Symbiose van oud en nieuw

Nederland, Noord-Holland, Haarlem

Haarlem staat te boek als de vijfde monumentenstad van Nederland. Imposante gebouwen, hofjes, kerken en musea liggen aan en rond de Grote Markt, een van de bekendste pleinen van Nederland. Maar Haarlem biedt meer: samen met jongere architectuur vormen de oude gebouwen een pikant geheel van oud en nieuw. Nu eens als gebouwen naast elkaar, dan weer vervlochten in één enkel pand. Deze wandeling leidt langs een aantal  architectonische hoogtepunten.

A. Neem vanaf het NS-station Haarlem de uitgang aan de zuidzijde en ga ra. Eerste straat la, Kruisweg, later Kruisstraat. Bij de kruising bij de Hema ra, Krocht. La, Nieuwe Groenmarkt. Einde weg ra, Zijlstraat, direct la, Nobelstraat. Einde weg la, Jacobijnestraat.

B. Einde weg ra, Koningstraat. Bij de Gedempte Gracht oversteken en schuin ra, Botermarkt. Rechts aanhouden en doorlopen, Barrevoetestraat. Ter hoogte van het Hofje van Loo la, Vlamingstraat in. Einde weg ra, Drapenierstraat.

C. Eerste la, Gedempte Raamgracht. Tweede ra, Korte Doelstraat en rd Alexanderstraat. Einde weg la, Oranjekade. Vóór de stadsschouwburg la, Wilsonplein. Wilhelminastraat oversteken en rd tot na basketbalveldje. Ra, Gedempte Raamgracht en la, Raamvest, later Gasthuisvest. De drukke winkelstraat Grote Houtstraat passeren.

D. Bij aanwijzer Frans Halsmuseum la, Groot Heiligland. Langs museum. Einde Gedempte Oude Gracht oversteken en rd, Schagchelstraat. Einde ra, Anegang. Einde la, Lange Veerstraat. Rd, Lange Begijnestraat. Rd tot Waalse kerk.

E. Ra en rechts aanhouden door Groene Buurt (zie bord Monumentale route). Ra, Bakenessergracht. La bruggetje over en ra. Eerste straat la, Vrouwestraat. Einde ra en direct la Valkestraat tot aan rivier de Binnen Spaarne. La, Koudenhoorn. Ra Catharijnebrug over en tweede ra, Papentorenvest. Einde weg la, Oostvest. Vlak vóór spoorviaduct la, stalen trap omhoog, Spaarnoogstraat. Einde weg la, Harmenjansweg, terug over de brug (linkerzijde), oversteken bij stoplicht en ra, Koudenhorn. Vóór het politiebureau la, Zakstraat. Bij Janstraat ra en Nieuwe Gracht oversteken. Rd tot NS-station Haarlem.

Het eerste station in Haarlem werd in 1839 geopend. Het huidige stationsgebouw staat er sinds 1908 en is het enige Nederlandse station in art-nouveaustijl. Het is gebouwd tussen 1906 en 1908 door architect Dirk Margadant en verving het eerdere stationsgebouw uit 1843. Bij de ingang zie je links en rechts een bakstenen gebouw, met daartussen een stalen overkapping. Torens van verschillende hoogte, een halfrond venster in glas in lood en reliëfs zijn opvallende elementen.
Ook binnen zijn de details een lust voor het oog: de gebouwen op het zogenaamde ‘eilandperron’ zijn getooid met houtsnijwerk, tegeltableaus en witte verglaasde stenen met blauwe banden. Zelfs een toiletgang geschiedt in stijl met authentiek glas in lood en tegeltjes met versieringen in blauw en groen.


 

In het zeven bouwlagen tellende, voormalige Vroom & Dreesmanpand (1933) aan het einde van de Koningstraat zijn de invloeden van de Amsterdamse school nog licht aanwezig. Banen van gele baksteen en natuursteen wisselen elkaar af en accentueren het horizontale karakter van het gebouw.

Schoolvoorbeeld van een harmonieuze band tussen jong en oud is de stadsschouwburg van Haarlem. Aan de voorkant zie je het gerenoveerde rijksmonument uit 1918, ontworpen door J.A.G. van der Steur. Aan de achterzijde verrees een modern-barokke toren van baksteen, glasplaten en keramiek. Architect Erick van Egeraat en kunstenares Babs Haenen werkten er samen aan. Naarmate je hoger kijkt, maakt het metselwerk meer en meer plaats voor glas en blauwgroen porselein. De toren gaat als het ware over in de lucht.

In het voormalige Oudemannenhuis uit de 17e eeuw is het Frans Hals Museum gevestigd. Aan de voorzijde van het gebouw zie je de Hollandse trapgevels die kenmerkend zijn voor deze tijd. Aan de binnenzijde bevindt zich een binnentuin in 17e-eeuwse stijl. Het museum toont een indrukwekkende collectie Haarlemse schilderkunst uit de Gouden Eeuw, onder andere portretten van Frans Hals.

De binnenruimte van het Gerechtsgebouw De Appelaar, de Simon de Vrieshof, is een stille plek in het verder zo drukke centrum. Rechts ligt de ramengevel van de kantoren, links een vier verdiepingen tellende, grote glazen wand.

Nog een prachtige symbiose van oud en nieuw: de Appelaar en Concertzaal De Philharmonie zijn met elkaar vergroeid. ‘Zoek het perfecte evenwicht tussen restauratie en nieuwbouw om Haarlem en Noord-Holland te voorzien van een centrum van muzikale uitmuntendheid en landelijke allure,’ luidde de opdracht die de gemeente Haarlem en Stichting Stadsschouwburg & Concertgebouw in 1999 gaven aan architect Frits van Dongen. Ga er maar aan staan. Een van de meest ambitieuze verbouwingsprojecten van concertzalen in Nederland volgde. De nieuwbouw is om het oorspronkelijke pand uit 1872 heen gebouwd en bekleed met glas waarin de grafische notatie van het muziekstuk ‘Klokken voor Haarlem’ van componist Louis Andriessen staat afgebeeld. Je ziet het boven de entree en na de ingang van de hof meteen aan je linkerhand.

Luttele meters verder duikt De Toneelschuur op, huis en mekka voor de
Nederlandse toneel-, dansen filmwereld. Al veertig jaar worden er verrassende voorstellingen en films vertoond. De verschillende functies van het theatercomplex komen terug in afzonderlijke bouwdelen. De foyer op de begane grond is het kloppend hart van het geheel. Een schuine glasgevel verbindt de foyer met de straat. Napraten kan in het ruim opgezette theatercafé.

Het is maar de vraag of de gevangenen zo blij waren met de bouw van de Koepelgevangenis tussen 1899 en 1901. Opzet was om ze goed in de smiezen te kunnen houden. Vanuit het midden van het cirkelvormige complex konden de bewakers de rondom gelegen cellen probleemloos overzien. Uitgangspunt was het zogeheten Panopticum (alziend in het Latijn) ontwerp. Overigens is de gevangenis niet meer in gebruik.