De Marshoek-route

Nederland, Overijssel, Dalfsen

83
58
87
76
86
79
40
70
50
66
48
49
45
44
43
56
59
83

De Vechtvallei tussen Dalfsen en Zwolle is een laaggelegen, drassige streek. Namen op de kaart als Marshoek en Broekhuizen zijn veelzeggend: zowel 'mars' als 'broek' betekent 'moeras'. Bewoning was in dit gebied alleen mogelijk op de rivierduintjes, die als iets hogere zandruggen (horsten) uit de vlakte oprijzen. De dorpjes Hoonhorst, Lenthe, Wythmen en Herfte liggen erop. Dit rivierduinlandschap is ontstaan doordat de wind tijdens de laatste ijstijd vat kreeg op de drooggevallen zandbanken in het oerstroomdal van de Vecht.

In 1234 werd de plaatsnaam Dalfsen voor het eerst vermeld. In de huidige kerk (uit 1455) is een grafmonument van de familie Rechteren, de bezitters van het gelijknamige kasteel. De nabije Westermolen is nog steeds in bedrijf. Opmerkelijk is dat Dalfsen nooit stadsrechten heeft gekregen, terwijl andere plaatsen langs de Vecht (Ommen, Hardenberg en Gramsbergen) deze wel hadden. De oorzaak daarvan is waarschijnlijk de overheersende positie die het huis Rechteren al vroeg in dit gebied heeft ingenomen. Stadsrechten gaven in de middeleeuwen een stad een zelfstandige positie ten opzichte van de landadel. Dat verdroeg zich moeilijk met de machtspositie van de heren van Rechteren.

Rond Dalfsen en Heino ontstond in de late middeleeuwen een gordel van edelmanshuizen die bijna allemaal de status van havezate verwierven. De bezitter van een havezate had het recht een zetel te bekleden in het bestuur van Overijssel. Van die oude havezaten zijn er nog acht over: Rechteren, Hessum, Huis Den Berg, Den Aalshorst (met het bijhorende in Engelse landschapsstijl aangelegd park Het Engelse Werk), De Horte, De Mataram, De Leemcule en De Ruitenborg. Informatie over deze landgoederen vindt u op het ANWB-informatiepaneel bij het gemeentehuis van Dalfsen.

Al snel na het begin van de route passeert u Huis Den Berg, dat voor het eerst in 1483 vermeld wordt. Het huidige huis stamt uit 1702, de tuinen zijn van1742 en werden mede ontworpen door landschapsarchitect Samuel van Beinum. Het huis is particulier bewoond.

Bij Broekhuizen gaat u via de stuw naar de noordelijke oever richting Dalfsen. Naast de stuw, die de waterstand reguleert,ligt een schutsluis voor schepen. Bovendien is er een vistrap,waarlangs vissen als forel en winde stroomopwaarts kunnen zwemmen om te paaien.

Route-alternatief
Voor het geval de stuw bij Broekhuizen gesloten is kunt u als alternatief langs de zuidelijke oever blijven rijden. U fietst dan bij knooppunt 44 rechtdoor naar knooppunt 58.

Een van de eerder op de route genoemde oude havezaten is De Ruitenborgh. U passeert het kort na knooppunt 43, nadat u (toepasselijk) rechtsaf de Ruitenborghweg bent ingegaan. Hier stond ooit een slot, een van de oudste van Salland, dat al in de 13e eeuw vermeld werd. Het kasteel maakte plaats voor een havezate zonder gracht – een voorwaarde van de bisschop – dat in de 19e eeuw weer plaats moest maken voor het huidige monumentale huis.

De esgronden rond de buurtschap Ankum waren in de middeleeuwen een aantrekkelijke vestigingsplaats, niet alleen voor landbouwers, maar ook voor de op Zwolle georiënteerde Sallandse adel die het liefst zo dicht mogelijk bij de stad woonde. De Ankummer Es was het eerste gebied buiten de IJsselvallei dat bewerkt en bebouwd kon worden. Tegenwoordig is het een weg die deels door een woonwijk van Dalfsen loopt.

Net voor de eerste bebouwing van Dalfsen passeert u nog Huis De Leemcule, ook een van de eerder genoemde edelmanshuizen. De Leemcule werd in 1320 voor het eerst vermeld. Het huis dat u nu ziet, is niet de originele havezate. Dat werd in 1812 afgebroken, waarnan een van de bijgebouwen in 1823 werd verbouwd tot het huidige woonhuis.