Rotondes en hun regels

Hoe neem je een rotonde? Wanneer moet je richting aangeven en hoe zit het nou eigenlijk met fietsers? Raadsels en regels over rotondes uitgelegd.

 

Een rotonde: wat heb je eraan?

Veel! Je ziet ze steeds vaker de plaats van kruisingen innemen. En dat is niet zomaar, ze zijn namelijk veiliger: 50% minder verkeersongelukken en 75% minder letsel en verkeersdoden versus kruisingen met verkeerslichten. Andere voordelen: het verkeer stroomt sneller door en er is minder onderhoud nodig, doordat er geen verkeerslichten zijn.

 

1. De turborotonde

Bij een turborotonde kun je geen rondje rijden tot je de goede afrit tegenkomt. Je moet je vóór de rotonde al oriënteren op de goede strook. Dat betekent dat je goed naar de bewegwijzering moet kijken en tijdig de strook met de goede pijlen kiest. Met markering of verhoogde randen zijn er scheidingen gemaakt tussen de verschillende routes; op de rotonde zelf kun je niet meer van strook wisselen. Kies je dus niet tijdig de juiste strook, dan kan dat verkeerd uitpakken en moet je de rotonde verlaten op een plek die je niet had voorzien. Je ziet turborotondes veel buiten de bebouwde kom.

2. Welke snelheid?

Een rotonde neem je bij voorkeur in de tweede of derde versnelling, met een snelheid van 20 tot 30 kilometer per uur. Op die manier kun je de andere weggebruikers, de bewegwijzering, verkeersborden en de voorrangssituatie goed inschatten en passeer je comfortabel de rotonde. Op de rotonde zelf houd je deze snelheid aan, pas na het verlaten geef je weer gas bij. Bij een turborotonde kan de snelheid op de rotonde zelf iets hoger liggen.

3. Wie heeft voorrang?

Een rotonde is in de wet niet vastgelegd als voorrangsweg, maar in de praktijk wordt tegenwoordig bijna op elke rotonde de voorrang door borden geregeld. Is dat niet zo, dan geldt de regel dat rechts voor gaat. Het is belangrijk dat je de voorrangssituatie goed in je opneemt: wat zeggen de verkeersborden, zijn er haaientanden? Een zebrapad?

4. Rotondes en voetgangers

Bij een voetganger geldt: is er een zebrapad? Dan moet de voetganger voorgelaten worden. Als de automobilist een rotonde nadert en er is geen zebrapad, dan moet de voetganger de automobilist voor laten gaan. Wil een automobilist de rotonde verlaten, en de voetganger niet, dan moet de voetganger voorgelaten worden. Hij of zij blijft immers de rotonde volgen. Toch zie je dan niet altijd haaientanden op het wegdek staan.

5. En dan fietsers...

Alles valt of staat met wáár de fietser rijdt en hoe de rotonde eruitziet. Er is een verschil tussen een fietsstrook en een fietspad: een fietsstrook ligt óp de rijbaan en is meestal van rood asfalt. Hier gelden dezelfde voorrangsregels als op de rotonde: bestuurders óp de rotonde hebben voorrang. Een fietspad ligt náást de rijbaan. Ligt het fietspad dicht bij de rotonde (<8 meter) dan hoort het fietspad bij de rotonde en verleent afslaand verkeer voorrang aan het rechtdoorgaande fietsverkeer (rechtdoor op dezelfde weg gaat voor). Ligt het fietspad verder van de rotonde, dan kun je de kruising met het fietspad zien als een nieuw kruispunt. Fietsers verlenen dan voorrang aan het verkeer dat van of naar de rotonde rijdt.

6. Richting aangeven ja/nee

Alleen als je de rotonde verlaat, ben je verplicht rechts richting aan te geven. Je ziet ook automobilisten, als ze een rotonde oprijden, richting aangeven naar links. Oftewel, ze nemen de rotonde driekwart. Dat is géén wettelijke eis, maar het maakt wel duidelijk wat de bestuurder van plan is.

Zie ook:
ANWB en verkeersveiligheid

Voorrang

Strepen op de weg

Invoegen