Amelandroute

Nederland, Friesland, Ameland

De noordrand van Ameland wordt gevormd door een breed strand met fijn wit zand en een stevige, met fier helmgras begroeide duinenrij. Daarvoor ligt een lagere duinvlakte en nog zuidelijker poldergraslanden. Daar tussen ingebed liggen de knusse dorpjes met hun typische geelstenen huizen. Vóór de bedijking van 1850-1930 waren er alleen kleine dijkjes, die overgingen in een kwelder. De zee slaat al eeuwen stukken af van de westkant. Waar nu het Borndiep stroomt, lag vroeger het voormalige vissersdorpje Sier. Vermoedelijk leefden rond de 9e eeuw al de eerste bewoners op Ameland, voornamelijk boeren. Ook opbrengsten van het jutten waren zeer welkom. Tot de 20e eeuw voeren veel mannen op de handels- en de walvisvaart.

NB: het verdient aanbeveling om van tevoren de aanvullende routebeschrijving te lezen. 

De route is bewegwijzerd met zeskantige bordjes ‘Amelandroute’. Op enkele punten kan de route echter wat onduidelijk zijn.

• Start: de route start komende vanaf de veerboot. Ter hoogte van de jachthaven, net vóór het restaurant, wijst het eerste bordje naar links. Steek de weg over en neem het asfaltpad langs het Wad (‘Verboden voor verkeer’, met onderbordje ‘Uitgezonderd fietsers’).

• Volg na het oversteken van de dijk de Smitteweg tot in Ballum. Halverwege kan een bordje in een zijstraat voor verwarring zorgen, maar dit kunt u het beste negeren.

• Na de vuurtoren gaat de weg omlaag. Net vóór het restaurant moet u linksaf het fietspad (schelpenpad) op. Dit bordje (op het terras, onder een boom) ziet gemakkelijk over het hoofd.

• In het dorp Nes gaat u met een bocht naar langs een oud gebouw van de Reddingmaatschappij, vervolgens op de kruising linksaf, Rixt van Doniastraat. Aan het einde linksaf, langs de plantenbakken, en dan rechtsaf (hier ontbreekt een bordje). Verderop, net na het politiebureau, treft u dan weer het volgende bordje (rechtdoor).

Fietsend langs de Waddenzeedijk is na circa 800 m een moderne uitlaat met een metalen reling het (aan deze zijde van de dijk) enige zichtbare restant van een slenk, die vroeger doorliep tot aan het Noordzeestrand. Tussen Nes en Ballum bestond lange tijd geen doorlopende duinenrij. De slenk, die in de 17e-18e eeuw ook dienst deed als ankerplaats, deelde het eiland vrijwel in tweeën. De aanleg van een stuifdijk in de 19e eeuw en een zeedijk in de 20e eeuw maakten van Ameland een stevige eenheid.

De Ballumerbocht was lang de belangrijkste aanlegplaats van het eiland. Bovenop de dijk staat het monument voor dijkwachters: twee mannen in zuidwester, aan elkaar verbonden door een touw, stormlantaarn in de hand. Het beeld toont hoe het er vroeger aan toe ging en is geplaatst in 1991, ter gelegenheid van het gereedkomen van de dijk op Deltahoogte. Deze Waddenzeedijk is pas in 1930 voltooid. Tussen 1988 en 1991 werd hij verhoogd naar Deltaniveau en tussen 2015 en 2018 is de dijk opnieuw versterkt om aan de laatste normen te voldoen.

Bij het binnenrijden van Ballum over de Smitteweg ligt meteen links het oude kerkhof. Hier bevindt zich in het baarhuisje de grafsteen van het geslacht Cammingha, dat Ameland eeuwenlang in hun bezit had. Al in 1429 liet de familie bij Ballum een kasteel bouwen, dicht achter het kerkhof en in 1829 afgebroken. Op die plek staat nu het gemeentehuis van Ameland. Het kleine dorp met karakteristieke Amelander huizen en vrijstaande klokkentoren van Friese gele steen heeft deels een beschermd dorpsgezicht. Het eiland werd in de 18e eeuw verkocht aan Johan Willem Friso, prins van Oranje-Nassau en erfstadhouder van Friesland. Nog altijd mogen de Oranjes zich ‘Vrij- en Erfheer van Ameland’ noemen.

