.

Veilig wandelen

  • Voetgangers zijn verplicht om buiten de bebouwde kom zoveel mogelijk aan de linkerkant van de weg te lopen als een voetpad ontbreekt, tenzij dat gevaar voor ze oplevert.

Basisverkeersregels

  • Je moet rechts rijden en links inhalen.

Voorrang

  • Als basisregel geldt dat op een kruising bestuurders van rechts voorrang hebben, tenzij anders is aangegeven.
  • Trams en andere voertuigen op rails hebben ook voorrang als ze van links komen.
  • In Oostenrijk wordt behalve met borden meestal met een witte, onderbroken streep op het wegdek, maar soms ook met haaientanden, aangegeven dat bestuurders voorrang moeten verlenen aan bestuurders op een kruisende weg. 
  • Let op: Als je op een voorrangsweg rijdt en stopt, verlies je het recht op voorrang.
  • Overstekende kinderen hebben altijd voorrang.
  • Trams hebben altijd voorrang.

Passeren

  • Op smalle bergwegen moet degene die het makkelijkst kan uitwijken of terugrijden, voorrang verlenen.

Inhalen

  • Bestuurders mogen stilstaande trams stapvoets voorbijrijden, mits ze de in- en uitstappende passagiers niet hinderen en minstens 1,5 m ruimte in de breedte vrijlaten.
  • Rijdende trams moeten rechts worden ingehaald, tenzij er rechts onvoldoende ruimte is; op eenrichtingswegen mag de tram ook links worden ingehaald. Bestuurders moeten minimaal 20 m achter een tram blijven als zij deze niet kunnen of willen inhalen.
  • Bestuurders mogen een stilstaande schoolbus met knipperende alarmlichten niet in dezelfde richting voorbijrijden.
  • Inhalen is verboden vanaf 80 m voor een spoorwegovergang en direct erna.

Stilstaan

  • Het is verboden stil te staan langs een doorgetrokken gele streep aan de kant van de weg en binnen 15 m van een tram- of bushalte.

Parkeren

  • Bij druk verkeer, op onoverzichtelijke punten, op voorrangswegen en in staten met rails is parkeren aan de linkerkant (tegen de rijrichting in) verboden. In een straat met eenrichtingsverkeer mag je wel aan de linkerkant parkeren.
  • In een aantal grote steden in Oostenrijk zijn kortparkeerzones (Kurzparkzones) aanwezig die met borden en blauwe strepen op de weg zijn gemarkeerd. Zie oamtc.at/parken voor meer informatie.
  • Het is verboden te parkeren in zones die zijn gemarkeerd met een gele zigzagstreep of op plaatsen waar een onderbroken gele streep aanwezig is langs de kant van de weg.
  • Let op: Als een verkeersbord met een parkeerverbod een onderbord heeft waarop werktags met daarachter een tijdsperiode wordt vermeld, geldt dit parkeerverbod ook op zaterdagen (met werktags wordt maandag tot en met zaterdag bedoeld). Als een parkeerverbod niet in het weekend geldt, vermeldt het onderbord Mo-Fr.

Verkeerslichten

  • Wanneer rood en oranje tegelijkertijd branden zal het licht kort daarna op groen springen. Bestuurders moeten zich gereed houden om weg te rijden.
  • Nadat het groene licht vier maal heeft geknipperd, springt het op oranje. Bestuurders moeten zich gereed te houden om te stoppen.
  • Bij oranje licht geldt doorrijden als een overtreding, tenzij de bestuurder de kruising zo dicht is genaderd dat veilig stoppen niet meer kan.

Geluidssignalen

  • In Wenen is het geven van geluidssignalen verboden, tenzij dat niet anders kan om een gevaar af te wenden.
  • In de buurt van ziekenhuizen is het geven van geluidssignalen alleen toegestaan in geval van nood.

