Heuvel op heuvel af

Nederland, Limburg, Mookerheide

Heuvels horen bij het zuiden van Limburg, toch? Mis! Ook in dit noordelijkste puntje van de provincie heuvelt het flink en dat betekent klimmen en dalen. Gelukkig wel op lommerrijke, intieme paadjes. Wind ruist in de bladeren, water kolkt in de beken. Zo nu en dan duikt een vekoelend meertje op. Bij het Zevendal en op de Mookerheide opent het landschap zich. En op de top zie je, als beloning, de Maasvallei in volle glorie.

 

Hond mee: op deze route zijn honden aangelijns toegestaan.

Toegankelijkheid: deze route is niet geschikt voor mindervaliden vanwege de onverharde bospaden, zamnpoaden en steile trappen.

Paden: bos- en zandpaden.

Loop vanaf de parkeerplaats 300 m richting Gennep. Na het laatste restaurant het eerste wandelpad la, Sint Maartensweg.

  1. RD, volg de witte routepaaltjes. Je passeert de Romeinse Villa en de Bovenste Plasmolen. Ga na ca. 500 m LA, loop via de holle weg naar het Groene water en blijf 1,5 km de witte wandelroute volgen. 
  2. Aan de rand van het bos, bij infobord van Natuurmonumenten en bankje (Herinneringsbank Frans Baron van Verschuer) LA; volg de paarse route. Je loopt door het weidse Zevendal. Bij verharde Zevendalseweg RA en direct bij geel infobord (Mookerheide) en slagboom LA het bos in (paarse route). Einde pad LA. Loop RD en ga vóór het witte huis RA, door het hek en schuin links omhoog (zandpad) naar de top van de heuvel (dit is de Mookerheide). Het bankje biedt een prachtig uitzicht op de Maasvallei en Cuijk (2 kerktorens). Vervolg het pad, houd daarbij links aan. Je loopt langs de beboste rand van de Mookerheide (op de routepaaltjes staat het rode pijltje aan de achterkant van de paal, dus je loopt tegen de richting in).
  3. Loop 1,5 km tot aan betonnen waterput en informatiepaneel Genieten van vergezichten en heidevelden. Ga door het hek en direct vóór zessprong meteen RA (bord afrastering) en weer door hek. Na 600 m door het hek. Pad volgen.
  4. Ga de eerste weg LA omhoog (paarse route). Je hebt dit pad al in tegengestelde richting gevolgd.
    Einde pad RA (paarse route). Je komt weer op de verharde weg (Zevendalseweg).
    Ga meteen RA. Na huisnummer 10 links aanhouden. Op het einde van het pad bij bankje LA. Je bent weer op de Sint-Jansberg.
  5. Vanaf dit punt volg je weer de witte paaltjes. Via de noordkant loop je de Kiekberg op waar je een mooi uitzicht hebt op het Reichswald. De route gaat via een trap vrij steil omlaag, vervolgens loop je langs een bronbeek, een smal stroompje, karakteristiek voor dit gebied. Je blijft het stroompje volgen tot aan het eind (op een gegeven moment steek je het stroompje over en volg je het aan de andere kant). Blijf de witte paaltjes volgen  terug naar het startpunt. Let op: aan het einde bij T-splitsing bij de “Bovenste Plasmolen” moet je LA (en niet meer de witte route volgen). Je komt weer bij de Rijksweg uit. Ga RA en terug naar de parkeerplaats.

Zowel de Mookerheide als de Sint-Jansberg liggen op een stuwwal, die in de voorlaatste ijstijd is ontstaan. Noordelijke gletsjers rukten op en stuwden de bodemranden omhoog. Op de hellingen van de Sint-Jansberg is een bos ontstaan van onder andere eiken, beuken, haagbeuken en opvallend veel tamme kastanjes. Daarnaast ziet u oude fijnsparrenbossen, ooit aangeplant voor de houtproductie. Snelstromende beekjes lopen vanaf de hellingen het Maasdal in. Het vallende water van twee van deze beekjes zet het grote rad van de Bovenste Plasmolen in werking. U ziet water in een verhoogde goot naar de bovenkant van het rad toelopen. De leeftijd van de molen is onbekend. Op het muuranker staat het jaartal 1725, dat op een verbouwing in dat jaar duidt, maar mogelijk draaide de molen al in de 15e eeuw. Het water van de bronnen en beken was hier van oudsher zo zuiver dat het geschikt was voor het maken van papier. Oorspronkelijk deed de Bovenste Plasmolen dan ook dienst als papiermolen, in 1846 werd hij verbouwd voor het malen van graan.

