Pontjesroute Zwolle
Nederland, Overijssel, Zwolle
- 65
- 17
- 18
- 59
- 58
- 94
- 76
- 3
- 2
- 63
- 62
- 37
- 38
- 31
- 60
- 68
- 67
- 47
- 49
- 48
- 5
- 66
- 65
Vanuit Hanzestad Zwolle fiets je direct de IJsseldelta in, waar stad en rivier in elkaar overlopen. Zwier over hoge dijken door de uiterwaarden naar Hattem, Zalk en Hasselt. Eeuwenlang was de IJssel een belangrijke handelsroute en dat zie je terug in de steden. Veerpontjes helpen je onderweg comfortabel naar de overkant.
Tip: Je kunt deze route combineren met de Pontjesroute Hasselt (47 km) en de Pontjesroute Kampen (52 km), dan rijd je een lange pontjesroute van 93 km (de routes overlappen deels). Ook leuk: rijd elke dag een route en maak er een kleine fietsvakantie van.
Toegankelijkheid: de pontjes zijn niet toegankelijk voor brede duofietsen. En ook voor driewielers is het op- en afrijden van eede pontjes te riskant.
De gezichtsbepalende Sassenpoort torent hoog boven de omliggende gebouwen uit. Het is de enige overgebleven poort uit de ommuring van de stad. Deze poort stamt uit het begin van de vijftiende eeuw en je kunt goed zien dat het in die tijd, de tijd van de Hanze, Zwolle zeer welvarend was.
Vaarschema van 24/04 tot 31/10: dagelijks tussen 10:00 en18:00 uur. € 1,75 per persoon met fiets.
Tussen de noordrand van de Veluwe en de IJssel ligt het pittoreske Hattem. De Hanzestad is al eeuwen een inspiratiebron voor kunstschilders. Niet zo verwonderlijk: de stad is niet alleen ‘fotogeniek’, het ligt ook nog eens in
een fraaie omgeving met bos en water op steenworp afstand.
In het Nederlands Bakkerijmuseum ontdek je de wereld van brood en banket. Je ziet oude bakkerijen en gereedschappen, ruikt versgebakken brood en kunt meedoen aan bakdemonstraties en kinderactiviteiten. Voor jong en oud is er van alles te beleven, met als smakelijke pauze de poffertjessalon. Geopend: Dinsdag t/m vrijdag: 11.00 – 16.00 uur, zaterdag: 10.00 – 17.00 uur. Entree: Volwassenen: € 9,50, Kinderen (4–12 jaar): € 7,50, Museumkaart: gratis. Het reserveren van een bezoektijd is verplicht.
Het Voerman Stadsmuseum Hattem (Achterstraat 46 – 48) is gevestigd in Hattem in twee prachtige oude herenhuizen. U wordt verwelkomd door onze gastvrije medewerkers om kennis te komen maken met de collectie schilderijen van Jan Voerman senior, Jan Voerman junior, Jo Koster en vele anderen. Openingstijden: maandag gesloten, dinsdag t/m zaterdag 10:00 - 17:00, zondag 13:00 - 17:00.
Het museum laat zien hoe de sprookjes uit de Efteling tot stand zijn gekomen, van ontwerpschets tot definitieve vorm. De jeugd kan door het museum dwalen met een speurtocht. Meer info op de site van het museum.
Achtkantige stellingmolen De Fortuin heeft een rijkere historie dan het jaartal in de gevelsteen doet vermoeden. De molen is een vervanging van een molen die in 1808 is omgewaaid. De oude molen is lange tijd buiten gebruik geweest. In 1970/’71 is de molen gerestaureerd en wordt nu weer regelmatig gebruikt.
Het pittoreske Hattem is het decor van deze 14-eeuwse poort, die in 1908 van architect Pierre Cuypers z'n torens kreeg en in 2012 volledig werd gerenoveerd. De Dijkpoort maakte deel uit van de omwalling dat uit meerdere poorten en verdedigingstorens bestond.
Net voorbij Zalk had u in de middeleeuwen aan uw rechterhand Kasteel Buckhorst kunnen zien liggen. Het kasteel speelde een grote rol in dit gebied. Zalk en Veecaten vielen onder het beheer van de Heren van Buckhorst.
Het dorp van kruidenvrouwtje ‘Klazien uut Zalk’ genoot tot haar dood in 1997 landelijke bekendheid. Wie het weggetje neemt dat naar het Zalkerveer loopt, komt langs een met bomen begroeid stukje uiterwaard dat bekend staat als het Zalkerbos. Het gebied herbergt veel bijzondere planten en kruiden.
Vaarschema van Fiets-voetveer Zalk – ’s Heerenbroek cvan 01/04 tot 31/10: dagelijks tussen 10:00 en 18:00 uur. € 1,40 per persoon met fiets. Actuele informatie over vaartijden van dit veer op de website.
