Elsloo

Nederland, Limburg, Elsloo

Schilderachtige Maaslandse huizen met spekbanden en hardstenen raamomlijstingen, hier en daar zelfs nog een gebouw met vakwerk. Weelderig begroeide hellingen en lieflijk kabbelende beekjes die hun weg naar de rivier zoeken. De route loodst je door het Urdal ten noorden van Elsloo langs de beek en via een holle weg naar het Julianakanaal, om je te laten genieten van de groene omgeving rond het mooie oude Elsloo ‘op den Berg’. Welke berg? De Maasberg, bikkelhellinkje voor wielerfanaten, compleet met kasseien! Als toetje volgen dan nog het royaal bemeten Kasteel Elsloo met zijn romantische kasteelpark en het Elsloërbos, het steilste hellingbos van ons land.

NB: bij het Julianakanaal en in het Elsloërbos bevat de route enkele pittige klimmetjes!

In 2020 organiseerde de ANWB de verkiezing Het Allermooiste dorp van Nederland, waarbij 30.000 leden hun stem uitbrachten. Elsloo belande in de Top 5! De winst van de verkiezing ging naar Winsum. Maar de jury roemde de historische context van het dorp: ‘Mooie oude straatjes leiden naar de Maas en het majestueuze Kasteel Elsloo. Dit deel van Elsloo is grotendeels gebleven hoe het was. Het kasteelpark is schitterend, mooi aangelegd, goed onderhouden en biedt een prachtzicht op de rivier. En een beetje fietser moet die iconische Maasberg bedwongen hebben.’

• Vanaf de parkeerplaats links van de Mariakerk de straat inlopen (Dorine Verschureplein). Splitsing rechts aanhouden, Bandkeramiekerstraat. Weg rechtdoor blijven volgen, wordt Heiveldstraat, later Aronskerk, dan Meidoorn.
• Einde rechtsaf, Aronskelk en meteen op woonerf met bomen linksaf (tegenover Bosrank) en op het eind groengebied in. Direct rechtsaf vóór de steenkorven (bordje Regenwaterbuffer Elserveld), smal pad omlaag door de waterbuffer. Eerste pad links, langs de bovenrand van de waterbuffer. Rechtdoor, langs tweede waterbuffer. Op het einde rechts het trapje af en beneden linksaf.
• Zijpad negeren. Grindpad wordt breder, kruising rechtdoor, het pad langs de Meeldertvloedgraaf (beek aan rechterhand). Op asfaltweggetje rechtsaf en meteen linksaf door houten hekje, Regenwaterberging Pasveersloot.
• Asfaltpad linksom volgen (ca. 350 m). Gaat na bocht over in zandpad, hekje door en linksaf (blauw paaltje). Pad gaat over een holle weg. Wordt daarna een tweesporige veldweg. Verkeersweg oversteken (blauw paaltje). Hekje door, rechtsaf zandpad. Je wandelt nu op de de Scharberg. Aan het eind weer een hekje door en via het fietspad linksaf omlaag. Einde linksaf halfverhard pad langs het Julianakanaal.
• Na 1 km bij de brug linksaf, trap omhoog. Op de asfaltweg rechtsaf. In Elsloo rechtsaf, Julianastraat. Voor de grote Maaskei (‘Dikke Stein’) rechtsaf. Rechts om de Sint-Augustinuskerk heen en met de bocht mee naar links, Op den Berg.
• Langs Streekmuseum Elsloo en meteen daarna scherp rechtsaf de kasseienhelling omlaag: de Maasberg (onderaan staat rechts het Wielermonument). Bocht naar links volgen en langs het Kasteel Elsloo. Na de P linksaf kasteelbrug over en meteen rechtsaf, het kasteelpark in.
• Door hekje en pad langs de vijver volgen. Na 3e vlonder (kruising van beekje) op de splitsing rechts aanhouden (rood paaltje). Over vlonderpad met twee bankjes. Ca. 20 m voor houten hek linksaf de trap omhoog (rood paaltje) – pittige klim!
• Bovenaan rechtdoor. Na 75 m op splitsing rechts aanhouden. Je gaat nu boven over het Terhagerpötje. (Kijk ook even onder het bruggetje naar de romantische vormgeving en het pad waar het ‘gewone volk’ naar de beek liep.)
• Het pad gaat omhoog. Boven bij het grasveld met de fruitbomen meteen scherp linksaf. Het pad voert langs het theehuisje, met fraai uitzicht over het kasteelpark, het Julianakanaal en de Maas.
• Aan het einde van het pad rechtsaf (rood paaltje). Op viersprong linksaf, trap omlaag (rood paaltje) en trap omhoog. Bovenaan door het hekje het kasteelbos uit en linksaf (Kaakstraat).
• Einde rechtsaf, langs de Kapel aan de Kaak en de waterpomp, Dorpsstraat/Raadhuisstraat. Op de kruising met Christusbeeld rechtdoor, Aan ’t Brikkewerk. Na 600 m met de bocht mee naar links, Stationsstraat. Je bent nu weer op het Dorine Verschureplein.

