Tussen Rietveld en Mondriaan

Nederland, Utrecht

53
28
31
38
37
41
44
43
97
81
82
85
50
53
55
58
59
60
99
98
97

In 2017 bestaat De Stijl honderd jaar. De regio Utrecht en Amersfoort was een belangrijke broedplaats van deze stroming, want de vier bekendste kunstenaars ervan werden hier geboren: Theo van Doesburg, Bart van der Leck, Gerrit Rietveld en Piet Mondriaan. Stap op de fiets en ontdek welke sporen De Stijl in de regio heeft nagelaten: van het museum rond de schilder Piet Mondriaan tot talrijke creaties van meubelontwerper en architect Gerrit Rietveld.

Slot Zuylen is een van de oudste kastelen langs de rivier de Vecht. Verrassend genoeg begon Gerrit Rietveld juist in dit traditionele decor zijn carrière. Na de lagere school ging hij in de leer bij zijn vader, die een meubelwerkplaats had in de Utrechtse wijk Wittevrouwen. Vader Rietveld leverde enkele kasten aan de toenmalige kasteelheer baron van Tuyll van Serooskerken. Gerrit ontwierp rond 1905 een tafel en drie stoelen voor het poortgebouw van het kasteel; het is zijn vroegst bekende werk. Wie een kijkje in het kasteel wil nemen, kan mee met een gids.

Het Centraal Museum bezit de grootste Rietveldcollectie ter wereld, van documenten en maquettes tot stoelen, kasten en lampen. Een groot deel is persoonlijk door Rietveld geschonken ter gelegenheid van zijn eerste overzichtstentoonstelling in 1958. Topstuk is de wereldberoemde rood-blauwe leunstoel, die hij in 1918 ontwierp en in 1919 in het tijdschrift De Stijl werd gepubliceerd. Op dat moment was de stoel nog ongeverfd. Pas later koos Rietveld, onder invloed van De Stijl, voor de kleuren rood, blauw, zwart en geel.

Weinig begraafplaatsen zijn zo sfeervol als Soestbergen. Slingerpaadjes en vervallen grafmonumenten zorgen voor een nostalgische wandeling. Ga vanaf de ingang naar links voor het opvallend moderne grafmonument van Rietveld: een blokvormige steen met één schuine kant. Rietveld werd hier in 1995 door zijn kinderen herbegraven. Daarvoor lag hij in Bilthoven naast Truus Schröder, de vrouw met wie hij de laatste fase van zijn leven heeft doorbracht. Nog een herinnering aan Rietveld staat in vak 12: hij ontwierp het monument voor de in 1909 overleden Evert Nijland, directeur van de Nederlands Hervormde Burgerschool in Utrecht. Het is een sobere zuil die vooral opvalt door de belettering.

Stap af op de plek waar de Tamboersdijk de Kromme Rijn oversteekt en volg het pad langs de noordoever 100 m tot aan de zitbank. Rietveld ontwierp deze bank in 1959 voor de tuin van de Calvéfabriek in Delft. Ook de twee woningen (1959) daarachter zijn van zijn hand. Het bakstenen huis links (Breitnerlaan 9) staat bekend als Huis Muus, naar de eerste bewoners. Het naastgelegen Huis Theissing (Breitnerlaan 11) valt vooral op door de witte muren en gele kleurvlakken. Het interieur is kenmerkend voor Rietveld: de binnenmuren kun je wegschuiven, waardoor één grote ruimte ontstaat. Theissing werkte voor bouwbedrijf Bredero, dat de B2-betonblokken (van Bredero Beton) had ontwikkeld waar het huis mee is gebouwd. Helaas trad al snel lekkage op – een euvel dat vaker voorkwam bij de experimentele woningen van Rietveld. Het verhaal gaat dat mevrouw Theissing tijdens een regenbui huilend bij de buren om emmers kwam vragen.

In 1917 begon Rietveld een eigen meubelmakerij aan de Adriaen van Ostadelaan 93. Op de zijgevel van het pand pronkt nog altijd een foto van hem en zijn medewerkers. Rietveld, hier zittend in zijn later beroemd geworden stoel, moest weinig hebben van de traditionele meubels van zijn vader en experimenteerde met lichte, functionele meubels van goedkope materialen, waarbij de constructie vaak zichtbaar is.

Fiets bij de markante kerk een klein stukje de Rembrandtkade op: het blokvormige huis met garage links (Waldeck Pyrmontkade 20) staat bekend als de chauffeurswoning. Het dateert van 1928 en was bedoeld voor de chauffeur van de arts H. van der Vuurst de Vries, die zelf op Julianalaan 10 woonde. Rietveld gebruikte geprefabriceerde elementen, in dit geval een stalen skelet en betonnen platen. Voor die tijd was deze bouwwijze zeer vernieuwend – en niet geheelsuccesvol, want ook hier bleek lekkage op te treden. De bijnamen ‘het zeefje’ en ‘het mandje’ zeggen wat dat betreft genoeg.

In 1927 gaf Rietveld het huis van de arts H. van der Vuurst de Vries op Julianalaan 10 een grondige update. Tot die tijd zag het huis er net zo uit als de andere panden van het blok. Rietveld koos voor een plat dak en een strakke gevel met een zwarte plint.

