logo ANWB - ga naar homepageANWB Homepage

12x de mooiste bezienswaardigheden van Málaga

Bekijk de onbekende werken van Picasso in zijn geboorteplaats, laat een visspies grillen bij El Mercado Central de Atarazanas en geniet op de kasteelmuren van Castillo de Gibralfaro van het uitzicht over de stad. Dit zijn de mooiste bezienswaardigheden van Málaga.

Wat te doen in Málaga?

In deze mediterrane havenstad laat de zon zich driehonderd dagen per jaar zien. Grote kans dus dat het strand Malagueta lonkt, maar de stad heeft ook tal van indrukwekkende bouwwerken. Zoals het Moorse fjord Alcazaba uit de 9de eeuw en de kathedraal met als bijnaam ‘La Manquita’ (de eenarmige dame). Ook aan kunst geen gebrek. Zelfs op straat barst het ervan: in de wijk Soho zie je links en rechts indrukwekkende street art.

Ontdek de mooiste bezienswaardigheden in Málaga en boek uitjes met 4% ledenvoordeel bij GetYourGuide.

1. Bekijk nooit eerder getoonde werken van Picasso

We trappen af met het bekendste museum van de stad: het Picasso Museum Málaga in de oude Joodse wijk. Het is gevestigd in het mooie Palacio Buenavista, een gerestaureerd paleis uit de 16de eeuw. Eenmaal binnen wacht je een collectie van zo’n tweehonderd kunstwerken, van schilderijen tot beelden en schetsen. Waar je in Barcelona, Madrid en Parijs de bekende werken van Picasso ziet, word je hier verrast door creaties van de eerste en laatste periode van de meester. En die zijn voor een groot deel familiebezit. Een aantal stukken is zelfs nooit eerder in een ander museum getoond. Daarnaast vind je in dit museum ook wisselende tentoonstellingen.

Iets verderop, aan de Plaza de la Merced, staat recht achter het standbeeld van Picasso zijn geboortehuis. De woning is omgetoverd tot een klein museum, waar je spullen en kledingstukken van het gezin van Picasso ziet. Het is bijzonder om de plek te ervaren waar de jonge Pablo begon met tekenen en schilderen.

2. Een van de oudste Romeinse theaters van ‘t land

Aan de straat Calle Alcazabilla, midden in het historisch centrum van Málaga, staat het Teatro Romano. Een van de oudste Romeinse theaters van Spanje. In 1951 werd het toevallig ontdekt, toen de tuinen ‘Los Jardines del Palacio de Archivos y Bibliotecas’ werden aangelegd voor de ingang van het cultuurhuis La Casa de la Cultura. Men schat dat het Teatro Romano in de eerste eeuw voor Christus werd gebouwd. Toen heerste keizer Caesar Augustus, de eerste keizer van het Romeinse Rijk, die de opdracht gaf voor de bouw. Tot vandaag de dag vinden archeologen rond deze locatie nog steeds allerlei gebruiksvoorwerpen.

De restauratie is in 2011 na tientallen jaren voltooid. Het Teatro Romano bestaat uit drie delen: de tribunes, de orkestbak en het podium. Tijdens de opgravingen bleek dat het theater niet volledig was. De Moren hebben na de 3de eeuw elementen uit het Teatro Romano gebruikt om het Alcazaba te herstellen. Bezoek je ook dit Moorse bouwwerk, dan zie je daar enkele ontbrekende stukken. In de doorgang ‘Puerta de las Columnas’ zijn bijvoorbeeld marmeren zuilen verwerkt.

3. Het Moorse fort Alcazaba uit de 9de eeuw

Laten we meteen wat meer vertellen over het Alcazaba van Málaga. Het is een Moors fort, waarvan de basis uit de 9de eeuw stamt. Het werd gebouwd door Caliph Abd er Rahman I, als verdedigingswerk. Bovenop Romeinse ruïnes. In de 11de eeuw is het fort vervolgens uitgebreid door Badis ibn Habus, Emir van Granada. Het had de functie om de stad tegen vijanden van buitenaf te beschermen. Aan de voet van de Gibralfaro heuvel vonden ze daar een goede plek voor. In 1487 werd het Alcazaba, na de herovering van Málaga, door het katholieke koningspaar in gebruik genomen als paleis.

