Groenekanroute

Nederland, Utrecht, Groenekan

Het landschap ten noorden van Utrecht heeft een laatmiddeleeuwse basis, die nog goed te herkennen is aan de langgerekte weilanden, rechte  wegen en dwarskaden. Wel is er in de loop van de tijd veel aan  toegevoegd. Zo volgt de wandeling twee keer de slingerende paden van  voormalige landgoedparken. Verder passeert de route een 19e-eeuws fort  van de Nieuwe Hollandse Waterlinie en loopt een stukje parallel aan  de A27 en de spoorweg – de lijnen van de 20e en 21e eeuw. Maar overheersend zijn de weiden, nu  eens open, dan weer besloten en kleinschalig dankzij lange rijen wilgen en elzen.

Vanaf carpoolplaats loop je naar het fietspad. Ga niet door de tunnel maar de
andere kant het fietspad op. Volg KNP68. Einde fietspad LA,
Planetenbaan, direct RA wandelpad tussen huizen, volg KNP 61 en 83.
Op KNP 83 volg 62.op KNP 62 RA, volg 63 en 15.
Op KNP 16 LA naar KNP 15, 13, 12, 23 en 81. Bij KNP 81 RA op de Groenekanseweg. Na 200 mr LA Kastanjelaan, volg LF 9B (en niet LF 96). Bij KNP 57 LA naar 56. Bij KNP 56 RA naar 68, door fietstunnel. Eindpunt.

De Nieuwe Wetering ligt dwars op de langgerekte weidekavels. Het is vanuit de stad Utrecht bekeken de vierde ontginningsbasis, de route doet de vijfde basis – Maartensdijk – niet aan. Ze schampt langs de nieuwbouw die aan het lintdorp is vastgeplakt.

Landschap met middeleeuwse wortels
Rond 1350 begon de systematische ontginning van de veenwildernis ten noordoosten van Utrecht. Eerst werd in oost-westelijke richting een kaarsrechte wetering gegraven om het gebied te ontwateren. Loodrecht op die wetering werden percelen volgens een vaste maat uitgezet: rond de 1250 m lang en ongeveer 100 m breed. Na 1250 m lag er weer een dwarswetering om het zojuist ontgonnen land te beschermen tegen wateroverlast uit de ‘wildernis’. Zo ontstond een rationeel verkaveld land met als eerste kade de buiten de route gelegen Ezelsdijk (nu de Huizingalaan in Utrecht); daarna volgen de Voordorpse Dijk, de Groenekanseweg en de Nieuwe Wetering, die in de route zijn opgenomen.

Langs de Prinsenlaan liggen links van de weg enkele kleine drinkpoelen voor het vee, die ook een belangrijke natuurfunctie hebben. Het zijn ideale plekken voor kikkers en salamanders die zich erin voortplanten. In het kleinschalige landschap erachter scheiden lange rijen elzen en wilgen de kavels van elkaar. Ook hier gaan landbouw en natuur samen. De boeren zorgen dat het vee niet knabbelt aan de bomen, terwijl vrijwilligers regelmatig de elzen en wilgen knotten. Daardoor blijven ze laag en geven weinig schaduw, waardoor de agrariërs er geen last van hebben. Via de bomenrijen en bijbehorende greppels kan het wild zich gemakkelijk verplaatsen; het zijn de groene natuurwegen in het landschap.

Vanaf de Nieuwe Wetering hebt u zicht op Beukenburg. Tot 1925 lag hier een imposant landhuis, waarvan alleen het koetshuis en een boerderij zijn
overgebleven. Slingerend gaat de weg het beuken- en eikenbos in. De kronkelende paden en het bos verwijzen naar het park bij Beukenburg, dat rond 1810 was aangelegd in de Engelse landschapsstijl.

Voorbij Groenekan is er veel veranderd. Zo is de Hooge Kampse Plas ooit gegraven als zandwinningsplas en daarna gebruikt als stortplek voor grof puin. Het Utrechts Landschap laat sinds 2010 werkzaamheden uit voeren om de milieukwaliteit te verhogen. Aan de herinrichting van de plas wordt volop gewerkt en zal bijdragen aan het verhogen van de natuurwaarden rond het gebied. Rechts kruist de spoorlijn diagonaal het oude kavelpatroon.

Even verderop ligt Fort Voordorp dat deel uitmaakt van de Nieuwe Hollandse Waterlinie, die het dichtbevolkte en welvarende westen van Nederland moest beschermen tegen aanvallen uit het oosten. De linie, aangelegd tussen 1815 en 1885, strekte zich uit van de Zuiderzee in het noorden tot de grote rivieren in het zuiden. Hij bestond uit een complex van sluizen, kanalen, kaden en dijken, waarmee in tijd van oorlog een gebied van 5 km breed onder water kon worden gezet. Forten waren nodig om dit waterstelsel te verdedigen. Zo moest Fort Voordorp, gebouwd rond 1870, een nabijgelegen inundatiekade beschermen.

Als u het doodlopende weggetje inloopt, hebt u na ongeveer 100 m een mooi uitzicht op de bomvrije kazerne van het fort. De Voordorpse Dijk is een oude ontginningskade met enkele mooie boerderijen, zoals de dwarshuisboerderij aan de rechterkant (nr. 29). Dit woonhuis is eind 19e eeuw gebouwd door een welvarende boer die zich bij de aanleg van huis en tuin liet inspireren door de architectuur van landhuizen uit de omgeving.

Via de lommerrijke lanen van Groenekan bereikt de route het landgoedbos van Voordaan. De oudste elementen van het bos dateren van de 18e eeuw. In het midden van de 19e eeuw is het bos sterk vergroot en zijn de waterpartijen aangelegd. In het park overheersen eiken en beuken en in het voorjaar kleurt de bodem geel van de narcissen die er in de economische crisis van de jaren dertig als werkgelegenheidsproject zijn geplant. In 1924 is het landgoed in delen verkocht en bebouwd met (vooral) villa’s.