De route begint in het nieuwe gedeelte van Elsloo, bij de in 1959 gewijde Mariakerk. Toen Elsloo na de oorlog groeide en uitbreiding van de oude kerk door de bodemgesteldheid onverstandig bleek, koos de parochie voor nieuwbouw. Bijkomend voordeel was dat de Onze-Lieve-Vrouw Vrede des Hartenkerk, zoals de officiële naam luidt, meer in het centrum van Elsloo kwam te liggen. De oude kerk werd daarmee een bijkerk, een nostalgisch overblijfsel van de dierbare tijd van vóór de aanleg van het Julianakanaal, toen het oude dorp nog niet ‘gehalveerd’ was. De modern vormgegeven kerk heeft geen toren – bovenop is wel een zogeheten dakruiter te zien.

Het groengebied aan de noordrand van Elsloo vormt de scheiding tussen Elsloo en Stein. Als eerste kom je enkele (droge) regenwaterbekkens tegen die tevens een natuurfunctie hebben. De bekkens zorgen dat de bewoners droge voeten houden doordat het het overtollige regenwater zich hier verzamelt. Het water wordt afgevoerd naar de Meeldertvloedgraaf die achter het dijkje van de waterbuffer tussen de bomen stroomt. Even verderop loop je pal langs het water van de vloedgraaf, de term waarmee hier in Zuid-Limburg een uitgegraven beek wordt aangeduid. Zo’n beek werd vaak (uit)gegraven om andere beken te ontlasten en overstromingen te verminderen.

Nadat een weggetje is overgestoken vervolgen de route en de beek hun weg door de Pasveersloot. Deze in 1964 aangelegde biologische zuiveringsinstallatie moest het afvalwater van de Staatsmijnen (DSM) geschikt maken om het via de beek de Ur bij Stein weer in de Maas te laten vloeien. Geen overbodige luxe, want het verontreinigde water van de Cokesfabriek Emma zorgde in de jaren vijftig voor de nodige overlast en controverse. Het wandelpad volgt de contouren van het voormalige zuiveringsbekken, dat door de begroeiing inmiddels onherkenbaar is geworden. De Pasveersloot en de Meeldertvloedgraaf maken deel uit van het in 2014 geopende Natuurleerpad Urdal.

Een van de redenen dat de Pasveersloot in 2014 tot natuurgebied werd uitgeroepen was de bescherming van de daar aanwezige dassen. Met een lengte van circa 70 centimeter is de schuwe das een van de grootste roofdieren van ons land. Op de fraaie holle weg waar je over loopt is hun aanwezigheid goed te zien aan vele gaten, meestal onder boomwortels. Dassen graven hun burchten graag in de randen van holle wegen. Zo’n holle weg, ook wel grubbe genoemd, ontstaat doordat het regenwater een veelbelopen pad tussen twee hellingen steeds verder uitslijt.