Aan de mix van islamitische en Spaanse architectuur zie je goed de verschillende invloeden die de regio hebben gevormd. Niet alleen de historie van deze plek is interessant voor een bezoek, ook komen de mensen hier graag voor de mooie tuinen, fonteinen en knusse binnenplaatsen. En dan hebben we het nog niet eens over het indrukwekkende uitzicht over de stad. Onvergetelijk.

4. Ontspannen in een Arabisch badhuis

De hammams kennen een lange geschiedenis in Andalusië. Ze worden ook wel Moorse of Arabische baden genoemd. Ze ontstonden in tijden van de Moorse overheersing, met verschillende ruimtes zoals een koude, warme én hete kamer. Nog steeds vind je in deze regio hammams die lijken op hun eeuwenoude voorlopers. Maar dan met een modern randje. Zelf ervaren? In Málaga vind je Hammam Al Ándalus, naast de oude Arabische stadsmuur in hartje stad, op een paar minuten lopen van Plaza de la Constitución. Hier kom je zowel lichamelijk als geestelijk weer tot rust na het zien van al die bezienswaardigheden.

Het ontwerp is geïnspireerd op de Nasridpaleizen, de koninklijke paleizen binnen het Alhambra in Granada. Denk aan kleurrijke mozaïeken, indrukwekkende pilaren en gewelfde plafonds. Naast verschillende baden kun je hier ook ontspannen in de theeruimte of tijdens een van de behandelingen. Een gezichtsmassage bijvoorbeeld. Het kaarslicht in de Arabische baden maakt het extra sfeervol.

5. De kathedraal: ‘de eenarmige dame’

Op het plein Plaza del Obispo staat de kathedraal te pronken, al heb je de toren vast en zeker al op een afstand gezien. Het is ontworpen door Diego de Siloe en gebouwd tussen 1528 en 1782. Op de plek waar in de 8ste eeuw nog een moskee stond. Dat is nu alleen nog te zien aan de binnentuin met sinaasappelbomen. De bedoeling was dat de kathedraal in Renaissancestijl werd gebouwd, maar die stijl is alleen te zien in het interieur en de tempeldeuren. Tijdens de 200 jaar veranderden de bouwstijlen. Zo is de basis van de kerk in gotische stijl en de decoratie van de voorgevel in barok. Wat opvallend is, is dat er een toren mist; het geld was op. De kathedraal draagt om die reden de bijnaam La Manquita. Oftewel: de eenarmige dame.

Stap je de kerk binnen, dan zie je veel kapellen en 42 sculpturen die zijn gemaakt door Pedro de Mena, Ortiz de Vargas en Giuseppe Michael Alfaro. Het 17de eeuwse priesterkoor is geheel uit hout gesneden en de orgels hebben meer dan vierduizend (!) pijpen.

6. De berg op naar het Gibralfaro kasteel

In de haven van Málaga heb je goed zicht op de Gibralfaro berg. Daar prijkt Castillo de Gibralfaro, het Gibralfaro kasteel uit de 14de eeuw dat destijds als doel had om het lagergelegen Alcazaba te verdedigen. Over de bergrug lopen de verdedigingsmuren naar de top op 130 meter hoogte. Het kasteel werd nog tot 1925 door de Spanjaarden als militaire uitvalsbasis gebruikt.

