Nieuwpoort

Nederland, Zuid-Holland, Nieuwpoort

Als het gaat om het formaat legt Nieuwpoort het af tegen alle andere vestingsteden. Een kerk, een handvol straten en een miniatuurhaven, meer is er niet. Maar juist door de geringe omvang geeft Nieuwpoort een goed beeld van een origineel vestingstadje uit de 17e eeuw. Zelfs als u alle straten en vestingwerken wilt zien, bent u in een uurtje klaar, gevolgd door een kop koffie in het enige café van Nieuwpoort.

A. Start in het hart van Nieuwpoort bij het stadhuis. Ga links langs het stadhuis en wandel langs de Binnenhaven door tot aan de stadswal. Hier la en wandel over de top van de omwalling of ga onderlangs. Volg de omwalling terug naar de Lekdijk.

B. Ga rechtsaf langs de beer en steek de dijk over. Ga naar beneden en schuin links het bruggetje over. Wandel via de omwalling Nieuwpoort weer binnen. Ga over de afdamming van de Buitenhaven en dan linksaf. Sla op de Hoogstraat rechtsaf.

C. Ga buiten de bebouwde kom links de dijk af en volg de gracht aan de buitenzijde. Wandel bij de kruising links Nieuwpoort weer binnen, terug naar het stadhuis.

De middeleeuwse nederzetting Nieuwpoort lag heel strategisch op de grens van Utrecht en Holland en werd dan ook verschillende keren bezet en verwoest. De grote ommekeer kwam in het rampjaar 1672. Franse troepen dreigden door te stoten naar het hart van het gewest Holland en konden alleen worden gestuit door de Lekdijk door te steken. De watermassa bleek zo succesvol tegen aanvallers, dat de bestuurders besloten de waterlinie een permanent karakter te geven. Rond het hart van Holland kwam een hele serie vestingstadjes en waterwerken waarmee een brede strook grond onder water kon worden gezet. Ook Nieuwpoort werd voorzien van wallen, bastions en grachten. In 1690 was de vesting klaar.
Eind 18e eeuw verschoof de verdedigingslinie naar het oosten en verloor Nieuwpoort zijn rol als vestingstad. In 1816 werd de vesting officieel opgeheven. Toch werden de wallen niet gesloopt, onder meer omdat het hooggelegen stadje een toevluchtsoord was als de Alblasserwaard weer eens overstroomde.

Dwars door het stadje stroomt een smalle gracht, met daarbovenop een klein maar sierlijk stadhuis. De gracht is een restant van een veenriviertje waarlangs twee landheren een nieuwe nederzetting stichtten in de 13e eeuw. Het stadhuis werd in 1697 gebouwd, enkele jaren nadat Nieuwpoort tot een vesting was uitgebouwd. Het huisvest nu een bescheiden museum (alleen do. en za. open). De inlaatsluis onder het gebouw kon bij een vijandelijke aanval worden opengezet, zodat water uit de Lek de polder kon binnenstromen. Enkele decimeters was genoeg om de vijand tegen te houden: diep genoeg om sloten en andere obstakels onzichtbaar te maken en te ondiep voor schepen. Aan de achterkant van het stadhuis ziet u een waag. Boeren uit de omgeving voerden hier met platte schuiten producten als kaas, vee en hennep (voor touw) aan.

Bij de bouw van de vesting werden rond het bestaande stratenpatroon aarden wallen aangelegd, met op de vier hoeken scherpgepunte bastions. Ter hoogte van de Lekdijk kwamen halfronde bastions met geschutsstellingen. Samen met het aan de andere kant van de rivier gelegen Schoonhoven zorgde Nieuwpoort zo voor de bescherming van de Lek. Aan de zuidkant van het stadje, waar de binnenhaven de verdedigingswal doorsnijdt, werd in 1673 een poort gebouwd met op de eerste verdieping een wachtlokaal. Ook was er een ophaalbrug.

Aan de buitenzijde van de hoofdwal ligt op sommige plekken een lagere onderwal. Deze moest voorkomen dat een kapotgeschoten hoofdwal in het water zou glijden, waarna er een gat in de verdedigingslinie zou ontstaan.

Oorspronkelijk had Nieuwpoort geen uitgang aan de oostkant. Hier lag een beer of keermuur die moest voorkomen dat water uit de Lek zo de polder in kon stromen. Door de scherpe rand en de twee ‘monniken’ op de hoeken konden aanvallers niet over de muur naar Nieuwpoort lopen. Later bouwde men alsnog een brug naast de beer en in 1820 werd de huidige dijk aangelegd.

Vanaf de beer volgt de route de buitengracht en komt verderop weer uit bij de omwalling. Deze hoge wal moest niet alleen vijanden maar ook het Lekwater buiten houden, zeker toen het rivierpeil steeg en de polderbodem steeds verder inklonk. Om diezelfde reden werd in 1772 de monding van de buitenhaven afgesloten.

Het robuuste arsenaal werd gebruikt als opslagruimte voor wapens en munitie. De ingegraven kanonslopen op de hoeken dienden als bescherming tegen de wielen van rijtuigen en wagens.

Het zwartgeteerde gebouw is een waterschuur. De Alblasserwaard had geregeld te kampen met overstromingen en daarom bezaten rijkere boeren een extra schuur in het hoger gelegen Nieuwpoort. Bij wateroverlast konden gezin en vee hier terecht.

In het hart van het stadje wandelt u langs statige panden, een kerk en een stadsboerderij. Een eeuw geleden telde Nieuwpoort nog zo’n vijftien boerderijen. Er werd vee gehouden voor kaas en boter en er werden varkens vetgemest.

Schuin aan de overkant van de rivier ligt de vestingstad Schoonhoven, die samen met Nieuwpoort zorgde voor de verdediging van de Lek. Groot verschil met Nieuwpoort is dat de omwalling van Schoonhoven bijna helemaal is gesloopt, net als drie van de stadspoorten. Alleen de Veerpoort staat nog trots aan de oever van de rivier. U kunt hem niet missen als u vanuit Nieuwpoort met de pont de Lek oversteekt. Eenmaal achter de poort heeft Schoonhoven weinig van zijn oude charme ingeleverd. Vooral langs de haven staan de statige panden nog altijd schouder aan schouder. Tijdens een wandeling zult u talrijke ateliers van goud- en zilversmeden tegenkomen. Vanaf de 19e eeuw werden hier onder meer de sieraden voor verschillende Nederlandse klederdrachten gemaakt.