Verkeersregels in Letland

Ga je autorijden in Letland? Zorg dan dat je van tevoren de belangrijkste afwijkende verkeersregels kent.

Snel naar

Verkeersregels algemeen | Maximumsnelheid | Auto | Caravan | Fiets | MotorBromfiets

Verkeersregels algemeen

  • Hier worden enkele belangrijke algemene verkeersregels vermeld, waaronder een aantal verkeersregels die afwijken van de Nederlandse.

Veilig rijden

Rijden onder invloed

  • Het maximaal toegestane alcoholgehalte in het bloed is 0,5 promille.
  • Voor bestuurders die korter dan twee jaar het rijbewijs hebben, bedraagt de limiet 0,2 promille.
  • Sporen van drugs in het bloed zijn niet toegestaan.

Mobiele telefoon

  • Het is bestuurders van gemotoriseerde voertuigen verboden tijdens het rijden een mobiele telefoon vast te houden.
  • Handsfree bellen is wel toegestaan.

Veilig wandelen

  • Voetgangers zijn verplicht om zoveel mogelijk aan de linkerkant van de weg te lopen als een voetpad ontbreekt. Mensen die in een rolstoel rijden of met een fiets, bromfiets of motor aan de hand lopen, mogen ook de rechterkant van de weg gebruiken.
  • In Letland zijn voetgangers die binnen de bebouwde kom langs onverlichte of onvoldoende verlichte straten of buiten de bebouwde kom in het donker of bij slecht zicht langs de weg lopen, verplicht kleding met reflecterende strepen of een veiligheidshesje te dragen. 

Basisverkeersregels

  • Je moet rechts rijden en links inhalen.

Voorrang

  • Op een kruising hebben bestuurders van rechts voorrang, tenzij anders wordt aangegeven.
  • Een tram heeft op een kruising ook voorrang als deze van links komt, tenzij anders wordt aangegeven. 

Inhalen

  • Veel wegen hebben een vluchtstrook waarop bestuurders kunnen uitwijken om een sneller voertuig te laten passeren.

Parkeren

  • Het is verboden te parkeren aan de linkerkant van de weg (tegen de rijrichting in), ook in parkeervakken aan de linkerkant. In een straat met eenrichtingsverkeer waar geen tramrails liggen, mag je wel aan de linkerkant parkeren.
  • Aangeraden wordt om een voertuig te parkeren op een bewaakte parkeerplaats.

Verkeerslichten

  • Een knipperend groen licht betekent dat het licht binnenkort op oranje of geel zal springen. 
  • Een oranje of geel licht betekent hetzelfde als in Nederland: je moet stoppen, tenzij je het stoplicht zo dicht bent genaderd dat je redelijkerwijs niet meer kunt stoppen. 
  • Als het naast het rode licht ook het oranje licht gaat branden, houdt dat in dat je nog niet mag rijden, maar dat het licht binnenkort op groen zal springen.

 

Winterbanden

  • Verplicht in winterperiode - Van 1 december tot 1 maart is het gebruik van winterbanden verplicht. Deze periode kan worden verlengd als de weersomstandigheden dat vereisen.
  • Winterbanden moeten op alle wielen en ook op de wielen van een eventuele aanhanger worden gemonteerd.
  • De minimale profieldiepte voor winterbanden is 3 mm.
  • De ANWB adviseert je banden te gebruiken waarop een sneeuwvloksymbool wordt aangegeven. Meer informatie: anwb.nl/winterbanden.

Sneeuwkettingen

  • Toegestaan - Het is gebruik van sneeuwkettingen is alleen toegestaan op wegen die zijn bedekt met sneeuw.
  • Let op: in Duitsland en Polen kan het gebruik van sneeuwkettingen met een bord verplicht worden gesteld.

Spijkerbanden

  • Toegestaan in winterperiode - Het gebruik van spijkerbanden is toegestaan van 1 oktober tot 1 mei.

Tol

  • Op enkele wegen in Letland moet voor vrachtwagens met een toegestane maximummassa van meer dan 3000 kg tol betaald worden.
  • Er zijn drie categorieën vrachtwagens:
    • Categorie 1: 3001 - 3500 kg.
    • Categorie 2: 3501 - 12000 kg.
    • Categorie 3: meer dan 12.000 kg.
  • Voor meer informatie zie: lvvignette.eu.
  • Van april tot en met september wordt een toegangstol geheven in Jurmala, voor meer informatie zie: visitjurmala.lv/en/do/getting-here/by-car/how-to-get-with-a-car. Alleen elektrische voertuigen zijn vrijgesteld.

Maximumsnelheid

  Binnen bebouwde kom Buiten bebouwde kom Autowegen
Personenauto's, campers < 7500 kg en motoren 50 90 90/100/110 (A)
Personenauto's en motoren, met aanhangwagen/caravan 50 80 90
  • A: Op slechts twee wegen in Letland is het toegestaan om 100 km/h te rijden en, waar dit door borden wordt aangegeven, 110 km/h.
  • De bebouwde kom wordt aangegeven door een wit plaatsnaambord met zwarte letters. Het einde door hetzelfde bord voorzien van een rode diagonale balk. Een blauw bord met witte letters duidt geen bebouwde kom aan.
  • In woonwijken geldt een maximumsnelheid van 20 km/h.