Vanuit het historische centrum kun je al wandelend naar het kasteel Gibralfaro. Bereid je voor op een pittige klim, want het zijn steile voetpaden. Heb je boven nog wat puf over, dan kun je het nog wat hogerop zoeken. Via de trappen kom je op de kasteelmuren, waar je een mooi zicht hebt over Málaga, de haven en de kustlijn. In het kasteel zelf vind je een klein museum met kleding van soldaten, wapens en voorwerpen; de oudste komen uit de 15de eeuw. Er is ook een maquette van Málaga tijdens de Moorse overheersing. Zo zie je dat de haven vroeger nog een baai was en het centrum werd beschermd door een vestingmuur.

Tip: het pad ligt in de volle zon. Bij hoge temperaturen is het dan ook fijner om ’s morgens of ’s avonds deze klim te maken.

7. De haven van Málaga: van cruiseschepen tot vissersbootjes

De haven van Málaga behoort tot een van de oudste ter wereld. Ze bestaat namelijk al ruim 3000 jaar. Vandaag de dag wisselen cruiseschepen en kleine vissersboten er elkaar af. De haven bestaat uit Muelle Uno en Muelle Dos, twee pieren die zorgen voor een levendige boulevard. Loop je vanuit het centrum naar de haven, dan kom je eerst op de Muelle Dos, vervolgens loop je de Muelle Uno op die eindigt bij de witte vuurtoren. Daar vind je ook Malagueta, het bekendste strand van Málaga.

Flaneer over de boulevard, ga even zitten op een bankje om naar de boten te kijken en strijk neer op het terras om wat te eten. Ga er maar van uit dat hier ‘espeto de sardinas’ op het menu staat: een spies met gegrilde sardientjes, bestrooid met grof zeezout. Een lokale lekkernij. Was je in het centrum nog niet uitgewinkeld, dan vind je in de haven nog ruim zestig winkels. Of ga vanaf de Muelle Uno het water op met een van de boten, voor een tochtje door de Bahía de Málaga. Ook kunstliefhebbers komen in de haven aan hun trekken: hier staat het Centre Pompidou Málaga.

8. Centre Pompidou met kleurige kubus op ‘t dak

Centre Pompidou Málaga opende begin 2015 zijn deuren en is de eerste dependance buiten Frankrijk van het beroemde Centre Pompidou in Parijs. Het moderne, kleurige, glazen gebouw springt meteen in het oog op de Muelle Uno. Het heeft de vorm van een kubus, vandaar ook de bijnaam El Cubo. Ontworpen door Javier Pérez de la Fuente en Juan Antonio Marín Malavé. En kunstenaar Daniel Buren heeft de kleurrijke installatie gecreëerd. Binnen vind je een vaste collectie van meer dan negentig kunstwerken van onder andere Picasso en Miró. Stuk voor stuk afkomstig uit het Centre Pompidou in Parijs. Ook is er een verdieping met ruimte voor tijdelijke tentoonstellingen, inclusief een winkel.

Het Franse Centre de Pompidou heeft een enorme collectie, waarvan veel zich in de opslag van het museum bevond. Zonde. Daarom werd besloten om een dependance te openen, om ook met deze collectie geld op te kunnen halen. In Málaga werd Centre Pompidou geopend, met zo’n negentig stukken in bruikleen van het Parijse moedermuseum. De collectie is verdeeld over zes verschillende ruimten, verdeeld in zes thema’s. De een nog interessanter dan de ander.

9. Verse waren op de El Mercado Central de Atarazanas

In het historische centrum, op de plek waar in vroeger tijden schepen werden hersteld, staat nu El Mercado Central de Atarazanas. Vandaar ook de naam ‘Atarazanas’, Moors voor scheepswerf. De waterlijn lag destijds tot aan de oude stadsmuur. Later werd Mercado Atarazanas ook nog als militaire opslag en hospitaal gebruikt. Na de sloop in 1868 werd tussen 1876 en 1879 de huidige markt gebouwd in een Neo Múdejar stijl.

Ook mooi: de achtergevel is van gekleurd glas, waarin je allerlei taferelen uit het verleden ziet.