Rietveld verwierf wereldfaam met twee iconen: de rood-blauwe stoel en het Rietveld Schröderhuis. Ook nu nog oogt dit huis (1924) revolutionair door de extreem doorgevoerde kubistische vormen en heldere kleuren. Voor Rietveld was het zijn eerste opdracht als architect. Opdrachtgeefster was de eigenzinnige kunstenares Truus Schröder-Schräder, met wie hij al eerder had samengewerkt. Haar man was kort daarvoor overleden en ze zocht een nieuwe woning voor zichzelf en haar kinderen. Het resultaat was dit revolutionaire huis, waarvan het exterieur is ontstaan vanuit het ontwerp voor het interieur. De kleuren van De Stijl – blauw, geel en rood, aangevuld met wit, zwart en grijs – keren overal terug. Het gezin woonde op de bovenverdieping, die toen nog uitkeek op uitgestrekte landerijen. Het klikte uitstekend tussen Rietveld en Truus Schröder. Van 1925 toten 1933 had hij een kantoor op de benedenverdieping van het huis en na de dood van zijn echtgenote in 1958 trok hij zelfs bij haar in. Het huis staat nu op de Werelderfgoedlijst van UNESCO.

Op de tegelwanden van het viaduct zijn 32 stoelen van Rietveld afgebeeld. Dit kunstwerk (2001) van Margot Berkman en Eline Janssens heet Sitting in Blue, een verwijzing naar de stoelen en de blauwe tegels. Goed te zien is dat Rietveld streefde naar strakke, functionele ontwerpen die geschikt waren voor massaproductie. Wat dat betreft was hij zijn tijd ver vooruit: zijn stoelen zouden niet misstaan bij Ikea. Helaas waren zijn klanten nog niet zo modern ingesteld.

In 1931 ontwierp Rietveld aan de Erasmuslaan twee huizenblokken volgens de ideeën van het Nieuwe Bouwen. Kenmerken van deze stroming: sobere, functionele ontwerpen, gebouwd met (voor die tijd) moderne materialen als staal en beton. De woonblokken dienden als voorbeeld voor socialewoningbouwprojecten, maar het toepassen van een staalskelet bleek erg duur. Let ook op de ruime galerijbalkons en de sobere kleuren: Rietveld laat hier het kleurenpalet van De Stijl helemaal los.

Net buiten de route staat nog een creatie van Gerrit Rietveld: fiets bij knooppunt 81 langs de vierkante stadhuistoren (1e Dorpsstraat) en steek aan het einde schuin links de weg over (Henriëtte van der Lijndenlaan). Even verder staat rechts een gebouw dat Rietveld in 1932 ontwierp als muziekschool, met daarbij twee appartementen. Nu valt het pand met zijn hoekige vormen en betonnen muren nauwelijks op, maar destijds was dit ontwerp zeer vernieuwend. Vergelijk deze vormentaal bijvoorbeeld met de landelijke villa’s rondom en het bakstenen gebouw (1928) aan het begin van de Henriëtte van der Lijndenlaan.

Ook de architect Robert van ’t Hoff (1887-1979) sloot zich kort aan bij De Stijl, tot hij een politiek meningsverschil met Theo van Doesburg kreeg. Langs de Amersfoortseweg bouwde hij twee heel verschillende huizen. Dat hij in Engeland had gestudeerd is goed te zien aan de traditionele Villa Løvdalla (huisnr. 13), die hij in 1911 voor zijn ouders bouwde. Daarna raakte hij in Amerika geïnspireerd door het werk van de architect Frank Lloyd Wright. Dat leidde in 1915-1916 tot Villa Henny (huisnr. 11a), die gedeeltelijk achter de struiken schuilgaat. Het toepassen van betonskeletbouw was voor die tijd ultramodern, net als de strakke vormen, witgepleisterde muren, balkons en overhangende dakranden. Voor de liefhebbers: in het nabijgelegen Huis ter Heide ontwierp hij ook Huis Verloop (Ruysdaellaan 2), dat duidelijk is geïnspireerd op werk van Frank Lloyd Wright.

Niet architectuur maar natuur staat centraal op Park Vliegbasis Soesterberg. Dankzij de aanwezigheid van militairen – tot hun vertrek in 2008 – had de natuur hier lange tijd vrij spel. Zelfs de grasstroken langs de landingsbaan zijn belangrijk vanwege de grote populatie veldleeuweriken. In het Nationaal Militair Museum wordt duizenden jaren militaire geschiedenis geïllustreerd.

Rietveldpaviljoen De Zonnehof ligt net buiten de route: fiets bij 98 de Arnhemseweg in, dan eerste weg rechtsaf. Het paviljoen doemt links achter de parkeerplaats op. Het werd in 1959 geopend en is een schoolvoorbeeld van de functionele, zakelijke ontwerpen die Rietveld in deze periode maakte. De rechthoekige gevelvlakken, de kleuren en de rechte lijnen herinneren aan De Stijl. Het paviljoen wordt gebruikt voor tentoonstellingen.

In 1872 werd Piet Mondriaan geboren in wat nu het Mondriaanhuis is. Zijn vader was hoofdonderwijzer in de school die ook in het pand was gehuisvest. Piet Mondriaan zou er tot zijn achtste wonen. Het museum neemt bezoekers mee door zijn leven en de ontwikkeling die hij als schilder doormaakte. Bijzonder is een reconstructie van zijn atelier in Parijs, dat geheel in kleuren van De Stijl is ingericht.