Rijstroken

  • Als binnen de bebouwde kom een weg uit minstens twee rijstroken voor iedere richting bestaat, is de bestuurder vrij om te kiezen welke rijstrook deze wil gebruiken, ongeacht de snelheid van het verkeer op de andere rijstroken. Buiten de bebouwde kom mag dit alleen in druk (file)verkeer.
  • Een linkerrijstrook waarin tramrails liggen mag niet worden gebruikt.

Spoorwegovergang

  • Bij nadering van een onbewaakte spoorwegovergang met een wit bord met daarop een afbeelding van een trein en de tekst auf pfeifsignal achten (let op het fluitsignaal), moeten bestuurders stoppen om te luisteren of er een trein aankomt (geadviseerd wordt om eventuele muziek uit te zetten en een raampje te openen).

Middendoorgang bij file

  • Als zich op auto(snel)wegen een file vormt, zijn bestuurders wettelijk verplicht een Rettungsgasse (middendoorgang voor de hulpdiensten) vrij te maken. Dit betekent dat ze zoveel mogelijk rechts of links moeten gaan rijden, zodat er in het midden voldoende ruimte ontstaat voor hulpverlenende voertuigen, zoals ambulances en politieauto's.
  • Als zich een file vormt op wegen met meer dan twee rijstroken per richting, moeten de bestuurders op de meest linkse rijstrook zoveel mogelijk links en de bestuurders op de overige rijstroken zoveel mogelijk rechts gaan rijden.
  • Zie asfinag.at/rettungsgasse voor meer informatie.

Bijzonderheden

Motor laten draaien

  • Als een voertuig in een tunnel tot stilstand komt, moet de motor worden uitgeschakeld.
  • Het bij stilstand warm laten draaien van de motor is verboden.
  • Ook in andere omstandigheden, bijvoorbeeld bij het wachten voor een overweg, is het onnodig laten draaien van de motor verboden.

Waarschuwingssignaal

  • Een praatpaal langs de autosnelweg is voorzien van licht. Dit wordt als knipperlicht in werking gesteld bij spookrijders, verkeersongevallen, files, mist en dergelijke. Als dit licht knippert, moeten bestuurders snelheid minderen en opletten voor het naderen van een gevaarlijke situatie.

Verkeersregels auto

Verlichting

  • Net als in Nederland zijn automobilisten overdag alleen verplicht licht te voeren wanneer het zicht ernstig wordt belemmerd.

Kinderen

  • Kinderen jonger dan 14 jaar en kleiner dan 1,50 m moeten voor- en achterin in een goedgekeurd en passend kinderzitje of op een goedgekeurde en passende zittingverhoger met veiligheidsgordels worden vervoerd.
  • Kinderen jonger dan 14 jaar, maar groter dan 1,35 m mogen ook een in hoogte verstelbare veiligheidsgordel dragen, mits de gordel goed past en niet over de hals loopt.
  • Kinderen jonger dan 14 jaar en groter dan 1,50 m moeten voor- en achterin een gewone veiligheidsgordel dragen.
  • In een auto waarin een kinderzitje of veiligheidsgordels ontbreken, mogen kinderen jonger dan 3 jaar niet worden vervoerd en mogen kinderen tot 14 jaar alleen achterin worden vervoerd.
  • Als een kind met de rug naar voren, voor in de auto in een kinderzitje wordt vervoerd, moet de airbag uitgeschakeld zijn.

Roken in de auto

  • Het is in Oostenrijk sinds 1 mei 2018 voor iedere inzittende van een auto of camper verboden te roken in het bijzijn van een kind onder de 18 jaar.

Lading

  • Lading die aan de voor- en/of achterkant uitsteekt, moet worden gemarkeerd met een rode doek. Wanneer de lading meer dan 1 m naar voren of achteren uitsteekt, moet deze worden gemarkeerd met een wit markeringsbord van 25 x 40 cm met een 5 cm brede rode reflecterende rand. Lading die meer dan 1 m uitsteekt, moet in het donker en bij slecht zicht worden gemarkeerd met verlichting.
  • De lading mag in de breedte maximaal 20 cm aan beide zijden uitsteken tot een breedte van 2,55 m. Voor het bepalen van de breedte van het voertuig worden de buitenspiegels meegeteld. Zijwaarts uitstekende lading moet worden gemarkeerd.

