ANWB Heuvelrugroute

Nederland, Utrecht, Bunnik

De Utrechtse Heuvelrug en het stuwwallenlandschap van het Gooi zijn ontstaan in de voorlaatste ijstijd (Saale-ijstijd). Dat het landijs ook op de heuvelrug heeft gelegen blijkt uit de grote zwerfstenen die er gevonden zijn (bijvoorbeeld de Amersfoortse kei) en uit de afgevlakte toppen. Op en rondom de heuvelrug ontstond in de 19e eeuw de Stichtse Lustwarande, met fraaie buitenplaatsen als Slot Zeist, Huis Doorn en Kasteel Beverweerd. Voorheen boerendorpen, als Zeist, Doorn, Baarn en Soest, namen door de bevolkingsgroei sterk toe en veranderden van karakter.

Er zijn twee mogelijkheden om de route te rijden.

1. Met de pdf en een bijrijder

Print de pdf van de routebeschrijving van deze autoroute uit en neem deze mee.

Let op: in verband met de verkeersveiligheid is deze optie alleen geschikt voor het rijden van de route met een bijrijder die de route leest!

2. Met de gpx

De veiligste en handigste manier om deze autoroute te rijden is door gebruik te maken van een navigatieapparaat in de auto: met gesproken aanwijzingen en een ondersteuning van de dynamische kaart op het apparaat. Heb je een navigatieapparaat? Download dan de gpx en upload deze in jouw navigatieapparaat. Hoe je dat doet verschilt per merk en apparaat. Je kunt het beste kijken op de site van het betreffende merk voor een handleiding en/of voor de gegevens van de support-afdeling (als je er niet uitkomt!). Bijvoorbeeld: Garmin of TomTom.

N.B. Heb je een TomTom dan kun je ook gebruik maken van de ANWB autoroutes in de TomTom Roadtrips. Klik op ‘Laat je inspireren’ en selecteer daarin onder ‘gemaakt door’ en ‘partners’ de ‘ANWB’. Kies een route, klik op ‘personaliseer in my drive’ en klik onderaan de routebeschrijving op ‘synchroniseer deze route als een track op mijn systemen’.

 

De meeste dorpen liggen op de grens van hoog en laag, onder aan de stuwwal tussen De Bilt en Amerongen. Op de hogere delen van de stuwwal lagen vroeger uitgestrekte heidevelden, ontstaan door houtkap en begrazing door schapen. Die schapen waren een essentiële schakel in het landbouwsysteem. ’s Nachts gingen ze op stal. De stalmest werd uitgespreid over de van nature onvruchtbare akkers die vlak bij het dorp lagen. De lager gelegen gebieden waren in gebruik als wei- en hooiland.

Ten zuidwesten van de heuvelrug ligt het Kromme Rijngebied, waar tot 1122, toen de Kromme Rijn bij Wijk bij Duurstede werd afgedamd, een van de hoofdlopen van de Rijn stroomde. De slingerende rivier trad vaak buiten haar oevers en bedekte dan het omringende land met zand of klei. Hierbij ontstonden er subtiele hoogteverschillen: hoger gelegen zandige oeverwallen en lagergelegen kleiige komgronden wisselden elkaar af. Vaak verlegde de Rijn haar bedding. Op de stroomruggen – gevormd door oeverwal en verlaten rivierbedding – ontwikkelden zich in de middeleeuwen nederzettingen als Bunnik, Odijk, Werkhoven en Cothen. Hier was het immers redelijk droog, bleven overstromingen binnen de perken en lagen ook de beste akkergronden.

Op de voormalige St. Anthoniusbrink staat de van oorsprong 12e-eeuwse, Nederlands-hervormde kerk in romaanse stijl.

Ten westen van Bunnik ligt Fort Rhijnauwen (1868-1871), het grootste fort van Nederland en een onderdeel van de Nieuwe Hollandse Waterlinie. Het is nu een waardevol natuurgebied met reeën, bunzings, ringslangen en vleermuizen. Ook is het een broedgebied voor uilen en ijsvogels.

Dit dorpje langs de Kromme Rijn heeft een bijzondere brink met 19e-eeuwse huizen en boerderijen. Erachter ligt Rhijnesteijn, een 13e-eeuwse woontoren, waar in 1873 een woonhuis tegen aan is gebouwd. Molen Oog int Zeil is een korenmolen uit 1869, waarmee nog regelmatig graan wordt gemalen.

