Lankheetroute

Nederland, Overijssel, Sint Isidorushoeve

17
18
19
20
21
24
46
47
48
76
54
53
51
50
15
16
17

Ten zuiden van Haaksbergen ligt tegen de grens met Duitsland een gordel van zeer waardevolle natuurgebieden, waaronder het landgoed Lankheet. Het ligt op de hoge zandgronden tussen de Buurserbeek en de Berkel. Onder meer op dit soort dekzandruggen vestigden zich duizenden jaren geleden de eerste bewoners van deze streek. Het Lankheet werd in de vorige eeuw door de textielfamilie Van Heek aangekocht als geldbelegging.

De Sint-Isidorushoeve ontleent zijn naam aan de beschermheilige van de boeren. Het katholieke dorp is ontstaan rond de St.-Isidoruskerk (1928). Naast de kerk kwamen al snel een café, een smederij en een kruidenierswinkel, en daaromheen de huizen. In De Hoeve, zoals het dorp in de volksmond heet, stonden de huizen tot de tweede helft van de vorige eeuw voornamelijk aan de hoofdstraat, inmiddels zijnhier enkele nieuwe woonwijkjes verrezen.

De lijn Haaksbergen – Boekelo werd in 1884 aangelegd om Duitse steenkool te vervoeren naar de stoomketels van de Enschedese tex­tielfabrieken. Op het spoorlijntje laat de stichting Museum Buurt Spoorweg tegenwoordig in de zo­mer stoomtreinen rijden. Het rij­dend materiaal staat in Haaksber­gen in de remise. Daar is ook het oude station bewaard gebleven.

Waar nu het Marktplein van Haaks­bergen ligt (en vroeger de Buurser­beek liep), lag rond het jaar 800 een nederzetting van boeren. Uit het jaar 1000 stammen de resten van een houten kerkje. Op deze plek staat nu de uit Bentheimerzand­steen opgetrokken Pancratiuskerk.

Het Buurserzand is een gevarieerd open heidegebied met stuifzanden, jeneverbes-struwelen, vennen en drogere eikenberkenbossen. Dit gebied bleef gespaard van ontginning omdat de familie van Heek het gebied gebruikte als jachtgebied. Begin vorige eeuw schonk deze textielfamilie uit Enschede dit natuurgebied aan Natuurmonumenten.

Het veengebied ten zuiden van Haaksbergen is een veenputtencomplex met goed ontwikkelde overgangen naar het omliggende zand- en  leemlandschap. Door vernattingsmaatregelen in het verleden zijn de nog aanwezige, met hoogveenvegetatie begroeide veenpakketten veranderd in drijftillen, die qua vegetatie sterk lijken op moerasheiden. Er is een afwisseling van veenputten en dijkjes. U kunt hier tevens de schaapherder met zijn kudde ontmoeten.

In Het Lankheet zijn restanten van oude heidevelden te zien met vennen. Sommige daarvan zijn waterhoudend dankzij ondoor­dringbare keileem in de onder­grond. In het gebied wordt in 18 bassins onderzoek gedaan in samenwerking met Wageningen Universiteit naar de zuivering van oppervlaktewater met behulp van rietfilters.

Het Lankheet is vernoemd naar twee erven uit de 17e eeuw: Oud en Nieuw Lankheet. De familie Lank­heet bewoonde lange tijd deze boerderijen. Langs de Buurserbeek, die door het Lankheet stroomt, zijn sporen van een oud haventje ge­vonden. Langs de beek liggen de oudste landbouwgronden. De ak­kers werden tegen vee beschermd door eiken houtwallen, die regel­matig werden gesnoeid zoals te zien is aan de verdikking die som­mige eiken aan de onderkant bezit­ten.

Na 1600 was in Neede alleen nog het gereformeerde geloof toe­gestaan. De katholieken zochten daarop geheime plaatsen waar zij de mis konden houden. Vanaf 1712 kerkten de katholieken in de Erve Reetmölle aan de oever van de Schipbeek. De boerderij bestaat nog steeds en werd de kern van het late­re kerkdorp Rietmolen. De huidige kerk dateert uit 1932 en werd ont­worpen door Clemens Hardeman in de stijl van de Amsterdamse school. Om die reden staat het gebouw op de rijksmonumentenlijst. Met name de minaretachtige toren is karakte­ristiek. Lange tijd was hij een oriën­tatiepunt voor straaljagerpiloten van de vliegbasis Twente.