Sleenerzandroute

Nederland, Drenthe, Orvelte

78
97
90
91
99
85
63
92
75
77
59
66
78

Het landschap in het hart van Drenthe kent volop variatie. Bos, eeuwenoud boerenland, jonge ontginningen, graasgebieden met Schotse hooglanders en een kanaal, deze route komt er allemaal langs. Naamgever is het Sleenerzand, een gemengd bos met naald- en loofbomen aan de rand van Schoonoord. Het sluit aan op het Orvelterveld, dat deel uitmaakt van het historische landschap rond Museumdorp Orvelte. Het dorp zelf toont een Drentse boerengemeenschap anno 1900. Daartegenover staat Witteveen, het jongste dorp van Drenthe, dat toch zijn eigen charme heeft.

Fietsvlog: ANWB-college Marieke fietst de Sleenerzandroute

Hobbeldehobbel over de hei, langs boerderijen en een museumdorp vol mekkerende lammetjes. Even afstappen om een lokale specialiteit te proeven en weer richting Schotse hooglanders.

Monumentale boerderijen, am­bachtelijke bedrijven, straten met kinderkopjes en houten lantaarnpa­len bepalen de sfeer in Museum­dorp Orvelte. Toegang tot het nos­talgische boerendorp – waar ‘gewoon’ mensen wonen – is gratis. Voor een bezoek aan de opengestel­de boerderijen of werkplaatsen wordt een kleine bijdrage gevraagd. Ook buiten het dorp is het oude landschap zo goed mogelijk gere­construeerd. Er liggen heidevelden, hooilanden, essen en aan het eind van de middag keert een kudde te­rug naar de schaapskooi aan de rand van Orvelte. Links van de weg verwijst een bordje naar een nage­bouwde boerderij uit de ijzertijd (ca. 200 jaar v. Chr.).

Langs de Hoofdstraat is goed te zien dat Westerbork van een kleine boerengemeenschap is uitgegroeid tot een belangrijk toeristendorp. Aan horecagelegenheden is in elk geval geen gebrek. De naam Wes­terbork is ook bekend van het voor­malige Kamp Westerbork, dat 12 km ten noorden van het dorp ligt (niet langs de route). Vanuit dit kamp werden in de Tweede Wereldoorlog 107.000 Joden en andere gevange­nen naar concentratiekampen gede­porteerd.

Ten zuiden van de N381 maakt het oude boerenlandschap plaats voor jonge ontginningen. Het dorp Witteveen bestaat pas sinds 1926. In dat jaar werden de eerste werklo­zen – na een strenge selectie – naar de woeste grond gestuurd om deze geschikt te maken voor de land­bouw of bebossing. De arbeiders­huisjes staan er nog, samen met grote boerderijen die aantonen dat een aantal ontginners zich kon op­werken tot boer. Bij Wezup komt de route terug op het ‘oude’ land, zoals blijkt uit de eeuwenoude boerderij.

Net als bijna alle bossen in Dren­the is het Sleenerzand in de eerste helft van de vorige eeuw bebost in het kader van de werkverschaffing. De naaldboomstekjes werden stuk voor stuk met de hand ingeplant. Nu groeien er ook loofbomen, waar­door het bos veel gevarieerder is ge­worden. Even na knooppunt 77 gaat rechts een wandelpad naar de Kielse Kei. Het is een van de grootste zwerfkeien van Drenthe, hoewel dat door de ligging tussen de struiken niet zo lijkt. De kei is honderdduizenden jaren gele­den door gletsjers uit Zweden mee­genomen en hier achtergelaten. Halverwege knooppunt 59 passeert u een gebied waar Schotse hooglanders grazen.

Even na knooppunt 66 rijdt u langs het Orvelterzand. Dit natuurgebied wordt begraasd door Schotse hooglanders, die u dan ook onderweg tegen kunt komen.Verderop steekt u het Oranjekanaal over. In 1853 ging de eerste spade in de grond voor de aanleg hiervan. De investeerders hoopten hun geld terug te verdie­nen met de verkoop van turf en de zwerfkeien die ze tegenkwamen, maar door allerlei tegenslagen heeft het kanaal nooit goed gefunc­tioneerd. In 1923 is het nog een keer verbreed en uitgediept, maar in 1976 werd besloten het kanaal definitief te sluiten voor de scheepvaart. Talrijke planten en dieren profiteren sindsdien van de rust rond het ka­naal.