Bij Mercado Atarazanas barst het van de verse producten. De Málagueños komen er dan ook graag om hun verswaren in te slaan. Je vindt hier drie grote hallen: één met vlees, één met vis en één met groenten en fruit. De marktkooplieden laten je graag van alles proeven. Niet om opdringerig te verkopen, maar omdat ze trots zijn op hun producten. Acute trek? Bij de kleine barretjes kun je een drankje met verse tapas bestellen. Perscaíto frito bijvoorbeeld; gefrituurde vis. Veel marktbezoekers wandelen na de boodschappen nog even door naar de oudste bodega van Málaga, Antigua Casa de Guardia, ‘om de hoek’. Een leuke plek om de typisch zoete Málaga wijn te proeven.

10. Streetart spotten in de wijk Soho

Waar Soho nog niet zo lang geleden een achterstandswijk aan de rivier was, is het nu de hipste wijk van de stad. In 2013 lanceerde de gemeente het project MAUS (Málaga Arte Urbano Soho), en dat resulteerde in een vrolijke en artistieke plek. Bekende internationale kunstenaars werd namelijk gevraagd om grote en kleine muurschilderingen te maken. Het werden er tientallen, van de beroemde knaagdieren van ROA tot de enorme schilderingen van D*Face en Obey op een flatgebouw. Ook zie je allerlei muurschilderingen die niet in opdracht zijn gemaakt, maar wel door de gemeente zijn toegestaan. De meeste schitteren langs de rivierbedding. Al met al kun je spreken van een geweldig openluchtmuseum.

Er trekken heel wat toeristen naar deze wijk, maar niet alleen voor de street art. Authentieke gevels krijgen een opknapbeurt, sommige straten zijn autovrij gemaakt en  ook poppen er steeds meer gezellige restaurants, hotels en hippe barren op. Hier weet je je dus wel even te vermaken.

11. De tuin Jardin Botanico Historico La Concepcion

Ben je toe aan wat rust na de drukte van de stad, of wat verkoeling op een warme dag? Op naar Jardín de la Concepción, een van de grotere botanische tuinen in Europa met bomen en planten van over de hele wereld. Het ligt zo’n 5 kilometer ten noorden van het centrum, maar het is ‘de reis’ meer dan waard.

In 1855 kochten de rijke markies en markiezin van Loring wat landgoederen op en voegden deze samen tot een grote tuin. De Franse tuinarchitect Jacinto Chamoussent werd in de arm genomen, om voor het ontwerp te zorgen. In 1911 werd de tuin aan een familie uit Bilbao verkocht. Nadat het landgoed verwilderde, kocht de gemeente Málaga het in 1990. Vier jaar later werden de botanische tuinen opengesteld voor publiek.

Je kunt hier verschillende wandelingen volgen naar ruim drieduizend soorten bomen en planten. Denk aan ficussen, magnolia’s en cipressen. Volg je het pad 'Ruta de los miradores', dan kom je langs wat mooie uitzichtpunten over de stad en de bergen van Montes de Málaga.

Ook leuk: het tropische gedeelte met gigantische palmbomen, kleine watervallen en een vijver.

12. Nog even gamen in het OXO Videogame Museum

Fans van videogames moeten op de Plaza del Siglo zijn. Daar vind je namelijk OXO Videogame Museum: een museum over videogames. Hier duik je in het verleden, heden en de toekomst ervan. En het leuke is: vrijwel het hele museum is interactief. De reis begint met een bijzondere ervaring in de 3D Immersive Room, waar het lijkt alsof je deel uitmaakt van een videogame. Vervolgens word je ondergedompeld in de geschiedenis van videogames, ga je spelen op historische apparaten en ontdek je de nieuwste trends in deze sector.

Waarschijnlijk komen er allerlei herinneringen bovendrijven. Van je eerste gameboy tot Tetris en Space Invaders. Op de eerste verdieping vind je een grote verzameling gameconsoles, waarvan je met de meeste een game kunt spelen. Uitgespeeld? Ga nog even het dak op, naar Cathedral Terrace. Daar wacht je een geweldig uitzicht over Málaga.