Geniet van de beroemde appeltaart én het indrukwekkende uitzicht op het rivierenlandschap. Bij het Theehuis stappen veel fietsers, wandelaars en rolstoelers op een klein pontje. Dit Zalkerveer brengt passagiers tussen ’s-Heerenbroek en Zalk naar de overkant van de IJssel.
De pluktuin en theetuin bevinden zich aan de polderkant van de Hasselterdijk, tegenover de boerderij op nr 57. In de grote moestuin en snijbloementuin worden in het seizoen dagelijks kleurrijke boeketten geplukt. Open van juni tot oktober en in mei op afspraak. Kijk voor meer informatie en openingstijden op de website.
Wanneer je van Hasselt naar Genemuiden rijdt kom je over de Zwartewaterbrug bij Hasselt. De bouw van de brug heeft veel strijd gekost. In de Hanzetijd werden plannen voor een brug door handelsconcurrent Zwolle tegengehouden. In 1828 werd de eerste brug aangelegd, deze werd in 1896 vervangen.
De Grote of Sint Stephanuskerk is de kerk die het aanzicht van Hasselt domineert.
De plek waar de Sint Stephanuskerk staat is bijzonder en wordt van oudsher de Heilige Stede genoemd. Hier zouden wonderen hebben plaatsgevonden. Nog steeds wordt er op de tweede zondag na Pinksteren een processie gehouden en daarmee wordt een middeleeuwse traditie voortgezet.
Net buiten Hasselt staat een achtkantige bovenkruier op een bakstenen onderstuk.
De Stenendijk is de laatste gemetselde zeewering die nog is overgebleven in Nederland; een unieke bezienswaardigheid dus! De dijk is een kilometer lang en loopt van Korenmolen De Zwaluw tot Gemaal Streukelerzijl. De historische zeewering is een rijksmonument en werd in 1982 gerestaureerd.
Het is hier mogelijk om rivier de Overijsselse Vecht over te steken met een voetveer, het Haersterveer, dat jaarlijks vaart van ca. 1 mei tot 1 oktober. Een tochtje met uitzicht op de bossen van De Agnietenberg. Wanneer het veer niet vaart: volg vanuit Zwolle 67-47-69-68, vanuit Hasselt: 68-69-47-67. Vaarschema 2026: van 27/04 tot 30/09: maandag t/m zondag tussen 10:00 en 18:00 uur. Meer info over het veer en de vaartijden op de website.
Een mobiele melktap waar je op elk moment biologisch geproduceerde verse producten kunt kopen. Naast rauwe melk hebben ze hier ook eieren, vlees, honing en kaas, allemaal van eigen boerderij of uit de omgeving.
Oliemolen van bijna 250 jaar oud (1776) en nog steeds in werking.
De Zwolse stadsgrachten blijven op peil dankzij water uit het Almelose Kanaal. Het hoofdkanaal loopt van Zwolle naar Almelo, met zijtakken vanaf Lemelerveld naar Deventer en van Vroomshoop naar de Vecht. De Gedeputeerde Staten van Overijssel besloten in 1847 tot aanleg van deze kanalen, om Zwolle en Deventer beter te verbinden met de opkomende textielindustrie in Twente. In plaats van goederenvervoer dient het Overijssels Kanaal tegenwoordig vooral als afwateringskanaal.
De infrastructuur in Overijssel was niet berekend op de industrialisatie van de vroege negentiende eeuw. Spoorwegen waren er nog niet, straatwegen waren ongeschikt voor bulkvervoer en rivieren en beken waren lang niet altijd bevaarbaar. Een kanaal leek de oplossing. In 1852 begon de Overijsselse Kanalisatie Maatschappij (OKM) de bestaande Nieuwe Wetering uit te diepen tot aan het huidige Laag Zuthem. Vandaar ging het dwars door de praktisch onbewoonde binnenlanden van Salland naar de Regge. Op 1 augustus 1853 zetten de eerste Reggezompen via het kanaal koers richting Zwolle. Twee jaar later was het kanaal naar Almelo doorgetrokken. In de plannen werd het kanaal opgedeeld in 4 secties. Elk deel kreeg een nummer en werd een op zichzelf staand project. Zo kon men voor de volgende trajecten ervaring opdoen en van eerder gemaakte fouten leren. De OKM moest de plannen voorleggen aan de oppertoezichthouder van Waterstaat te Arnhem. De minister van Binnenlandse Zaken verleende uiteindelijk zijn goedkeuring. De ingenieurs van de OKM vonden dit systeem vaak lastig, omdat het soms maanden duurde voordat een bestek was goedgekeurd.