Dashcam

Bijzonderheden

Bandenprofiel

  • De minimale profieldiepte voor banden in Oostenrijk is 1,6 mm, net als in Nederland en andere EU-landen. Hierop wordt in Oostenrijk streng gecontroleerd en als wordt vastgesteld dat de banden (van auto, camper of caravan) zodanig versleten of beschadigd zijn dat het voertuig hierdoor een gevaar vormt voor de verkeersveiligheid, wordt een automobilist de toegang tot het land mogelijk ontzegd.

Achteraf ingebouwde xenonlampen

  • Als de inbouw van de xenonlampen (gasontladingslampen) in een auto volgens de daarvoor geldende regels is geschied en het gebruik daarvan in Nederland is goedgekeurd, mag je er in principe mee in Oostenrijk de weg op.

Maximumsnelheid

  Binnen bebouwde kom (A) Buiten bebouwde kom Autosnelwegen
Bromfietsen 45 45 verboden
Motoren 50 100 130 (B/C/D)
Personenauto's en campers, toegestane maximummassa < 3500 kg 50 100 130 (B/C/D)
Motoren met aanhanger/personenauto's met aanhangwagen/caravan < 750 kg 50 100 100
Personenauto's met aanhangwagen/caravan > 750 kg (aanhanger niet zwaarder dan de auto), totaalgewicht < 3500 kg 50 80 100
Personenauto's met aanhangwagen/caravan > 750 kg, totaalgewicht > 3500 kg of aanhangwagen/caravan zwaarder dan auto 50 70 (E) 80
  • A: In sommige steden, bijvoorbeeld Graz, bedraagt de maximumsnelheid 30 km/h, tenzij borden een andere snelheid aangeven.
  • B: Met een elektronisch signaleringsbord kan de maximumsnelheid tot 100 km/h worden verlaagd.
  • C: Van 22-5 uur is de maximumsnelheid op de A10 (Tauern), A12 (Inntal), A13 (Brenner) en A14 (Rheintal) 110 km/h.
  • D: Op delen van de A12 en A13 geldt dag en nacht een maximumsnelheid van 100 km/h.
  • E: In Tirol geldt voor deze categorie op veel wegen buiten de bebouwde kom een maximumsnelheid van 60 km/h.
  • Op autosnelwegen zijn alleen voertuigen toegestaan die ten minste 60 km/h kunnen en mogen rijden.

Flitspaalsignalering

  • Het meenemen en gebruiken van radardetectieapparatuur is verboden.
  • Het gebruik van apparatuur met signalering voor vaste flitspalen of trajectcontroles (zoals navigatieapparatuur en telefoons) is toegestaan.
  • Zie voor meer informatie: anwb.nl/juridisch-advies/op-vakantie.

Bijzonderheden

Werktags

  • Let op: Als een verkeersbord met een maximumsnelheid een onderbord heeft waarop werktags met een tijdsperiode wordt vermeld, geldt deze maximumsnelheid ook op zaterdagen (met werktags wordt maandag tot en met zaterdag bedoeld). Als een maximumsnelheid niet in het weekend geldt, vermeldt het onderbord Mo-Fr (Montag-Freitag).

140 km/h

  • Op enkele delen van de Westautobahn geldt sinds juli 2018 een maximumsnelheid van 140 km/h (in plaats van 130 km/h). Het gaat om twee proeftrajecten. Mogelijk gaat in de loop van 2019 ook op enkele andere delen van snelwegen in Oostenrijk een maximumsnelheid van 140 km/h gelden.

Verkeersregels caravan en aanhangwagen

Afmetingen, maxima

  Nederland Oostenrijk opm.
Breedte combinatie (excl. spiegels) 2,55 m 2,55 m  
Hoogte combinatie 4 m 4 m  
Lengte aanhanger (incl. dissel) 12 m 12 m (A)
Lengte combinatie 18 m 18,75 m (A)
  • A: Een eventuele fietsendrager achterop wordt meegerekend in de lengte.