Vanaf het pad op de Scharberg heb je een prachtig uitzicht op het Julianakanaal, met daarachter de Maas. Eind 19e eeuw nam door mijnbouw en industrialisering het scheepvaartverkeer op de Maas steeds verder toe, evenals de ladingen te vervoeren steenkool. De kronkelige Maas was hier niet op berekend – de rivier was op veel plaatsen te ondiep en lastig bevaarbaar. Onderhandelingen met de zuiderburen strandden door verdeelde belangen – België wilde de Maas zo weinig mogelijk uitdiepen, zodat Antwerpen geen concurrentie van Rotterdam hoefde te vrezen. Uiteindelijk groef ieder zijn eigen kanaal, elk aan een kant van de Maas: de Belgen hun Albertkanaal en Nederland het Julianakanaal. De aanleg begon in 1925 tegelijkertijd aan beide uiteinden – in het noorden bij Maasbracht en in het zuiden net boven Maastricht – om zo gestaag naar elkaar toe te werken. De grande finale vond plaats bij Elsloo, waar men dwars door de Scharberg moest graven. Die onderneming was niet zonder risico, omdat sommige zandlagen instabiel waren. De beste locatie voor het kanaal, met de minste kans op verzakkingen, betekende dat eenderde van de bebouwing van Elsloo moest worden opgeofferd.

Tot de aanleg van het Julianakanaal lag de Sint-Augustinuskerk in het hart van het dorp. Om plek te maken voor het kanaal werden 43 huizen, de school en het raadhuis afgebroken. De kerk bleef behouden en ligt sindsdien als een baken op de steilrand boven het kanaal, ‘Op de Berg’. Het neoclassicistische kerkgebouw stamt uit 1848 en is een vervanger van de oorspronkelijke mergelstenen kerk uit 1459. De bakstenen voor deze nieuwe kerk werden door de inwoners van Elsloo eigenhandig in de veldoven gebakken. Trots bezit van de kerk is het beeld Sint-Anna-te-Drieën (ca. 1525) van de onbekende ‘Meester van Elsloo’. Het beeld toont grootmoeder Anna, moeder Maria en het kindje Jezus en is een toonaangevend voorbeeld van de St.-Annaverering in de late middeleeuwen. Je bad tot haar als je een kinderwens had: ‘naar Sint-Annaken voor een manneken’, zo wilde het gezegde.

Het oude deel van Elsloo, nu een beschermd dorpsgezicht, lag oorspronkelijk op een steilrand aan de Maas. Al in de middeleeuwen was de rivier een belangrijke handelsroute voor Limburg en Maasschipper was in de 16e-19e eeuw een veelvoorkomend beroep. Ook in Elsloo was de Maas een bron van welvaart, reden voor rijke schipper en reder Jan Conincx om hier in 1620 de schippersbeurs annex woonhuis te bouwen. Het gebouw is opgetrokken in de stijl van de Maaslandse renaissance, ruim voorzien van vele ‘speklagen’ van lichtgekleurd mergelsteen. In de schippersbeurs werden de ladingen – en daarmee ook de inkomsten – verdeeld over de schepen.
Tegenwoordig biedt het gebouw onderdak aan het Streekmuseum, dat een beeld geeft van het alledaagse leven in Elsloo in vroeger tijden. En die gaan veel verder terug dan je zou verwachten: ruim 7500 jaar! De vele opgravingen van de Bandkeramische nederzetting rond de Koolweg maken Elsloo uniek en internationaal bekend. Het volk van de Bandkeramiekers lieten ons het oudst bekende aardewerk van het land na.

Elsloo heeft nog een unieke troef in handen – bij wielerfanaten heeft het dorp een speciaal plekje in hun hart. Kijk bij de schippersbeurs omlaag en je ziet hem liggen: Neerlands enige kasseienhelling, de Maasberg! Geen wonder dat je hier vele amateurwielrenners naar boven ziet zwoegen. De korte maar venijnige beklimming was jarenlang onderdeel van de Amstel Gold Race en is daarmee een ‘must’. Onderaan de steilrand ligt een wielermonument (2019), waarmee Elsloo haar wielerhelden uit de ‘gouden jaren’ (1940-1960) eert.

