West Brabantse Waterlinie

Nederland, Noord-Brabant, Bergen op Zoom

76
79
12
11
59
58
53
51
45
77
81
78
43
82
57
56
73
62
10
13
77
72
79
76

Dwars door Brabant loopt een keten van vestingsteden, forten en inundatiegebieden. Ze horen bij de Zuiderwaterlinie die de zuidflank van Holland moest beschermen. Het oudste deel ligt in West-Brabant, rond de vestingsteden Bergen op Zoom en Steenbergen. Wat er nog van over is? Verrassend veel! Stap op de fiets en ontdek het militaire verleden van West-Brabant.

Fietsen langs de Zuiderwaterlinie
In 1568 kwamen de Nederlandse gewesten in opstand tegen de landsheer, de Spaanse koning Filips II. Al snel werd duidelijk dat stadsmuren niet genoeg waren om de Spanjaarden tegen te houden. Dus werd er een nieuw verdedigingsmiddel ingezet: water! Door het inunderen – onder water zetten – van een strook land kon een leger niet verder oprukken. In 1648 vertrokken de Spanjaarden, maar de dreiging uit het zuiden bleef. Daarom ontwierp Menno van Coehoorn in de 17e eeuw een ingenieuze keten van waterlinies. Het Brabantse deel noemen we nu de Zuiderwaterlinie. Kijk voor nog veel meer informatie over de Zuiderwaterlinie op www.zuiderwaterlinie.nl.

Start in het centrum van Bergen op Zoom op de Grote Markt. Fiets links van Grand Hotel De Draak de Fortuinstraat in richting knooppunt 76. Onderweg kom je langs de Markiezenhof. Fiets vanaf 76 verder naar de knooppunten 79-12-11-59-58-53-51-45-77-81-78 en 43.

Let op. De halfverharde weg tussen 57 en 56 (langs het inundatiegebied) kan modderig zijn na flinke regenval.

*Vanaf knooppunt 43 kun je een extra uitstapje maken naar 42 voor de Blauwe Sluis en terug (4,5 km extra).

Fiets dan naar knooppunten 82-57-56-73-62-10-13-77-72-79 en 76. Bij 76 linksaf richting 75 tot aan de Grote Markt.

Alternatieve start met P:
Starten kan ook bij Fort de Roovere, Schansbaan 8, 4661 PN Halsteren. Hier is een parkeerplaats. Pak dan de route op bij knooppunt 10.

Is dit Vlaanderen? Je zou het bijna denken als je op de Grote Markt van Bergen op Zoom om je heen kijkt. Overal rond het plein staan monumentale panden, met vlak daarvoor aantrekkelijke terrasjes. Niets herinnert aan de verschrikkelijke belegeringen die Bergen op Zoom heeft moeten doorstaan. Bijvoorbeeld ten tijde van de Opstand, ook bekend als de Tachtigjarige Oorlog (1568-1648). De stad lag op een zeer strategische plek tussen Holland en Zeeland. Daarom verschenen de Spanjaarden twee keer met een leger voor de poorten: in 1588 en in 1622. Beide keren wist Bergen op Zoom het beleg te doorstaan. Na de eerste aanval werden de middeleeuwse stadsmuren vervangen door nieuwe vestingwerken. Die werden tussen 1698 en 1713 nog eens gemoderniseerd door de bekende vestingbouwer Menno van Coehoorn. Het resultaat bleek zo effectief dat het Bergen op Zoom de bijnaam ‘La Pucelle’ (De Maagd) opleverde: van alle vestingsteden was zij de meest onneembare.

Nadat in 1867 de vesting Bergen op Zoom was opgeheven, werden de meeste verdedigingwerken ontmanteld. Alleen Ravelijn op den Zoom (aan het eind van de route) laat nog iets zien van het ingenieuze ontwerp van Menno van Coehoorn. Bijzonder is ook de Gevangenpoort (of Lievevrouwepoort), de enige bewaard gebleven stadspoort van de middeleeuwse ommuring. Je komt erdoor aan het einde van de Fortuinstraat links de Lievevrouwestraat in te fietsen. Toen in 1484 het havengebied bij de stad werd getrokken, kwam de poort binnen de nieuwe ommuring te liggen en werd er een gevangenis van gemaakt. Dat bleef zo tot in 1931.