Wielkeggen 

  • Het is verplicht om ten minste één wielkeg mee te nemen voor een caravan of aanhangwagen met een toegestane maximummassa van meer dan 750 kg.

Afstand houden

  • Extra lange voertuigen, zoals bussen, vrachtwagens, maar ook auto's die een caravan of (langere) aanhangwagen trekken, moeten op wegen buiten de bebouwde kom ten minste een afstand van 50 meter aanhouden ten opzichte van andere extra lange voertuigen. Deze regel is bedoeld om het inhalen van langere voertuigen gemakkelijker te maken en om kolonnevorming te voorkomen.

Parkeren

  • Een caravan mag niet zonder auto worden achtergelaten op een openbare parkeergelegenheid (bijvoorbeeld een parkeerplaats langs de autosnelweg). Met name in natuurgebieden en langs meren bestaan restricties betreffende het parkeren van een caravan (die per provincie kunnen verschillen). Bij twijfel is het verstandig om ter plaatse navraag te doen.

Extra brede aanhanger

  • Voor het vervoer van een aanhanger die breder is dan 2,55 m, moet een speciale vergunning worden aangevraagd. Neem voor meer informatie contact op met het Bundesministerium für Verkehr van Oostenrijk of bezoek bmvit.gv.at.

Verkeersregels bromfiets

  • In Oostenrijk wordt een bromfiets een Motorfahrrad of Moped genoemd. Er is geen aparte definitie van een snorfiets; deze valt onder de bromfietsen.
  • Een Motorfahrrad mag niet sneller kunnen dan 45 km/h.

Helm

  • Het dragen van een helm is verplicht op bromfietsen.

Verlichting

  • Brom- en snorfietsen moeten ook overdag dimlicht voeren.

Passagiers

  • Om een passagier te mogen vervoeren moet de bromfiets uitgerust zijn met voetsteunen en een eigen zadel of een buddyseat.
  • Kinderen die jonger zijn dan 8 jaar, moeten in een daarvoor geschikt kinderzitje worden vervoerd.

Plaats op de weg

  • Het is voor bromfietsen verboden op fietspaden te rijden.

Naast elkaar rijden

  • Bromfietsers mogen niet naast elkaar rijden.

Verkeersregels fiets

Helm

  • Het dragen van een fietshelm is verplicht voor kinderen jonger dan 12 jaar. Ook kinderen jonger dan 12 jaar die achter op de fiets of in een fietsaanhanger worden vervoerd, moeten een helm op.
  • In Niederösterreich moeten kinderen tot 15 jaar een helm dragen, ook wanneer ze niet op de openbare weg, maar bijvoorbeeld op een speelplaats fietsen.

Verlichting en overige vereisten

  • Fietsen moeten zijn voorzien van vaste lampen. Voor op de fiets moet het licht de kleur wit of geel hebben en achter op de fiets de kleur rood.
  • De fiets moet achter een rode reflector hebben, gele reflectoren op de pedalen en witte of gele reflectoren op de wielen.
  • Ook moet de fiets zijn voorzien van goed werkende remmen en een bel.

Passagiers

  • Personen van 16 jaar en ouder mogen op de fiets een passagier vervoeren, mits de fiets (of elektrische fiets) daarvoor geschikt is.
  • Kinderen jonger dan 8 jaar mogen alleen in een daarvoor geschikt kinderzitje achter op de fiets fiets worden vervoerd. 
  • Let op: Kinderen mogen niet in een zitje voor op de fiets worden vervoerd. Een kinderzitje moet achter het zadel aan het frame van de fiets worden bevestigd en mag niet uitsluitend op de bagagedrager zijn gemonteerd.
  • Als je kinderen achter op de fiets vervoert, moet je ervoor zorgen dat de spaken van het achterwiel met een jasbeschermer, door de beenbeschermers van het kinderzitje of anderszins zijn afgeschermd.