Verrassing: de huidige, royaal bemeten gebouwen zijn helemaal geen kasteel! Het zijn ‘slechts’ de economiegebouwen, de dienstruimten waar het personeel werkte en verbleef. Het eigenlijke kasteelgebouw werd in 1885 door brand verwoest.
Oorspronkelijk stond er een (vroeg-)middeleeuwse burcht dicht bij de Maas, maar naarmate de rivier zijn loop verlegde werden de funderingen steeds verder door het water ondermijnd. Bij extreem lage waterstand zijn de restanten van die vroege burcht soms nog zichtbaar. De heer van Elsloo zocht het toen hogerop en verhuisde begin de 17e eeuw naar een veiliger plek bovenop de steilrand, waar al twee goed renderende eigendommen stonden: een watermolen en een brouwhuis. De brouwerij krijgt een nieuwe plek aan de Maasberg 6 en het oude ‘panhuys’ (brouwhuis) wordt omgebouwd tot herenhuis. Van dit gebouw bleef na de brand alleen de in 1838 bijgebouwde ronde toren met Maaslandse speklagen over. Binnenin bevindt zich een unieke pronkkamer in vroeg-neogotische stijl.
Naast de toren, ter hoogte van de grote houten poortdeuren, ligt verborgen aan de achterzijde het oudste gedeelte: de Slakmolen uit 1553, met molenvijver. Bij de 17e-eeuwse verbouwing ging de oorspronkelijk vrijstaande molen op in de economiegebouwen van het nieuwe herenhuis. De gerestaureerde molen is te bezichtigen (www.slakmolen.nl). Bij het kasteel ligt een 18e-eeuws Engels landschapspark met een grote vijver en romantische slingerende paden. Het park gaat over in het Elsloërbos, het steilste hellingbos van ons land.

Door het Elsloërbos stromen verschillende bronbeken die de vijvers van het Engelse landschapspark van het kasteel voeden. Het Terhagerpötje lijkt nu niet meer dan een romantisch sierbruggetje, maar eronderdoor liep het pad naar een eeuwenoude waterplaats (beter te zien vanaf de zij-/onderkant). ‘Pötje’ betekent put of bron. Door het pad onder de brug door te volgen konden de bewoners van het nabijgelegen gehucht Terhagen nog steeds water bij de bron halen, terwijl de adellijke landgoedeigenaren – geheel op stand – over de brug konden lopen. Zo hoefden hun paden die van het plebs niet te kruisen.

Het oorspronkelijke theehuisje werd in de 18e eeuw gebouwd tijdens de aanleg van het Engelse landschapspark. Vanuit het prieeltje hadden de De Geloes – de laatste adellijke bewoners van het kasteel – een prachtig overzicht op hun nagelnieuwe park, hun landerijen en de daarachter glinsterende de Maas. Het huidige theehuisje is alweer de derde versie, nadat vandalen in 2014 het vorige in de as hadden gelegd.

De naam van deze 19e-eeuwse kapel voert terug op wat er eerder op deze plek stond: een schandpaal of kaak. Hier komt ook de uitdrukking ‘iets aan de kaak stellen’ vandaan. Als landsheer van een hoge heerlijkheid hadden de heren van Elsloo het recht om lijfstraffen op te leggen. Vanaf 1795 werd het feodale stelsel – en daarmee de heerlijke rechten – door de Fransen afgeschaft en verdween ook de schandpaal. De kapel is van na die periode (ca. 1825) en is gebouwd in neogotische stijl. Begin 20e eeuw kreeg de kapel gezelschap van de overbodig geworden dorpswaterpomp, nadat Elsloo in de jaren 30 was aangesloten op het drinkwaternet van de in 1925 opgerichte N.V. Waterleiding Maatschappij voor Zuid-Limburg.