Flitspaalsignalering

  • Het meenemen en gebruik van radardetectieapparatuur is verboden.
  • Voor zover bekend is het gebruik van apparatuur met signalering voor vaste flitspalen of trajectcontroles (zoals navigatieapparatuur en telefoons) toegestaan.

Verkeersregels auto

Verlichting

  • Het voeren van dimlicht of dagrijlicht (ook led) overdag is verplicht.
  • Let op: in tunnels, bij weinig licht en bij slecht zicht is dagrijlicht niet voldoende en moet dimlicht worden gevoerd.

Kinderen

  • Kinderen die kleiner zijn dan 1,50 m, moeten in een goedgekeurd en passend kinderzitje of op een goedgekeurde en passende zittingverhoger worden vervoerd.
  • Het is verboden kinderen die jonger zijn dan 3 jaar, te vervoeren in een voertuig waarin geen veiligheidsgordels aanwezig zijn. Kinderen van 3 jaar of ouder die kleiner zijn dan 1,50 m, mogen in een voertuig zonder veiligheidsgordels alleen achterin worden vervoerd.

Verkeersregels caravan en aanhangwagen

Afmetingen, maxima

  Nederland Letland opm.
Breedte combinatie (excl. spiegels) 2,55 m 2,55 m  
Hoogte combinatie 4 m 4 m  
Lengte aanhanger (incl. dissel) 12 m 12 m (A)
Lengte combinatie 18 m 18,75 m (A)
  • A: Een eventuele fietsendrager achterop wordt meegerekend in de lengte.

Verkeersregels fiets

Helm

  • Kinderen jonger dan 12 jaar zijn verplicht een helm te dragen.

Kleding

  • Fietsers zijn verplicht om in het donker of bij slecht zicht een veiligheidshesje te dragen.

Verlichting en overige vereisten

  • Fietsen moeten in het donker en bij slecht zicht zijn voorzien van vaste lampen. Voor op de fiets moet het licht de kleur wit of geel hebben en achter op de fiets de kleur rood.
  • De fiets moet voor een witte en achter een rode reflector hebben en gele of oranje reflectoren op de pedalen.
  • Ook moet de fiets zijn voorzien van goed werkende remmen en een bel.

Passagiers

  • Kinderen jonger dan 7 jaar mogen op de fiets worden vervoerd mits ze in een geschikt zitje zitten, hun voeten op voetsteunen kunnen laten rusten, zijn vastgezet met een gordel en een voor hen geschikte en goedgekeurde fietshelm dragen.

Fietsende kinderen

  • Kinderen jonger dan 12 jaar mogen alleen onder begeleiding van een volwassene over de openbare weg rijden.

Plaats op de weg

  • Waar fietspaden zijn, moeten ze ook gebruikt worden.
  • Waar fietspaden ontbreken, moet zoveel mogelijk aan de rechterzijde van de weg gereden worden.
  • Er mag op het trottoir worden gefietst, mits voetgangers niet gehinderd worden.

Verkeersregels motor

Helm

  • Het dragen van een helm is verplicht voor bestuurder en passagier.

Verlichting

  • Het voeren van dimlicht overdag is verplicht.

Passagiers

  • Kinderen mogen alleen op de motor worden meegenomen als ze hun evenwicht kunnen bewaren en ze hun voeten op voetsteunen kunnen laten rusten of als in een voor hen geschikt kinderzitje zitten.

Aanhanger

  • Het meevoeren van een aanhanger is toegestaan, mits de motor daarvoor geschikt is en de aanhanger speciaal voor motoren is ontworpen.

Verkeersregels bromfiets

Helm

  • Het dragen van een helm is verplicht voor de bestuurder en een eventuele passagier.

Verlichting

  • Brom- en snorfietsen moeten ook overdag dimlicht voeren.

Passagiers

  • Het is toegestaan een passagier te vervoeren op een bromfiets.
  • Het is alleen toegestaan een kind te vervoeren dat goed achterop kan zitten en de voeten op de voetsteunen kan laten rusten of dat in een geschikt kinderzitje zit. 

Verkeersborden

  • De verkeersborden in Letland wijken nauwelijks af van die in Nederland.
  • Een rechthoekig wit bord met een zwart silhouet van een dorp- of stadsgezicht geeft het begin van de bebouwde kom aan. Datzelfde bord met een schuine rode streep geeft het einde van de bebouwde kom aan.

Auto en motor

  • Een rond wit bord met een rode rand en twee auto's met daartussen een getal, geeft aan hoeveel meter afstand bestuurders moeten houden tot hun voorganger.
  • Een rond wit bord met een rode rand en een naar links (of rechts) afbuigende zwarte pijl met een diagonale rode streep erdoor betekent: Verboden links (of rechts) af te slaan.
  • Een rond blauw bord met daarop een band met een sneeuwketting betekent dat sneeuwkettingen verplicht zijn.

Fiets en voetganger

  • Behalve het bekende ronde blauwe bord Fietspad, zijn er ook vergelijkbare borden die een fiets-/voetpad aangeven, met al dan niet gescheiden gedeelten voor fietsers en voetgangers.

Meer praktische informatie onderweg in Letland

Tanken
Verkeer
Verkeersboetes
Verplicht mee in de auto