Fietsende kinderen

  • Kinderen van 12 jaar en ouder mogen zonder begeleiding fietsen. Kinderen jonger dan 12 jaar mogen alleen fietsen onder begeleiding van iemand die minstens 16 jaar is.
  • Kinderen mogen wel al vanaf 10 jaar zonder begeleiding fietsen als zij in het bezit zijn van een fietsrijbewijs.
  • Het is in Oostenrijk verboden om aan het verkeer deel te nemen met een fiets waaraan een kinderfiets is gekoppeld via een tandemstang.

Aanhanger

  • Het is toegestaan om te rijden met een fiets waaraan een eenassige aanhanger is gekoppeld.
  • Als de aanhanger breder is dan 80 cm en niet voor personenvervoer wordt gebruikt, moet je op de rijbaan rijden en niet op het fietspad.

Fietsen onder invloed

  • Fietsers mogen niet onder invloed van drugs of alcohol zijn.
  • Het maximaal toegestane alcoholgehalte in het bloed is 0,8 promille

Mobiele telefoon

  • Het is fietsers verboden tijdens het rijden een mobiele telefoon vast te houden. Je mag dus niet bellen, sms'en en appen tijdens het fietsen.
  • Handsfree bellen is wel toegestaan.

Naast elkaar rijden

  • Fietsers mogen alleen naast elkaar rijden op fietspaden en woonerven.

Plaats op de weg

  • Waar fietspaden zijn, moeten ze ook gebruikt worden.
  • Waar fietspaden ontbreken, moet zoveel mogelijk aan de rechterkant van de weg worden gereden.
  • Op een fietspad is de maximumsnelheid 30 km/h.

Oversteekplaats voor fietsers

  • In Oostenrijk zijn speciale oversteekplaatsen voor fietsers (Radfahrerüberfahrten) die worden aangeduid met een vierkant blauw bord met een witte driehoek met een zwarte fietser.
  • Er zijn ook oversteekplaatsen die fietsers moeten delen met voetgangers.
  • Fietsers hebben voorrang op een speciale oversteekplaats voor fietsers. 
  • Bij het naderen van een oversteekplaats voor fietsers mag je niet harder fietsen dan 10 km/h.

Parkeren

  • Fietsen mogen alleen op het trottoir worden geplaatst als het trottoir minimaal 2,50 m breed is.
  • Het is verboden om fietsen te stallen bij een bus- of tramhalte.

Elektrische fiets

  • Voor een elektrische fiets (Elektro-Fahrrad, Pedelec) met trapondersteuning tot 25 km/h die een vermogen heeft van maximaal 600 watt, gelden dezelfde regels als voor een gewone fiets.
  • De minimumleeftijd voor het fietsen op een elektrische fiets zonder begeleiding is 12 jaar, of 10 jaar met een fietsrijbewijs.
  • Het dragen van een fietshelm is alleen verplicht voor kinderen tot 12 jaar. Alle bestuurders van elektrische fietsen wordt geadviseerd een fietshelm te dragen.
  • Elektrische fietsen moeten waar mogelijk gebruikmaken van het fietspad.

Speedpedelec

  • Voor een elektrische fiets met trapondersteuning tot 45 km/h (S-pedelec) gelden dezelfde regels als voor een bromfiets.
  • De minimumleeftijd om op een speedpedelec te rijden is 15 jaar en de bestuurder moet in het bezit zijn van het bromfietsrijbewijs.
  • De bestuurder is verplicht een goedgekeurde bromfietshelm (norm ECE 22.05) te dragen. Voor zover bekend, is het dragen van een speciale speedpedelec-helm (norm NTA 8776:2016) niet toegestaan.
  • De bestuurder moet een stevige en vuilbestendige verbanddoos bij zich hebben.
  • Speedpedelecs mogen niet op het fietspad rijden.