In 1747 bleek Bergen op Zoom toch niet helemaal onneembaar: Franse troepen hielden een veldtocht door de Zuidelijke Nederlanden en veroverden de stad na een beleg van twee maanden. Een enorme maquette van de vestingstad uit die tijd vind je in museum het Markiezenhof (Steenbergsestraat 8, www.markiezenhof.nl, di.-zo. 11-17 uur). De naam zegt het al: van 1485 tot 1727 woonden de markiezen van Bergen op Zoom in dit stadspaleis. Ook werd het Markiezaat vanuit hier bestuurd. Dat duurde tot de komst van de Fransen in 1795. Zij maakten van het paleis een militair hospitaal. Daarna werd het van 1815 tot 1957 gebruikt als kazerne. Nu kun je in het Markiezenhof door de vertrekken van de markiezen dwalen en alles over de geschiedenis van deze bourgondische vestingstad te weten komen.

Voorbij knooppunt 58 draait de weg richting de dijk. Ter hoogte van een herinneringskruis voor de Tweede Wereldoorlog kun je de dijk beklimmen. Dan zie je ook de resten van een oude sluis. Ooit stond op deze plek Fort Zeeland (of Fort Zeelandia). Het maakte deel uit van de Linie van de Eendracht, de eerste echte waterlinie in de Nederlanden. Toen aan het begin van de Opstand de Spanjaarden de Zeeuwse en Brabantse steden bedreigden, werd besloten tussen Brabant en het eiland Tholen een waterlinie aan te leggen. Hier stroomde destijds de Eendracht, een zijarm van de Schelde. Door polders aan de Brabantse kant onder water te zetten, ontstond een brede waterbarrière waar een vijandelijk leger niet doorheen kon. In 1583 stond de linie voor het eerst onder water. Een serie eenvoudige aarden verdedigingswerken zorgde voor extra bescherming. Een aantal daarvan werd in de periode 1619-1620 uitgebouwd tot forten met vier bastions en een natte gracht. Toen bleek dat de linie toch te kwetsbaar was, werd in 1628 begonnen met de aanleg van een nieuwe waterlinie tussen Bergen op Zoom en Steenbergen: de West Brabantse Waterlinie. De Eendrachtslinie werd daarna minder goed onderhouden. In 1712 konden Franse troepen daardoor de linie doorbreken en Tholen plunderen. De laatste resten van Fort Zeeland verdwenen tijdens de Watersnoodramp van 1953.

In de beginperiode van de Opstand werd het vestingstadje Steenbergen keer op keer veroverd en geplunderd. Daaraan kwam een einde toen in 1627 ten noorden van Steenbergen Fort Henricus werd aangelegd. Met een oppervlakte van 11,5 hectare was het relatief groot. Op het middenterrein was voldoende ruimte om 450 soldaten in tenten of barakken te herbergen. Het fort bewaakte niet alleen de toegang tot de haven van Steenbergen, maar ook een belangrijke sluis. Bij oorlogsdreiging stroomde via deze sluis zout water vanuit het Volkerak naar de laaggelegen gebieden ten zuiden van Steenbergen. In 1809 bracht Lodewijk Napoleon het fort voor een laatste keer in gereedheid toen een Britse invasie dreigde. Kort daarna verloor het fort zijn functie en verdwenen de contouren geleidelijk uit het landschap. Inmiddels is het fort grotendeels in oude glorie hersteld. Als al het werk gereed is, kun je weer over de wallen struinen.

Het is goed toeven in het historische hart van Steenbergen. De gezellige winkelstraten en talrijke terrasjes nodigen uit tot een aangename pauze. De haven aan de rand van het centrum herinnert aan de rol als doorvoerhaven tussen Vlaanderen en Holland in de middeleeuwen. Deze strategische ligging brak de stad op aan het begin van de Opstand: de verdedigingswerken waren zwak en steeds weer werd de stad belegerd, veroverd en heroverd. Pas na 1626, toen prins Maurits Steenbergen in handen kreeg, werd de stad uitgebouwd tot een onneembare vesting. Na het vertrek van de Spaanse troepen volgde de dreiging van de Fransen. Daarom werden de vestingwerken rond 1700 op aanraden van Menno van Coehoorn versterkt en gemoderniseerd. Daarna is Steenbergen nooit meer veroverd, zelfs niet toen de Fransen in 1747 Bergen op Zoom innamen. In 1827 werd de vesting opgeheven. Veel is sindsdien afgebroken en verdwenen, maar de hoofdgrachten rond het centrum herinneren nog altijd aan de ooit onneembare wallen en grachten.

