Bommelsteinroute

Nederland, Noord-Holland, Nederhorst den Berg

Ollie B. Bommel en zijn kasteel geven deze route zijn naam. Achter de kasteelmuren in Nederhorst den Berg gingen namelijk de Toonder Studio’s schuil, vanaf 1967 tot ver in de jaren negentig. Hier maakt de Vecht een grote slinger naar het westen. U volgt die slinger over het rustige asfaltweggetje langs de rivieroever met wijde uitzichten over de veenweiden. Water is er ook aan de oostzijde, waar de wandeling eerst de oevers van de diepe Spiegelpolder volgt en dan door de laatste veenwildernis terugkeert naar Nederhorst den Berg.

Let op: volg bij deze route de beschrijving hieronder en NIET de bordjes/paaltjes onderwerg.

1. Voor de Willibrordkerk bij de houten muziektent de Brugstraat in. Na bocht is een trap naar de kerk. Terug naar de muziektent en la. U loopt Nederhorst den Berg uit. Na een kilometer bij huisnummer 12-3, la tussen huizen door en na hek door de Hornen Kuijerpolder. Einde door hek en la langs de Vecht. Na Châlet Parc De Vechtoever is de route onverhard, rechts blijven en langs het water blijven lopen.

2. Bij de openbare weg even rd over fietspad dat naar rechts afbuigt. Rd weer langs de Vecht. Na 100 meter, bij parkeerterrein, langs de oever van de Vecht over grindpad. Terug op de straat ra en eerste straat la. Met de bocht mee naar links. Waar de straat weer naar links afbuigt rd door een wandelgebied.

3. Op de driesprong rd (Randweg) over het fietspad aan rechterkant. Na 90 meter ra en la (Kooikerboog). Einde weg ra (De Kooi) en langs parkeerplaats rd. Einde ra, fietspad.

4. Voor brug la en rechts aanhouden, grindpad. Voor bruggetje ra en pad uitlopen, alle zijpaden negerend. Na scherpe bocht naar rechts, langs metalen hek, links aanhouden, daarna rechts aanhouden. Over het Ankeveensepad, langs de molen, en later over de verharde weg terug naar de muziektent.

Vlakbij de route ligt, op de Berg, de Willibrordkerk, naast de ingang naar het kasteel. De eeuwenoude kerk heeft een romaanse toren, 12e-eeuws schip en een vermoedelijk 14e-eeuws koor. Je ziet duidelijk de hogere ligging (zie hieronder). Daarna daalt de route snel af naar het opvallend brede centrum van Nederhorst den Berg. Van de 17e eeuw tot in de jaren zestig van de vorige eeuw liep dwars door de plaats een kaarsrecht kanaal dat de grote, naar het westen uitbuigende slinger van de Vecht afsneed.

De berg en het kasteel
Loop in Nederhorst den Berg naar de Willibrordkerk en u ziet dat deze duidelijk iets hoger ligt. Het bultje is een herinnering aan het landijs van de voorlaatste ijstijd, dat de zandgrond opstuwde. Natuurlijk een prima plek om te wonen, maar Berg is wellicht een ietwat overdreven benaming. Het eerste deel van de naam Nederhorst den Berg slaat op het kasteel, dat in oorsprong 13e-eeuws is. In het niet-toegankelijke kasteel waren in de vorige eeuw de Toonder film- en tekenstudio’s gevestigd. Vanwege de associatie met een van Toonders geesteskinderen, Heer Bommel, kreeg het kasteel in de volksmond de naam Bommelstein.

Het mooiste stukje gaat over het graspad dwars door de Horn- en Kuijerpolder. In het voorjaar vliegen kieviten, scholeksters en tureluurs op om de aandacht van de wandelaars af te leiden van de ligging van hun nesten. De slootkanten bloeien volop, omdat ze nauwelijks worden bemest. Dankzij die schrale, voedselarme omstandigheden neemt het aantal plantensoorten toe. De straatnaam Eilandseweg herinnert aan de tijd dat de polder alleen te bereiken was via een ophaalbrug over de Reevaart (het kanaal dat tot de jaren zestig de Vechtbocht afsneed).

Langs de Vecht dobberen luxe schepen. Als het landschap zich weer opent, markeren populieren het Amsterdam-Rijnkanaal en wie goed kijkt ziet de schepen achter de bomenrij langsschuiven. Het kanaal heeft de functie van de Vecht als vaarweg overgenomen – eerst als Merwedekanaal en na de verbeteringen van 1952 als Amsterdam-Rijnkanaal. Links is nog steeds zicht op de open veenweiden met de kerktorens van Nederhorst den Berg aan de horizon.

Voorbij Overmeer wandelt u langs de grote waterplas van de Spiegelpolder. Hier heeft het landschap de nodige metamorfoses ondergaan. Oorspronkelijk was het een veenwildernis, die werd ontgonnen en gebruikt als weidepolder. Maar het onderliggende veen was geld waard: na droging was het geschikt als brandstof. Zo ontstond een landschap van langgerekte petgaten waaruit het veen werd weggebaggerd en steeds smallere legakkers waarop het veen te drogen werd gelegd. Eind 20e eeuw kwam de ondergrond in zicht; onder het veen lag een dikke laag zand, bruikbaar voor ophoging van de bodem voor de aanleg van van nieuwe woonwijken en wegen. Grote hoeveelheden zijn weggebaggerd en er ontstond een waterplas van tientallen meters diep.

De wandeling buigt uiteindelijk af naar het laatste veenwildernisje. Hier is nog een klein stukje van het veenwinningslandschap bewaard gebleven. U ziet een legakker, met daaraan grenzend de leeggebaggerde petgaten. In het voorjaar zijn ze bekleed met een tapijt van witte waterlelies. Doet men niets dan zullen deze gaten langzaam maar zeker weer verlanden en eindigen als moerasbos. Langs de molen, een achtkante binnenkruier uit 1636 die ooit de Stichts-Ankeveensepolder bemaalde, gaat de route terug naar Nederhorst den Berg.