Tot de ridderstand verheven boeren bouwden in de 12e eeuw langs de Langbroekerwetering donjons, vierkante woontorens op een omgracht erf. Deze donjons ontwikkelden zich in de 17e en 18e eeuw tot landgoederen met landschapsparken, veelal nog in particuliere handen. Je kunt de route even verlaten om een stukje langs de Langbroekerwetering te rijden. Als je op de kruising in Nederlangbroek links afslaat, kom je langs (links) Lunenburg, hét voorbeeld van een middeleeuwse donjon. Als je op de kruising rechts afslaat, kom je langs de woontoren Walenburg (rechts). Schuin aan de overzijde ligt het sprookjesachtige kasteel Sandenburg. Zijn huidige neogotische uiterlijk stamt uit 1870. Het landgoed is met 650 ha het grootste in dit gebied. Op het landgoed staan 21 boerderijen met opvallende roodgele luiken.

Weer langs de route ligt Kasteel Huis Doorn in een groot park verscholen achter een fraai poortgebouw. De voormalige oranjerie is tegenwoordig café-restaurant met terras. Het landhuis was van 1920-1941 de laatste woonplaats van de naar Nederland uitgeweken Duitse keizer Wilhelm II, die begraven ligt in het mausoleum. Huis Doorn is thans een museum met kunstschatten uit voormalige Duitse paleizen, waaronder de collectie snuifdozen en horloges van Frederik de Grote. In de voormalige garage van de keizer is sinds 2014 het Paviljoen Nederland en de Eerste Wereldoorlog gevestigd (Langbroekerweg 10. Het park met de gerestaureerde Augusta Victoria Rozentuin is vrij toegankelijk.

De Utrechtse universiteit beheert in Doorn het Von Gimborn Arboretum met onder andere een heidetuin en een grote collectie zeldzame naald- en loofbomen (Velperengh 13. Dag. apr.-okt. 9-19; nov.-mrt. 10-16 uur).

Aan de noordrand van Leersum in de Lombokbossen staan twee uitzichttorens. Bij de Graftombe van Nellesteyn staat de Dondertoren (Burg. v.d. Boschlaan. Zo. 12- 16 uur).

Vrij toegankelijk is de nabijgelegen uitkijktoren De Uilentoren aan het einde van de Lomboklaan.

Aan de Woudenbergseweg, richting Zeist en de Pyramide van Austerlitz, ligt het grote dagrecreatieterrein Henschotermeer, een heuvelachtig en bosrijk terrein met speelvijver en vele voorzieningen.

De Heuvelrugroute (93 km) loopt hier vandaan verder langs Amersfoort naar Baarn en Zeist. De verkorte zuidelijke variant (54 km) gaat direct naar Zeist via de Pyramide van Austerlitz. Deze routeverkorting is in beide richtingen bewegwijzerd zodat u ook alleen het noordelijke deel (ca. 59 km) kunt volgen.

Langs de routeverkorting richting Zeist staat op het hoogste punt van de Utrechtse Heuvelrug de Pyramide van Austerlitz. De piramide ontleent zijn naam aan de plaats waar Napoleon een van zijn grote veldslagen won: Austerlitz (1805; nu Slavkov, Tsjechië). De 23 m hoge zandheuvel was al een jaar eerder in slechts 27 dagen gebouwd (veel sneller dan de renovatie van 2001-2004!) door Franse troepen onder generaal Marmont, die in de omgeving gelegerd waren. De piramide en de houten obelisk op de top herinnerden aan Napoleons Egyptische veldtocht. Een grote attractie is speeltuin De Pyramide van Austerlitz (Zeisterweg 98. Apr.-sept. 10-18 uur).

Hoewel de route niet door Amersfoort voert, is een bezoek aan de tweede stad van de provincie Utrecht beslist de moeite waard. Op de hoek Stadsring/Arnhemseweg ligt de bekende Amersfoortse Kei. Deze ca. 9000 kilo zware zwerfsteen werd in 1661 in een volksoptocht onder leiding van jonker Everhard Meyster van de Leusderheide naar de stad gesleept. Langs de Stadsring liggen nog meer keien, die tijdens de Keistadfeestweken uit andere landen zijn aangevoerd.

Binnen de ring ligt het historische stadscentrum met vele pittoreske hoekjes. De eerste ommuring (en omgrachting) uit de Middeleeuwen werd twee eeuwen later gevolgd door een tweede wijdere muur- en grachtenring. Deze buitenste ring is nog gedeeltelijk aanwezig, de binnenste ring is in zijn geheel bewaard gebleven. De schilderachtige muurhuizen en de Kamperbinnenpoort markeren de binnenste ring, langs de buitenste resteren nog een stuk stadsmuur en de dubbele Koppelpoort. De 100 m hoge Onze-Lieve-Vrouwetoren (met 327 traptreden) was onderdeel van een kerk die in de patriottentijd als kruitmagazijn diende. Na een ontploffing moest deze kerk in 1787 worden afgebroken.

In Museum Flehite staat de geschiedenis van Amersfoort en omgeving centraal (Westsingel 50). Iets buiten de Koppelpoort ligt het centrum voor hedendaagse kunst KadE: Kunst aan de Eem (Eemplein 77).