Verkeersregels motor

Helm 

  • Het dragen van een helm is verplicht voor bestuurder en passagier.
  • Op een trike of quad is het dragen van een helm verplicht tenzij het voertuig een gesloten cabine heeft en de zitplaatsen zijn uitgerust met veiligheidsgordels.

Verlichting

  • Het voeren van dimlicht overdag is verplicht.

Passagiers

  • Het is verboden om meer dan een passagier te vervoeren.
  • Het is verboden om kinderen die jonger zijn dan 13 jaar, achter op de motor te vervoeren. Kinderen mogen bovendien alleen op de motor worden vervoerd als ze met hun voeten bij de voetsteunen kunnen komen.
  • In een zijspan moeten kinderen tot 12 jaar worden vervoerd in een voor hen geschikt kinderzitje. De zijkanten van het zijspan moeten hoog genoeg zijn om tot op borsthoogte van het kind te reiken.

Aanhanger

  • Het is toegestaan om een aanhanger te trekken.

Inhalen

  • Let op: Bij een verkeersbord dat een inhaalverbod aangeeft, mogen ook motoren geen voertuigen met meer dan twee wielen inhalen. Motoren mogen echter wel worden ingehaald.

Filerijden

  • Motorrijders mogen een rij stilstaande auto's (geen langzaam rijdende auto's) van enkele honderden meters voorzichtig voorbijrijden.
  • Rijden over een vluchtstrook, busbaan of fietspad is te allen tijde verboden.
  • Het is ook verboden om op een auto(snel)weg een file voorbij te rijden in de middendoorgang (Rettungsgasse).

Bijzonderheden

Rugzak op de borst

  • Het is verboden op een motor te rijden met een rugzak op de borst, als die de bewegingsvrijheid of het zicht van de bestuurder belemmert.

Winterbanden

  • Verplicht in winterperiode bij winterse omstandigheden - Het gebruik van winterbanden is van 1 november t/m 15 april verplicht bij winterse omstandigheden. Dit voorschrift geldt ook voor Nederlandse auto's.
  • Er is sprake van winterse omstandigheden als de weg geheel of gedeeltelijk is bedekt met sneeuw, sneeuwmodder of ijs.
  • Banden met de aanduiding M+S en/of het sneeuwvloksymbool (3PMSF) worden als winterband beschouwd. De ANWB adviseert je banden te gebruiken waarop in elk geval het sneeuwvloksymbool wordt aangegeven. Meer informatie: anwb.nl/winterbanden.
  • De minimale profieldiepte voor radiaalbanden is 4 mm (voor diagonaalbanden is dat 5 mm). Banden met een minder diep profiel, worden als zomerbanden beschouwd, ook als op deze banden de aanduiding M+S aanwezig is.
  • Winterbanden moeten op alle wielen worden gemonteerd. Deze verplichting geldt niet voor een eventuele aanhanger.
  • Als de weg geheel, of vrijwel geheel, is bedekt met een ijzel- of sneeuwlaag, is het ook toegestaan om in plaats van winterbanden sneeuwkettingen te monteren op zomerbanden op ten minste de aangedreven wielen. Let op: Bij lichte sneeuwval of sneeuwmodder of op wegen die slechts gedeeltelijke zijn bedekt met sneeuw of ijs, is het verboden om op sneeuwkettingen of op zomerbanden te rijden en zijn winterbanden dus verplicht.
  • Als je op zomerbanden (en zonder sneeuwkettingen) rijdt tijdens winterse omstandigheden en betrokken raakt bij een ongeval, bestaat de kans dat je (mede)aansprakelijk wordt gesteld voor het ongeval omdat je het verkeer onnodig in gevaar hebt gebracht.
  • Let op: In Duitsland en Luxemburg zijn winterbanden verplicht bij winterse omstandigheden en kan niet worden volstaan met het meenemen van sneeuwkettingen.