Het vele regenwater heeft door de eeuwen heen een holle weg uitgesleten. De steil oplopende bermen vormen een galerij van grillig gevormde boomwortels met gevallen bladeren en plukken mos tussen de stronken (www.holleweg.info).

Voor extra waterkracht voor de Bovenste Plasmolen is boven op de helling een klein stuwmeer, het Groene Water, aangelegd. Moest de molen werken, dan werd een sluisje geopend dat in verbinding staat met de Molenbeek die door het bos naar de molen loopt.

Ook bij het ontstaan van het Zevendal speelt water een rol. Smeltwater van de gletsjers heeft het diepe dal uitgesleten. Ook nu nog stroomt het regenwater na een flinke bui via dit dal naar de Maas.

Op de Mookerheide is het fiks klimmen geblazen. U deelt dit open heidelandschap met grote grazers als Schotse hooglanders en Drentse heideschapen. De runderen en schapen eten gras en boompjes, waardoor de heideplantjes niet overwoekerd worden. Kom in augustus en er ligt een paars tapijt van bloeiende struikhei zover het oog reikt. Aan de randen staan onder meer zomer- en wintereiken. Her en der liggen enorme ‘poffertjesdrollen’. Ze kunnen u niet ontgaan. Met deze grote hopen van schijfjes verraadt de Schotse hooglander zijn aanwezigheid. Eenmaal boven hebt u vanaf 60 m boven NAP een schitterend uitzicht op de Maasvallei met als ijkpunt de twee spitse torens van de neogotische Sint-Martinuskerk in Cuijk.


Slag op de Mookerheide
Het is 14 april 1574. Het leger van de graven Lodewijk en Hendrik van Nassau trekt op naar Holland om de inwoners te helpen in hun strijd tegen de Spaanse bezetter. Helaas, zo ver komen ze niet. Op de Mookerheide worden ze overrompeld en genadeloos in de pan gehakt door het Spaanse leger. Beide Nassaus – broers van Willem van Oranje – gaan ten onder in deze beroemde veldslag. Het verhaal gaat dat een groot deel van hun troepen het moeras bij Gennep werd ingejaagd. Volgens een oude legende zijn hun zielen op donkere avonden als blauwe vlammetjes boven het moeras te zien. Maar sinds de bouw van het kapelletje van Onze Lieve Vrouw van de Dwaallichtjes te Mook zijn de vlammetjes verdwenen ...

De top van de Kiekberg reikt tot wel 77 m. Het pad langs de bosrand biedt zicht op uitgestrekte weiden, akkers en bosschages. Een eenzame boer werkt op het land, een enkel rood puntdak steekt af tegen het groen. Op de achtergrond ontrolt zich het Duitse Reichswald.

Rare jongens, die Romeinen? Die vlieger gaat in elk geval niet op voor de keus van een verblijfplaats. In hun villa op de Kloosterberg wilde iedereen wel wonen. De ligging was goed gekozen – langs de doorgaande route naar Noviomagus (Nijmegen) – en de villa was voorzien van alle denkbare luxe. Hij stamt vermoedelijk van rond 125 n.Chr. en is nauwkeurig gereconstrueerd. U krijgt een driedimensionale indruk van het gebouw; lage muurtjes geven de grondcontouren aan en een kunstwerk van buizen gaat de lucht in. Het is met zijn afmetingen van ongeveer 21 bij 83 m het grootste Romeinse villagebouw in Nederland. Een plattegrond geeft aan waar de hoofdingang, zuilengang, ontvangstruimte, woonkamer en keuken lagen. Frappant detail: de muren van de badkamer hebben de vorm van een ... hartje.