logo ANWB - ga naar homepageANWB Homepage

Culinaire roadtrip door Bretagne

Met de camper langs de GR34

Rubriek:EN GAAN


Topbestemming

Ruige kliffen en roze granietrotsen, een azuurblauwe zee en oesters op de kade. De GR34 is het mooiste kustpad van Frankrijk – en het beste excuus om Bretagne te ontdekken in je eigen tempo.

Sandra Ysbrandy

Televisiekok

Langs de GR34

Het is maar acht uur rijden vanuit Nederland en je staat aan de grilligste kust van Frankrijk. Hier vind je een overvloed aan ruige kliffen, verlaten baaien, vuurtorens en surfspots.

En overal langs de route een keuken die puur is – precíes zoals de streek zelf – met verse oesters, langoustines, mosselen, gezouten boter, aardbeien, cider en boekweitgalettes.  

Wij volgen de GR34. Het sentier des douaniers – het kustpad dat ooit door douaniers werd gelopen om smokkelaars te onderscheppen langs de Bretonse kust. In de jaren zestig is deze route opnieuw ontdekt en gemarkeerd met de vertrouwde rood-witte strepen.

Tweeduizend kilometer lang.  

Je hoeft hem niet in één keer te lopen. Wij reden de route in etappes met de camper, van de Mont Saint-Michel in het noorden tot Vannes in het zuiden – ruim achthonderd kilometer.

Elk stukje kust is weer anders.

Roze granietrotsen, hoge kliffen, kleine stille baaien, stranden met foodkarretjes en overal die azuurblauwe zee. De Bretonse noordkant voelt ruig en authentiek, de zuidkust is bijna tropisch met palmbomen.

De magie van Mont Saint-Michel

De eerste nacht staan we op de Aire de Camping-Car de Mont Saint-Michel, direct aan het fietspad naar het eiland. We staan vroeg op, om de magie van de beroemde abdij te kunnen ervaren. Eerst nemen we de fiets vijf kilometer langs het water en te voet lopen we het laatste stuk.  

Het beroemde silhouet van de Mont Saint-Michel rijst op boven de schorren waar Suffolk-schapen met hun zwarte kopjes grazen. Tijdloos en mystiek, met in ons achterhoofd dat deze abdij in de middeleeuwen is gebouwd op een granieten rots, omgeven door de gevaarlijkste getijden van Europa.

Gedreven door geloof en gebouwd met niets anders dan blote handen. 

Cancale: oesters en specerijen

De boulevard van Cancale staat vol restaurants met dure plateaus fruits de mer. We lopen door tot het einde van de kade, daar verkopen de oesterkwekers zelf hun vangst, vanachter blauwwit gestreepte stalletjes.

Oesters kun je hier per stuk kopen, de Belon de Cancale, de platte oester met een uitgesproken nootachtige smaak, koop je voor € 1,50.

We eten de oesters op de kade met uitzicht op het werk van de kwekers. De schelpen mag je gewoon op het strand gooien, daar ligt het vol mee.

Midden in het dorp staat Les Maisons de Bricourt, het voormalige driesterrenrestaurant van meesterchef en parfumeur Olivier Roellinger. Nu een specerijenlaboratorium. In de winkel ernaast, Épices Roellinger, liggen zijn kruidenmengsels ons op te wachten. Poudre d'Or bijvoorbeeld, met saffraan en kerrie voor bij vis en schelpdieren. De Bulgaarse mix heeft saffraan en vanille, en is heerlijk door de yoghurt.

Elk mengsel is subtiel, in balans.

Net om de hoek eten we taartjes – de Far Breton en de Kouign-amann zijn onze favoriet – op het gezellige terras van Grain de Vanille, het theesalon van de familie Roellinger.

Via de zeeroute naar Saint-Malo

Saint-Malo is de stad van zeevaarders, piraten en ontdekkingsreizigers. We lopen niet door de drukke hoofdstraat, maar nemen de zeeroute langs de middeleeuwse muren. Bij laagwater zwemmen we in het grote natuurzwembad, een bassin van steen dat bij vloed volloopt met zeewater. 

Binnen de muren vind je de boterwinkel van Yves Bordier. Kleine pakjes boter, gestapeld als gele baksteentjes, met zeezout, zeewier of yuzu.

We kopen er een en begrijpen waarom Bretonse boter zijn eigen categorie verdient. 

Tien minuten lopen van de toeristische drukte van Intra-Muros, de oude binnenstad, ligt Saint-Servan. Het voelt als een andere wereld. Hier hangt de was tussen de gevels, staan oude mannen in de zon en ruikt het naar croissants en zeelucht tegelijk. Saint-Servan heeft de rust van een provinciestadje en de charme van een vissersplaats. Het kloppende hart is de Rue Ville-Pépin.

Hier ontdekken we kleine cafés, delicatessenzaken en restaurants.

Eten langs de GR34


  • Bistro de Cancale Direct aan zee, waar de zoon van chef Olivier Roellinger een heerlijke, ontspannen plek heeft gecreëerd. Denk: gegrilde kreeft, mosselen, zilte zeelucht en lange lunches terwijl je uitkijkt over het water. 

  • Bistro Le Poisson Ivre, Dinan Na een wandeling over de kade van de haven van Dinan schoven we aan voor een diner met een seizoensgebonden menu vol biologische producten. Ongedwongen, warm en precies goed na een middag slenteren. 

  • La Petite Vitesse, Dinan Deze hippe vintage plek ligt buiten het centrum van Dinan in de oude stationswijk. Je moet het maar net weten. Op het lange terras aan het spoor genoten we van kleine homemade gerechten, relaxte vibes en heerlijke huisgemaakte cider van ciderie Ti-Lo naast de deur.  

