Wegenwacht repareert vaker lekke band

Zorg voor een reservewiel.

De Wegenwacht van de ANWB repareert dit jaar bijna 40.000 banden met reparatiepluggen. Dat is een toename van 3.000 ten opzichte van 2014. De Wegenwacht gebruikt deze methode vaker omdat minder auto’s een reservewiel of thuiskomer aan boord hebben. Na een reparatie van de band met plug krijgen bestuurders de instructie dat ze niet harder moeten rijden dan 80 kilometer per uur. Ook wordt ze aangeraden de band zo spoedig mogelijk te vervangen voor een nieuwe.

Het wisselen van een lekke band door een thuiskomertje of een reservewiel neemt al jaren in aantal af. In 2012 werden nog 75.000 banden gewisseld. Eind 2015 zal dat rond de 68.000 liggen. De praktijk leert dat in 12.500 gevallen reparatie ter plaatse niet mogelijk is, terwijl er ook geen reserveband aanwezig is. Dan zorgt de Wegenwacht - ook ’s nachts - voor een vervangende band.

Volwaardig reservewiel

De Wegenwacht kiest niet voor het reparatiesetje, wat doorgaans bij de auto zit. Naast optredende kosten is reparatie lang niet altijd mogelijk en ook de effectiviteit van de werking kan de Wegenwacht niet overtuigen.
Het advies luidt dan ook: zorg altijd voor een volwaardig reservewiel aan boord, het zorgt voor meer veiligheid en minder oponthoud.

Bandencontrolesysteem

Is er echt geen ruimte voor een reservewiel dan raadt de Wegenwacht een bandencontrolesysteem aan (alleen beschikbaar voor nieuwe auto’s). Zo’n systeem waarschuwt via een lampje op het dashboard tijdig dat er een band lek is.
Een bandenspanningscontrolesysteem is trouwens verplicht op nieuwe auto’s vanaf bouwjaar 2015. Zo’n systeem voorkomt dat een band wordt kapotgereden. Dan kan de band meestal nog met een plug gerepareerd worden.   
Ook montage van zogenoemde runflatbanden is mogelijk, waarmee nog over korte afstand met een lege band kan worden doorgereden. Maar deze banden zijn erg kostbaar.   

Meer over de Wegenwacht.

Speciaal voor jou geselecteerd