In het levendige Hollum staan langs de Oosterlaan en de Burenlaan nog vele, schitterend gerestaureerde commandeurswoningen (commandeurs waren kapiteins van walvisvaart). In het noorden van het dorp toont het Maritiem Centrum Abraham Fock navigatietechnieken, reddingsacties ter zee en de oude Commissiekamer. In Molen De Verwachting worden regelmatig demonstraties gegeven. De stellingmolen maalt meel en er wordt mosterd gemaakt die ook in de molenwinkel te koop is. Het Cultuur-Historisch Museum Sorgdrager in de commandeurswoning van Pieter Cornelis Sorgdrager (1751) en de naburige museumboerderij verhalen over de rijke  eilandgeschiedenis. Net voor het verlaten van het dorp passeert u de imposante 17e-eeuwse kerk, waarvan de grondvesten teruggaan tot de 11e eeuw. Op het kerkhof staan tal van grafstenen die verwijzen naar een rijk scheepvaartverleden. (Openingstijden musea zie www.amelandermusea.nl).

14 augustus 1979 staat voor altijd in het collectieve geheugen van de Amelanders gegrift als een rampzalige dag. Op die stormachtige zomeravond zagen bemanning, voerlui en honderden badgasten hoe de acht dappere paarden na de succesvolle lancering van de reddingboot verdronken. Een sterke ebstroming had de tienduizend kilo zware reddingboottrailer verzwolgen voordat de paarden losgemaakt konden worden. De trouwe dieren kregen een monument langs het oude reddingbootpad. Tegenwoordig gebruikt de KNRM een moderne motorvlet en worden er alleen nog demonstraties gegeven met de paardenreddingboot (data zie www.amelandermusea.nl).

De gietijzeren Amelander vuurtoren stamt uit 1880 en is te bezichtigen. Het beklimmen van de 55 meter hoge toren is met maar liefst 236 treden een pittige uitdaging. Maar eenmaal boven heb je dan ook wat! Vooral bij laag water is vanaf de vuurtoren goed de structuur te zien van diepe geulen en minder diepe uitlopers daarvan, prielen (openingstijden vuurtoren zie www.amelandermusea.nl).

Zeewater overstroomt enkele malen per jaar natuurgebied Lange Duinen, met een bijzondere vegetatie, zoals moeraskartelblad en parnassia. Ook leven hier velduil, blauwe en bruine kiekendief en zelfs de zeldzame roerdomp of het baardmannetje. Aan de waterplas is een vogelkijkhut gebouwd.

De naam van het buurtschap Kooiplaats en van het Koaikers Huus zijn niet toevallig gekozen. Een stukje achter de uitspanning ligt een eeuwenoude eendenkooi, die in 1705 werd aangelegd in opdracht van Amalia, prinses van Oranje. De opbrengsten van de eendenkooi moesten ten goede komen van haar zoon, prins Johan Willem Friso. Tegenwoordig verzorgt het Natuurcentrum Ameland hier regelmatig excursies, waarbij men onder meer te weten komt waar de uitdrukking ‘de pijp uitgaan’ vandaan komt (reserveren zie www.amelandermusea.nl).

Het van oorsprong boerendorp Buren is na de andere drie dorpen gebouwd en zichtbaar ruimer opgezet. Het Landbouw- en Juttersmuseum Swartwoude is gevestigd in een karakteristieke boerderij, ingericht in de stijl van 1900. In het museum wordt het vroegere eilanderleven uitgebeeld (openingstijden zie www.amelandermusea.nl).

Bij het binnenrijden van Nes, het drukstbezochte dorp van het eiland, stuit u meteen op korenmolen de Phenix uit 1880. De molen is in 2019 grondig gerestaureerd en maalt nu weer het graan voor het Amelander molenbrood. Natuurcentrum Ameland toont het ontstaan van het waddengebied en heeft een watertheater. Het levendige dorpscentrum van Nes telt vele eilander huisjes en een opvallende, vrijstaande toren. De katholieke kerk dateert van 1878 en is een ontwerp van de beroemde bouwmeester Cuypers.