Zwemmen in zee, een meer of een rivier? Hier moet je op letten
Niets fijner dan een verkoelende duik op een warme dag. Maar niet elke zwemplek is hetzelfde. Of je nu gaat zwemmen in zee, een meer of een rivier, dit wil je checken voordat je het water in gaat.
Voordat je het water in gaat
Waar kun je veilig zwemmen?
Niet elke plek aan het water is ook bedoeld om te zwemmen. Kies daarom bij voorkeur voor een officiële zwemplek. Daar zie je duidelijk waar je het water in mag en vind je vaak informatie over de plek zelf.
Is de waterkwaliteit in orde?
De waterkwaliteit kan veranderen, zeker op warme dagen. Controleer daarom voordat je gaat zwemmen of er waarschuwingen zijn voor bijvoorbeeld blauwalg of botulisme. Op Zwemwater.nl zie je de actuele waterkwaliteit per zwemplek.
Wat zeggen de borden en vlaggen?
Bij een officiële zwemplek staan borden en vlaggen. Die geven aan of je het water in mag en waar je rekening mee moet houden. De Reddingsbrigade Nederland heeft een handig overzicht van alle strandvlaggen.
Val je goed op in het water?
In open water zijn felle kleuren vaak beter zichtbaar dan donkere kleuren. Dat maakt het makkelijker om elkaar in de gaten te houden. Ga je met kinderen zwemmen of ben je minder ervaren in open water? Dan kan een zwem- of reddingsvest een goede keuze zijn.
Open water is net even anders
In open water werkt zwemmen net even anders dan in het zwembad.
Het water is vaak kouder dan je denkt
Het water is vaak kouder dan je denkt
De temperatuur van het zwemwater is vaak lager dan die van het lichaam (het water in de Noordzee is ’s zomers gemiddeld 18 graden!). Let er goed op dat je geen onderkoelingsverschijnselen krijgt zoals een bleke huid, rillen of uitputting.
Duik niet zomaar het water in
Duik niet zomaar het water in
In open water zie je niet altijd hoe diep het is of wat er op de bodem ligt. Zeker bij troebel water is het slim om eerst rustig het water in te gaan in plaats van te springen of te duiken.
Zwemmen in zee
Zand tussen je tenen, wind door je haren en dan de zee in. Heerlijk, zolang je rekening houdt met golven, stroming en de wind.
- Let op dat je niet afdrijft. Een luchtbed of opblaasdier is leuk om op te dobberen, maar door wind en stroming kun je ongemerkt afdrijven. Houd daarom altijd in de gaten waar je bent ten opzichte van het strand.
- Houd afstand van pieren en golfbrekers. Pieren, palen en golfbrekers lijken misschien een handige herkenningsplek, maar rondom deze constructies kunnen sterke stromingen ontstaan.
- Weet wat je moet doen bij een mui. Veel reddingsacties op het strand hebben te maken met muien. Dit zijn sterke stromingen die je van het strand af kunnen trekken. Kom je in een mui terecht? Zwem dan niet recht terug naar de kust, maar zwem eerst met de stroming mee en vervolgens parallel aan het strand.
Zwemmen in een meer of plas
Bij een meer of plas zie je niet altijd hoe diep het is, hoe de bodem loopt en of het water schoon genoeg is.
- Zwem niet zomaar in een zandwinplas. Sommige oude zandwinplassen zijn geschikt gemaakt om in te zwemmen, maar dat geldt niet voor elke plas. De oevers kunnen instabiel zijn en door de diepte kan het water koud zijn. Check daarom eerst of het een officiële zwemplek is.
- Let op diepteverschillen. In sommige plassen loopt de bodem ineens steil af. Blijf daarom in het begin dicht bij de kant en ga rustig het water in.
Zwemmen in een rivier of kanaal
Bij een rivier of kanaal kijk je niet alleen naar het water zelf, maar ook naar de vaarroute, passerende schepen en stroming.
- Zwem niet in de vaargeul. Dit is de route die boten en schepen gebruiken. Zwemmen is hier verboden. Op Zwemwater.nl zie je waar je wél kunt zwemmen.
- Houd rekening met de stroming. Ook als het water rustig lijkt, kan er in een rivier of kanaal sterke stroming zijn of kunnen draaikolken ontstaan.
- Let op passerende schepen. Boten en schepen verplaatsen veel water. Daardoor kunnen golven ontstaan en kan het water ineens terugstromen, ook als een schip al voorbij is.
Wat te doen in geval van nood?
Als iemand in het water in de problemen komt, wil je natuurlijk meteen helpen. Toch adviseert de Reddingsbrigade om niet zomaar zelf het water in te gaan, tenzij je daarvoor getraind bent en de situatie goed kunt inschatten. Anders kan de situatie gevaarlijker worden.
Bel 112
Bel 112
Geef zo duidelijk mogelijk door waar je bent. Noem bijvoorbeeld de naam van de zwemplek, strandopgang, parkeerplaats of herkenningspunt in de buurt.
Houd de persoon in het oog
Houd de persoon in het oog
Wijs iemand aan die blijft kijken waar de persoon in nood is, zodat hulpdiensten weten waar ze moeten zoeken.
Gooi iets toe dat blijft drijven
Gooi iets toe dat blijft drijven
Een reddingsboei, bal, luchtbed of koelbox kan iemand helpen boven water te blijven terwijl hulp onderweg is.