Ronde Venen-route

Nederland, Utrecht, Vinkeveen

31
28
29
39
49
48
44
38
59
16
60
24
58
53
51
31

De meeste polders in het Groene Hart hebben een rechthoekige vorm met rechte dijken, sloten en wegen. De Ronde Venen zijn daar een uitzondering op (de naam zegt het al). De buitengrens van deze 'waaier' van polders wordt gevormd door slingerende veenriviertjes als de Kromme Mijdrecht en Oude Waver. Het cirkelvormige patroon is bij Mijdrecht en Vinkeveen echter doorbroken als gevolg van turfwinning. De zo ontstane veenplassen werden drooggelegd, behalve de Vinkeveense Plassen. In de droogmakerijen overheerst de rechte lijn.

Veerdienst Nes a/d Amstel–Nessersluis
Tussen knooppunt 29 en 39; vaart dagelijks, tarief € 0,70; kijk voor de actuele vaartijden en tarieven op de website.

Vlak na de pont bij Nessersluis over de Amstel staat Fort Waver-Amstel, een van de 42 forten van de Stelling van Amsterdam. In geval van oorlog kon het gebied voor het fort onder water worden gezet. Ook bij Botshol en Amstelhoek staan forten van deze verdedigingslinie.

De weg daalt af naar de droog­makerij Groot-Mijdrecht. Het oor­spronkelijke veenmoeras is vanaf de 17e eeuw stukje bij beetje afgegra­ven om het (gedroogde) veen als brandstof te verkopen. Zo ontstond een meer, dat in de 19e eeuw is drooggelegd. Een deel van het ge­bied is nu ingericht als natte natuur. Het maakt deel uit van een keten natuurgebieden die de Nieuwkoop­se en de Vinkeveense Plassen met elkaar verbinden (Plan De Venen).

Botshol is een natuurreservaat met open water, moeras, riet- en hooiland. Het is geliefd bij weidevo­gels en wintergasten (eenden en ganzen). Daarachter liggen de Vin­keveense Plassen, ook ontstaan door turfwinning maar in tegenstel­ling tot Groot-Mijdrecht nooit drooggelegd. De smalle stroken grond langs de oevers zijn legakkers waarop de gestoken turf te drogen werd gelegd.

De weg van Vinkeveen via Dem­merik naar Donkereind is een res­tant van de middeleeuwse rond­weg die als ontginningsbasis diende. Op de kaart is de kromming nog goed te zien. In de vroege mid­deleeuwen bestond dit gebied uit een ontoegankelijke veenwildernis. Op de vruchtbare rivierklei direct langs de riviertjes groeide moeras­bos, het middengebied bestond uit veenmos. Rond 1100 trokken kolo­nisten vanaf de rivieren het veen­gebied in. Ze groeven ontwate­ringssloten en legden smalle paden (zuwen) aan. Deze sloten en paden waren gericht op het cen­trum van het veengebied, waar ze als spaken van een wiel bij elkaar kwamen. Tussen de buitenste cir­kel en het middelpunt bouwde men de boerderijen aan een cirkel­vormige ontginningsbasis. Daar zijn dorpen ontstaan als Wilnis, Mijdrecht, Vinkeveen, Demmerik en Donkereind. Een rondweg ver­bond de dorpen met elkaar.
Het complete verhaal van de ontgin­ning wordt verteld in Museum De Ronde Venen in Vinkeveen (Herenweg 240, 3645 DW, www.museumderondevenen.nl, apr.-ok, wo-zo 14-17 uur).

De Kromme Mijdrecht is een prachtig riviertje met dichtbegroei­de (riet)oevers en oude boerderijen met erfbeplanting. Van oorsprong zijn de Kromme Mijdrecht, Amstel en Oude Waver kronkelige veen­stromen die zich een weg baanden door de ontoegankelijke moeras­wildernis. De riviertjes steken nu uit boven de sterk ingeklonken en/of uitgeveende polders. Langs de ri­vier ligt vaak nog een strook niet-afgegraven veen, terwijl op enige afstand achter de dijk een diepe droogmakerij zichtbaar wordt. Dit is bijvoorbeeld te zien bij de Ponds­koekersluis.