‘De schemering is het gevaarlijkst’

5 vragen én antwoorden van oogarts Tjeerd

Je ziet minder scherp in het donker, en je ogen werken trager. Waarom eigenlijk, en wat kun je eraan doen? Vijf vragen aan oogarts Tjeerd de Faber van Het Oogziekenhuis Rotterdam. 

1.    Waarom zien we minder goed in het donker?

‘In je ogen heb je twee soorten cellen om licht te zien. Fel licht neem je waar met de kegeltjes. Die kunnen kleur en licht onderscheiden. In de schemering schakel je langzaam over op de staafjes: maar daarmee zie je geen kleuren meer. Je kunt bijvoorbeeld geen rood onderscheiden in het donker.

Er is nog een reden: als er veel licht in je ogen valt, wordt je pupil heel nauw. Daardoor is er veel scherptediepte. Dat wil zeggen: je ziet zowel dichtbij als ver weg scherp. Als het donker wordt, wordt de pupil wijd en is er weinig scherptediepte. Je kunt dan niet meer tegelijkertijd dichtbij en ver weg scherp zien. Dat is de anatomie van de mens, daar kun je niets aan doen. Hiernaast kunnen afwijkingen in het oog invloed hebben, bijvoorbeeld als het hoornvlies of de lens verouderen en troebel worden.’

2.    Wanneer ben je nachtblind?

‘Mensen die geen staafjes hebben of waarbij ze niet werken, zijn nachtblind. Die zien in het donker niets. Als je echt nachtblind bent, mag je ‘s nachts niet autorijden. In de volksmond zeggen veel mensen ‘ik ben nachtblind’ als ze bedoelen dat ze ’s avonds slechter zien dan overdag, maar dat heeft iedereen, dat noem je niet nachtblind.’

3.    Kan een bril helpen?

‘Mensen die bijvoorbeeld een afwijking van -1 of +1 hebben, kunnen overdag genoeg zien vanwege die scherptediepte, ze hebben geen bril nodig. Maar ‘s avonds in het donker, met die wijde pupil, luistert dat nauwer. Dan zou je met een oogarts kunnen uitzoeken of een bril helpt om optimaal de weg op te gaan.’

4.    Is het gevaarlijk, in het donker de weg op?

‘Veel mensen hebben moeite met rijden in het donker. Vrouwen zeggen dit vaker dan mannen, waarom weten we niet. ’s Nachts zie je minder details. Ik vind het zelf wel prettig: je ziet alleen de essentiële dingen. Je raakt niet afgeleid door de weilanden, billboards et cetera, want die zie je niet. Maar in het donker rijden kost wel meer concentratie. Met name het overgangspunt is lastig: de schemering. Het duurt even voordat je ogen zijn gewend aan het donker, donkeradaptatie heet dat.’

5.    Een tip?

‘Als je uit een verlichte ruimte een donkere avond in stapt: laat je ogen even wennen. De overgang van donker naar licht kunnen onze ogen in een paar seconden. Van licht naar donker, kan wel een paar minuten duren! Hetzelfde geldt als je een tunnel inrijdt. Dan kom je ook ineens van een lichte naar een donkere situatie.

Een tip hierbij: een kilometer voor de tunnel één oog sluiten. Zodra je de tunnel in rijdt, doe je hem weer open. Dan is één oog alvast gewend aan het donker. Dezelfde truc gebruikten piraten vroeger, daar is het ooglapje voor. Als ze op klaarlichte dag een schip overvielen, en het ruim in moesten, deden ze het lapje af, zodat ze in het donkere ruim toch nog wat konden zien.’

 

Lees verder

Nachtblind? Zo weet je of je het bent
Veilig rijden in het donker