Zwerven door de Brabantse Kempen

Nederland, Noord-Brabant, Oostelbeers

Bossen, vennen en uitgestrekte heide: dat is de Kempen ten voeten uit. Het Brabantse dorp Oostelbeers dat samen met Oirschot en Spoordonk een gemeente vormt, ligt midden in de Kempen. Vroeger was dit gebied met schrale heidevelden de armste streek van Noord-Brabant. Boeren hadden een tekort aan mest en leidden een zwaar bestaan. Tijdens de vorige eeuw werd het gebied op grote schaal ontgonnen, waardoor veel van het oorspronkelijke landschap geheel van de kaart verdween. Gelukkig zijn er prachtige natuurgebieden overgebleven, waar je eindeloos kunt zwerven. Deze wandeling is op haar mooist wanneer de heide in bloei staat en er talloze kleurrijke vlinders rondfladderen.

1. Vanaf het Kerkplein gaat u linksaf, Kerkstraat volgen. Op driesprong met Andreasstraat linksaf richting Middelbeers, voetpad aan linkerzijde weg. Zandweg links negeren. Na bruggetje gaat Andreasstraat over in Hertog Janstraat.

2. Eerste straat linksaf, Sportparklaan. Meteen na bocht naar rechts gaat u bij een groene elektriciteitskast linksaf, de Kaarsenmaker in. Voor eerste straat rechts (Pompenmaker) gaat u linksaf langs hek van sportveld, zodat u de Kleine Beerze aan de rechterzijde hebt.

3. Na een bruggetje rechtdoor. Op kruising met verharde weg rechtsaf, brug over. Einde weg, op voorrangsweg linksaf via het fietspad. Bij huisnr. 25 rechtsaf, verkeersweg oversteken en rechtdoor, Burgerwalweg. Wordt verderop onverhard.

4. Einde weg in bos (bij Speelbos De Konijnenberg) linksaf. Op kruising van zandwegen rechtsaf, zandwegen rechts negeren. Bij handwijzer rechtdoor richting ‘wandelroute’, langs het Wit Hollandven, een van de Brabantse vennen. Via een klaphek gaat u de Landschotsche Heide op.

5. Na het klaphek een smal pad volgen langs het Kromven (links). Pad rechtdoor volgen en klaphek rechts negeren. Pad wordt brede zandweg, een klaphek door. Aan het einde van het pad linksaf. Op kruising bij wandelknooppunt 90 rechtdoor, richting 91.

6. Na klaphek rechtsaf, brede zandweg met bochten volgen. Bij splitsing (knooppunt 91) zandweg linksaf (richting 81), zodat u een rood paaltje aan uw rechterhand passeert.

7. Bij het Keijenhurkven de bocht linksom volgen, zodat u het water aan uw rechterhand krijgt. Blijf de brede zandweg over de heide volgen. Op kruising na klaphek (knooppun 81) rechtsaf. Zandweg met naastgelegen fietspad met bocht naar links. Aan de rechterhand volgt Berkven en een slingerende geul in een weiland. Negeer de bocht naar rechts in het fietspad en volg het brede zandpad rechtdoor.

8. Einde weg de asfaltweg (Stroomkesberg) oversteken en aan overzijde linksaf, fietspad volgen. Bij Camping De Kempenzoom rechtsaf. (Voor een bezoek aan kantine ’t Hert op de camping kunt u hier desgewenst links afslaan.) De route gaat rechtdoor via een zandweg.

9. Bocht naar links om de camping heen volgen. Rechtdoor, u passeert driemaal een rood-witte afsluitpaal. Op een vijfsprong scherp rechtsaf. Bij de hoek van het akkerland linksaf, een zandpad inslaan.

10. Einde weg, vóór het water, linksaf. Vervolgens rechtsaf via de brug en aan overzijde Kleine Beerze linksaf. Bij een breed zandpad tegenover een rood-wit hek (waar u wat verderop een bankje ‘Muystermolen’ ziet staan) rechtsaf en meteen op driesprong linksaf. Op splitsing linkerzandpad aanhouden. Aan het eind van het zandpad gaat u op de verharde weg rechtsaf.

11. Vrijwel meteen oversteken naar zandweg linksaf. U passeert een toren (rechts een eind verderop in het veld). Vóór bruggetje rechtsaf. Bospad volgen met bocht naar links. Op zandpad naar links (bij boom met wit-geel geverfde markering). Einde weg op verkeersweg rechtsaf, fietspad. De bebouwde kom van Oostelbeers in; in het centrum rechtsaf, via Kerkstraat naar de kerk.

Vroeger traden de beken rond Oostelbeers en Middelbeers, tot groot ongenoegen van de boeren, regelmatig buiten hun oevers en vormden ze een moeras. Een van die Brabantse beken is de Kleine Beerze, die ontspringt bij het plaatsje Duizel. Ongeveer twaalf kilometer noordwaarts stroomt de Kleine Beerze precies tussen Middelbeers en Oostelbeers in. Een paar kilometer verder, bij Landgoed De Baest, mondt het riviertje in de Beerze uit. De Kleine Beerze stroomt voornamelijk door agrarisch gebied en is vrijwel geheel gekanaliseerd. Delen van de Beerze zijn tegenwoordig tot natuurgebied uitgeroepen, zodat hier zelfs de orchidee zijn plekje in het landschap heeft veroverd.

Ongeveer twee eeuwen geleden kende Brabant ruim 2000 grote en kleine meertjes op de heide. Door ontginning van het gebied en daling van de grondwaterstand is meer dan de helft van de vennetjes inmiddels verdwenen. Dankzij natuurbeschermers worden de overgebleven 800 vennetjes gekoesterd en met zorg in stand gehouden, waaronder het Wit Hollandven.

De Landschotsche Heide telt vijf uitgestrekte vennen, waaronder het Kromven. Met ruim zeventig broedvogelsoorten is het vennengebied een van de vogelrijkste gebieden van Brabant. Onder andere de waterral, zwarte stern, wulp, tureluur en korhoen broeden hier jaarlijks.

Het Keijenhurk is het grootste ven op de Landschotse Heide. Naast watervogels en steltlopers, zoals de groenpootruiter, komen er rond de vennen veel libellen voor. Er vliegen hier maar liefst 24 soorten rond! Daaronder bevinden zich ook de zeldzame Kempense heidelibel en de gevlekte witsnuitlibel.

Ooit was een derde van Brabant bedekt met heidevelden. Boeren lieten hun schapen op de heide grazen en bemestten hun akkers met schapenmest. Met de komst van de kunstmest werden de schapen overbodig. De heide veranderde in vruchtbare landbouwgrond en op andere delen groeide de heide dicht met bomen. Gelukkig hebben natuurbeschermers nog op tijd stukken heidegrond aangekocht en deze in de oorspronkelijke staat teruggebracht. Sinds 1973 is de Landschotse Heide een beschermd natuurmonument, dat in beheer is bij 17 eigenaren. Grazende runderen zorgen ervoor dat de heide niet dichtgroeit met bomen en dat er een grotere variatie van de heidevegetatie ontstaat.