  • La Gonelle, Dinard Voor verse vis en een plateau fruits de mer pal aan zee. Je kiest je eigen visje uit het aquarium en zit op heerlijk verwarmde stoeltjes. 

  • Chez Gastille, Saint Briac Typisch Frans op de beste manier: een eigenwijze bediening, relaxte sfeer en kleurrijke, eenvoudige gerechten die ontzettend smaakvol zijn. 

  • Buvette de Pors Théolen, Pointe du Raz Witgekalkt, blauwe luikjes, verscholen aan een prachtige baai. Je wordt echt verliefd op deze plek. Een hidden gem net van de weg af, perfect voor een drankje, een duik in zee en het gevoel dat je een geheim stukje Bretagne hebt ontdekt. 

Badplaatsen die de tijd vergaten

Langs de GR34 liggen twee plaatsjes die wij tot onze favorieten rekenen.

Saint-Lunaire is een charmant badplaatsje aan de Côte d'Émeraude, even ten westen van Dinard. Het heeft een groot wit strand, en op de rotsen erboven staan prachtige villa's uit de Belle Époque, elk met een eigen trap recht naar het water.

We spelen er midgetgolf met uitzicht op zee, en bij de Yacht Club kun je catamarans, windsurfplanken en kajaks huren.

Nog geen negen kilometer verderop ligt het lieflijke Saint-Briac-sur-Mer. Een klein Bretons plaatsje met mooie stenen villa's, tuinen met grote gekleurde hortensiabollen en een haven waar de bootjes bij eb rustig op het zand liggen.

De blauw gekleurde badhuisjes langs de boulevard kijken uit over de baai en het kleine getijdenriviertje de Frémur.

Wij halen een tradition bij de bakker, kopen een chèvre frais en picknicken op de kade. Langs de monding van de Frémur lopen wandel- en fietsroutes met uitzicht op slikken, zeilbootjes en de ruige Côte d'Émeraude.

Locquirec met de perfecte camperplek

Dan stranden we op Camping du Fond de la Baie in Locquirec. Deze kampeerplek ligt direct aan het wandelpad. ’s Ochtends worden we wakker met het geluid van ruisende golven.

Nog voor het ontbijt nemen we een verfrissende duik in zee. Aan het einde van de camping ligt O'yat – een biologisch restaurant waar alles zelf is gemaakt. Fish & chips met remouladesaus eten we hier voor € 14,50.

Het fenomenale uitzicht op zee krijgen we er gratis bij.

Vissershuisjes tussen de rotsen in Ménez Ham

Ménez Ham is een gehucht aan de Côte des Légendes. Hier liggen vissershuisjes verscholen tussen immense granietblokken. Het bekendste beeld: een wachthuisje letterlijk gebouwd tussen twee reusachtige rotsen, ooit om smokkelaars te weren. 

Gids Nadia van Estranordinaire neemt ons mee op het estran, de zone tussen eb en vloed. Ze vertelt over eetbare planten, zeewier en het leven met de getijden. We krijgen een kartonnen kaart met dubbelzijdig plakband waarop we onze vondsten mogen plakken: verschillende soorten zeewier en planten zoals de salicorne (zeekraal) en weegbree. De bloemknop van dit laatste plantje smaakt naar paddenstoel. 

Vannes: eindpunt in het zuiden

Na twee weken in onze trouwe camper is Vannes het eindpunt van de reis. Het is een gezellige middeleeuwse stad met een levendige haven en straatjes vol kleine winkels en restaurants. We halen een Kouign-amann bij François, een far breton bij La Huche à Pain en slaan bij kookwinkel Culinarion een set Opinel-messen in.

Het is de mooiste afsluiting van onze reis. 

We zijn verrast. De ruige schoonheid van de Bretonse kust is ontzagwekkend. De GR34 voert je langs de mooiste uitzichten die door de getijden steeds veranderen.

We komen hier zeker terug om nog meer te kunnen proeven en beleven van indrukwekkend Bretagne.

Wandelen en ontdekken


  • Culinaire kustwandeling Cancale (7 km). Wij begonnen deze culinaire kustwandeling met een taartje en koffie bij Grain de Vanille. We daalden vervolgens af naar de boulevard van Cancale en keken hoe de oesters werden geoogst op de oesterbanken. Daarna volgden we de GR34 langs de ruige kust richting Château Richeux, eindigend met lunch bij Le Coquillage met een prachtige tuin. 

  • Pointe du Raz De meest westelijke kaap van het Franse vasteland prikkelt echt alle zintuigen. Wind, zee, bloemen, ruige kliffen en dat enorme uitzicht over de Atlantische Oceaan komen hier samen. 

  • Roze granietkust, Ploumanac'h De roze granietkust hebben wij rond zonsondergang bezocht. Via Rue du Bélier en Chemin du Phare wandel je tussen rotsen in roze, oranje en koperkleurige tinten die in het avondlicht nog intenser worden. Bovendien is het dan veel rustiger en krijgt de plek iets magisch. 

Sandra Ysbrandy

Televisiekok

Televisiekok Sandra Ysbrandy en content creator en fotograaf Dana van Leeuwen vertrokken samen naar Bretagne om vanuit een camper te werken aan hun nieuwe kookboek, Bretagne, een camperreis in 30 recepten. Onderweg nemen ze je mee op reis langs de smaken van Bretagne. 

‘We combineerden de GR34, het prachtige wandelpad langs de ruige Bretonse kust met bijzondere culinaire adressen en lokale producten. Zo ontdekten we niet alleen het landschap, maar vooral ook de smaak van Bretagne.’ 


Credits en bronnen

Beeld:

Dana van Leeuwen