Een waterlinie kan niet zonder sluizen. Zoals de Blauwe Sluis, gelegen op een eilandje omringd door drie kreken. Vanaf de 17e eeuw werd via deze sluis het omliggende land onder water gezet. Aan de westkant zorgde een langgerekte schans voor bescherming. De sluis dankt zijn naam aan de blauwe hardsteen, een bouwmateriaal dat ten tijde van de aanleg van de sluis nog niet veel werd toegepast. Als de steen nat werd, kleurde die donkerblauw. Overigens dateert de huidige sluis van 1822. De sluiswachterswoning ernaast is van 1835. De lange houten steigers aan weerszijden van de sluis vormen nu een heerlijk plekje om te relaxen of te picknicken.

De West Brabantse Waterlinie bestond uit een combinatie van vestingsteden, forten en een groot inundatiegebied tussen Steenbergen en Fort de Roovere. Als er oorlog dreigde, werd bij Steenbergen de sluis opengezet en stroomde zout water van het Volkerak zo het gebied binnen. Vanaf de fiets is goed te zien hoe laag het maaiveld ligt. Oorspronkelijk was dit dan ook een moeras. Al in de 13e eeuw werd hier turf en zout gewonnen. Het water links van het fietspad, Ligne of Bergsche Water geheten, is van oorsprong een gegraven turfvaart. Op strategische plekken rond het gebied stonden redoutes en batterijen. Als de vijand toch een poging deed de waterbarrière over te steken, werd hij hiervandaan met kanonnen bestookt. In de loop van twee eeuwen is dit deel van de West Brabantse Waterlinie zeven keer onder water gezet – in totaal zo’n vijftig jaar! Eerst waren het de Spanjaarden die moesten worden tegengehouden, daarna enkele keren de Fransen en tot slot in 1830 de Belgen, die zich van Nederland wilden afscheiden.

Fort de Roovere was én is het pronkstuk van de linie. Ten noorden van Bergen op Zoom lag een zandrug die te hoog was om onder water te zetten. Om dit gat in de verdedigingslinie te dichten, werd in 1628 een serie van drie forten gebouwd. Fort de Roovere was daarvan de grootste. Op het middenterrein stonden barakken, magazijnen en een commandeurshuis. Als er oorlog dreigde, woonde de commandant hier met zijn gezin. In 1727 en 1784 werd het fort versterkt en gemoderniseerd. Zo kwam er aan de oostzijde een extra verdedidingslinie van aarden wallen en een gracht. In 1816 verloor het fort zijn functie, maar inmiddels is het vestingwerk in ere hersteld. Een moderne toevoeging is de theateruitkijktoren Pompejus aan de noordzijde. Net als het fort is de toren vernoemd naar Pompejus de Roovere, die de bouw van de forten begeleidde. De pittige klim naar de top wordt beloond met een weids uitzicht over het inundatiegebied. Spannend is ook de Mozesbrug, waarbij je dwars door de gracht wandelt en toch droge voeten houdt. In informatiecentrum De Schaft leer je nog veel meer over het fort en de linie. En je kunt uitblazen met een kopje koffie.

Links van de weg is een deel van de liniewal uit 1727 weer zichtbaar gemaakt. Deze 5,5 km lange wal liep vanaf een stadspoort in Bergen op Zoom tot voorbij Fort de Roovere. Links van knooppunt 13 lag destijds Fort Pinssen. De contouren zijn herkenbaar als je de fiets neerzet en een wandeling maakt rond het door struiken en bomen veroverde fort. Het derde fort van deze linie, Fort Moermont, lag een stukje dichter bij de stad, maar werd na 1854 opgeruimd. Op deze plek liggen nu een woonwijk en een industrieterrein.

Ga bij knooppunt 72 linksaf voor een kijkje bij Ravelijn op den Zoom (na 400 m). Menno van Coehoorn begon in 1698 met de aanleg van machtige vestingwerken rond de stad. Daarbij hoorden acht ravelijnen, versterkte eilandjes in de vestinggracht. Daarvan is alleen dit ravelijn overgebleven. In de linkerflank was een kanonkelder, in de rechterflank een galerij voor musketvuur. Na een grondige renovatie is het ravelijn weer toegankelijk via een unieke drijvende brug aan de Noordsingel. Fiets dan terug naar knooppunt 72.