In Soesterberg ligt de voormalige NAVO-luchtmachtbasis. Hier is het Nationaal Militair Museum gevestigd, waar een grote collectie militair materieel uit alle tijden is opgesteld. Een must voor zowel ouder als kind (Verlengde Paltzerweg 1).

In Soest voert de route rechtuit door het centrum naar Soestdijk. Je kunt een bezoek brengen aan de Stichting De Paardekamp, een rusthuis voor oude paarden (Birkstraat 96. Dag. 10- 16 uur). Tegenover het NS-station Soest bevindt zich achter de Oude Kerk de gerestaureerde historische Kerkebuurt. Langs het Kerkpad staan enkele oude boerderijen.

Paleis Soestdijk (Amsterdamsestraatweg 1) is het voormalige koninklijke paleis en woonhuis van prinses Juliana en prins Bernhard. Het in 1672 door stadhouder Willem III van de familie De Graeff aangekochte landhuis onderging vanaf 1674 een verbouwing tot jachthuis voor de stadhouder, naar ontwerp van Maurits Post, zoon van Pieter Post. Het statige landhuis uit die tijd vormt het hogere middendeel van het huidige complex. In 1815 maakte het paleis deel uit van het nationaal geschenk dat de natie aan de kroonprins aanbood voor betoonde moed in de slag bij Quatre Bras, die Napoleons Waterloo inluidde. Bij het paleis is een landschapspark, ontworpen door vader en zoon Zocher.

De komende jaren zullen de gebouwen op landgoed Paleis Soestdijk grondig gerenoveerd worden en klaargemaakt voor de nieuwe bestemming als landingsplek voor innovatief en ondernemend Nederland.

Deze forensenplaats op de grens van het Utrechts-Gooise bosgebied en de Eemvallei, bezit vele oude villa’s. In Kasteel Groeneveld, een statig landhuis uit de 18e eeuw, is sinds de restauratie het Nationaal Centrum voor bos, natuur en landschap gevestigd, dat gewijd is aan beheer en behoud van flora en fauna in Nederland en wisselende exposities organiseert over bos en natuur (Groeneveld 2). Het park van Kasteel Groeneveld is door Staatsbosbeheer geheel gerestaureerd in de Engelse landschapsstijl, compleet met vijverpartijen, heuveltjes en slingerende wandelpaden.

Kasteel De Hooge Vuursche is een landhuis uit 1912, gebouwd door Ed. Cuypers. Thans in gebruik als chique hotel-restaurant.

Al eeuwen lang is het tussen het groen verscholen plaatsje Lage Vuursche een pleisterplaats voor wandelaars en ruiters. Gelukkig heeft het in de loop der tijd zijn karakter niet verloren. In het weekeinde wordt het dorpje overspoeld door dagjesmensen, maar op werkdagen is het meestal een oase van rust. Het dorp is pas omstreeks 1640 gesticht als kasteelgehucht. Gerard van Reede liet, nadat hij de heerlijkheid De Vuursche met Drakensteyn had geërfd, niet alleen een nieuw kasteeltje bouwen, maar ook de Nederlands-hervormde kerk, een boerderij annex rechthuis, een molen, een school en huisjes voor het personeel op Drakensteyn. De molen en de school zijn er niet meer. Historie van dit kasteeltje bekend.

Op kasteel Drakensteyn, een achthoekig omgracht kasteeltje uit 1640, woont prinses Beatrix.

Tussen Maartensdijk en Bilthoven liggen de Ridderoordse bossen, met gemarkeerde wandelpaden, die uitnodigen om een frisse neus te halen.

Bij binnenkomst in Zeist slaat de route scherp links af, de groene buitenwijken in.

Dicht bij het centrum ligt Slot Zeist, gebouwd tussen 1677 en 1686 in de Franse barokstijl. De inrichting is zo veel mogelijk in de originele stijl gehouden met wandtapijten, grote spiegels, meubilair en portretten (Zinzendorflaan 1).

In de slottuin ligt het openluchttheater, waar in de zomer voorstellingen worden gegeven.

De Hernhutterhuizen aan het Broeder- en Zusterplein liggen aan weerszijden van de oprijlaan van het slot. Deze karakteristieke 18e-eeuwse huizen behoren toe aan de Evangelische Broedergemeente (Hernhutters). De Hernhutters zijn van oorsprong volgelingen van de Tsjechische kerkhervormer Johannes Hus, die hun land en hun woonplaats Hernhut moesten ontvluchten. In 1746 mochten zij zich bij het Slot Zeist vestigen en bouwden er hun huizen in een mengeling van Nederlandse en Tsjechische barok. Het Hernhutterkerkje aan het Zusterplein dateert van 1748.