Sneeuwkettingen

  • Verplicht bij bord - Het gebruik van sneeuwkettingen is verplicht als dat wordt aangegeven met een rond, blauw bord waarop een witte autoband met een sneeuwketting staat. De plicht om sneeuwkettingen te monteren geldt ook voor auto's met winterbanden of spijkerbanden (tenzij een onderbord bij het sneeuwkettingenbord aangeeft dat auto's met dergelijke banden van deze plicht zijn ontheven).
  • Het wordt dringend aangeraden om in Oostenrijk in de winterperiode sneeuwkettingen mee te nemen in de auto.
  • Sneeuwkettingen mogen alleen worden gebruikt op wegen die geheel, of bijna geheel, met sneeuw of ijs zijn bedekt.
  • Als sneeuwkettingen verplicht zijn, moeten ze in elk geval op de aangedreven wielen worden gemonteerd.
  • Voor auto's die op sneeuwkettingen rijden, geldt een maximumsnelheid van 50 km/h, of lager als in een gebruiksaanwijzing van de kettingen een lagere maximumsnelheid wordt aangegeven.
  • Kunststof sneeuwkettingen zijn vooralsnog niet toegestaan.
  • Sneeuwkettingen kunnen eventueel worden gehuurd bij belangrijke grensovergangen.

Spijkerbanden

  • Toegestaan in winterperiode - Spijkerbanden zijn toegestaan van 1 oktober t/m 31 mei (alleen radiaalbanden/staalgordelbanden met spijkers). Als de weersomstandigheden het vereisen, kan deze periode lokaal worden verlengd.
  • De spijkerbanden moeten op alle wielen worden gemonteerd, ook op die van een eventuele aanhanger.
  • De maximumsnelheid bij gebruik van spijkerbanden is 100 km/h op autosnelwegen en 80 km/h op de overige wegen. Daarom moet achter op de auto of aanhanger een bord met het officiële symbool voor spijkerbanden worden bevestigd. Dit bord is onder andere te verkrijgen bij de ÖAMTC en bij tankstations.

Bijzonderheden

Auto ijs- en sneeuwvrij

  • Bestuurders zijn verplicht om voor ze wegrijden alle ruiten van een auto sneeuw- en ijsvrij te maken. Het wordt daarom aangeraden een ijskrabber mee te nemen in de auto.
  • Ook eventuele sneeuw op het dak moet worden verwijderd.
  • Let op: Het is verboden om tijdens het krabben van de ruiten de motor te laten draaien. 

Huurauto

  • Het is de verantwoordelijkheid van de bestuurder van een auto om ervoor te zorgen dat de vereiste winteruitrusting aanwezig is. Bij het huren van een auto in Oostenrijk is het dus van groot belang dat de bestuurder controleert of de auto over de juiste winteruitrusting beschikt.

Voertuigen vanaf 3500 kg

  • Voor bedrijfsvoertuigen met een toegestane maximummassa van 3500 kg of meer is het gebruik van winterbanden verplicht van 15 november t/m 15 maart ongeacht de weersomstandigheden of de toestand van de weg. 
  • De winterbanden moeten ten minste op de aangedreven wielen worden gemonteerd.
  • De minimale profieldiepte is 5 mm voor radiaalbanden en 6 mm voor diagonaalbanden.
  • Ook ben je in deze periode verplicht sneeuwkettingen voor de aangedreven wielen in je voertuig te hebben.
  • Eigenaren van campers met een toegestane maximummassa van 3500 kg of meer wordt aangeraden in die periode in elk geval op de aangedreven wielen winterbanden te monteren en sneeuwkettingen mee te nemen, om eventuele problemen te voorkomen.

Brommobiel

  • Voor brommobielen met een gesloten carrosserie zijn, net als voor personenauto's, winterbanden (of eventueel sneeuwkettingen) bij winterse omstandigheden verplicht.

Meer praktische info onderweg in Oostenrijk

Route-informatie
Actuele verkeersinformatie Oostenrijk
Tol in Oostenrijk
Verplicht mee in de auto
Tanken in Oostenrijk
Verkeersboetes in Oostenrijk

Speciaal voor jou geselecteerd