Beekbergerwoudroute

Nederland, Gelderland, Beekbergen

92
93
94
91
52
51
28
85
09
69
12
07
92

Deze gevarieerde route doorkruist drie landschappen: de grote Veluwse stuwwal, nat broekland ten oosten van het Apeldoornsch Kanaal en de enk van Beekbergen en Lieren. De stuwwal, ontstaan in de voorlaatste ijstijd (180.000- 120.000 jaar geleden), is grotendeels bebost en heuvelachtig; in de 19e eeuw waren grote delen nog heideveld en zandverstuiving. Het broekland is nu welvarend weidegebied, vroeger lagen hier uitgestrekte natte hooilanden en moerasbossen, waaronder het laatste Nederlandse oerbos, het Beekbergerwoud, gekapt in 1871. Aan de voet van de stuwwal, op de grens tussen nat en droog, ontstonden nederzettingen, waaronder Beekbergen en Lieren. De enken rond deze dorpen ontstonden door eeuwenlange plaggenbemesting van het akkerland.

Beekbergen is de bakermat van de Veluwse papierindustrie. In 1601 begon Marten Orges hier met het scheppen van papier. Zijn graf vindt u in de 13e-eeuwse tufstenen N.H. kerk.

Een watermolen, Ruitersmolen, gebouwd door Marten Orges in 1606, ligt iets buiten de route in het noordoosten van Beekbergen, aan de Beekberger Beek (Tullekensmolenweg 47).

Van speciaal belang voor de papierindustrie was later de spoorlijn Apeldoorn - Dieren, uit 1887. Grote stimulator was koning Willem III; het lijntje heette in de volksmond de Willem III. U rijdt langs het lijntje bij Lieren, met het voormalige stationnetje Beekbergen; in de zomermaanden rijdt hier een stoomtrein, speciaal voor toeristen.

Het Apeldoorns Kanaal maakt een bocht ter hoogte van de Vrijenberger spreng, waar een groot trechtervormig dal is, gevormd in de ijstijden door smeltwatererosie. Het geërodeerde materiaal werd afgezet in de vorm van een grote puinwaaier, bestaande uit zand en grind, aan de ingang van het dal. Het Apeldoorns Kanaal zwenkt om die iets hogere puinwaaier heen.

Ten behoeve van de watervoorziening in het Apeldoorns Kanaal werd in het trechtervormige dal de Vrijenberger spreng gegraven, in de jaren zestig van de 19e eeuw. Door de grote hoogteverschillen ontstond de Loenense waterval, de hoogste waterval van Nederland (15 m). Stelt u zich er niet te veel van voor; het is meer een kunstmatige cascade dan een waterval, door waterbouwkundig ingenieurs aangelegd als een trap.

Bij de Vrijenberg, tussen Loenen en Beekbergen, vond in 1354 een veldslag plaats tussen de Heekerens en de Bronkhorsten. Hertog Reinald III koos de zijde van de Heekerens; hij verklaarde de horige boeren van de Veluwe plotseling vrij om de gunst van de plattelandsbevolking te winnen. Zijn jongere broer Eduard, die het opnam voor de Bronkhorsten, duldde dit niet en kwam op voor de gevestigde orde. De slechtbewapende vrije boeren verloren de veldslag. De plek waar dat gebeurde heet sindsdien de vrijenberg.

Enkele kilometers verderop ligt een andere historische plek, bij de Woeste Hoeve. Waar nu een prachtig monument staat, werden op 8 maart 1945 honderdzeventien Nederlanders gefusilleerd als vergelding voor een onbedoelde aanslag op SS-leider Rauter, twee dagen eerder op dezelfde plaats.

Voorbij de Woeste Hoeve komt u bij een van de twee wildviaducten over de A50. De ‘gelijkvloerse’ corridor ligt er sinds 1986 en kostte acht miljoen gulden (€ 3,6 miljoen). Er passeren edelherten, wilde zwijnen, reeën, vossen, dassen en konijnen.