Weg van de staande-mastroute

5 vaargebieden in de spot

Waarom de staande-mastroute in 24 uur afleggen, terwijl er zoveel mooie afslagen te nemen zijn? Doe er gerust wat langer over en geniet!

Vecht

De Vecht is de ultieme manier om de binnenwateren te ervaren. De rivier is overbekend bij motorboot- en sloepvaarders, maar zeilers zie je er niet zo veel. En dat terwijl deze prachtrivier over een lengte van ongeveer 33 kilometer met staande mast is te bevaren, tot aan de eerste vaste brug in Maarssen. Onderweg kijk je uit op pittoreske dorpen en voorname landhuizen. Op veel plekken kun je aanleggen om even rond te kijken en dat moet je beslist doen, want alle plaatsen aan de Vecht nodigen uit tot een tussenstop.

Buitenhuizen en bruggen

Komend vanaf het IJmeer is de entree tot de Vecht bij Muiden, waar je via de Grote Zeesluis naar binnen gaat. De eerste kilometers van de Vecht voeren je door een weids polderlandschap en langs de oevers liggen hier opvallend veel woonboten. Wat verderop slingert de rivier langs mooie stadjes en dorpen zoals Weesp, Nigtevecht en Vreeland, die allemaal hun eigen ophaalbruggen middenin het centrum hebben. Vanaf Loenen komen er steeds meer bomen langs het water en rond Nieuwersluis en Breukelen lijkt de Vecht tussen de parkachtige bossen te liggen. Ongeveer tussen Vreeland en Maarssen is de rivier op z’n allermooist, want hier staan ontelbare 17e- en 18e-eeuwse buitenhuizen aan het water. Er liggen weliswaar veel bruggen over de Vecht en met een zeilschip moet je dezelfde weg terugvaren, maar de rivier is zo mooi dat dit beslist de moeite waard is.

Naar Kolhorn

Een van de onder zeilers minst bekende bestemmingen in Noord-Holland is ongetwijfeld Kolhorn. Dit mooie dorpje kun je vanaf het Noord-Hollands Kanaal bereiken via het Balgzandkanaal, het Amstelmeer en het Waardkanaal. Het Balgzandkanaal ligt even ten zuiden van Den Helder en de entree wordt gevormd door de Kooysluis. Het is een 6 kilometer lang en nogal saai kanaal, dat uitkomt in het Amstelmeer. Halverwege dit meer, waar je overigens prima kunt zeilen, takt zuidwaarts het negen kilometer lange Waardkanaal af. Hierover kun je het dorpje Kolhorn bereiken. Het bijzondere van het Waardkanaal is dat je eigenlijk langs de oude Zuiderzeekust vaart. De westelijke oever van dit kanaal wordt namelijk door de voormalige kustlijn gevormd, terwijl aan de oostkant de relatief jonge Wieringermeerpolder ligt. De maximale diepgang op het Waardkanaal is 3,6 meter en er liggen drie beweegbare bruggen over het kanaal. Helaas kun je vanaf Kolhorn met staande mast niet via een andere route terugvaren, je moet via dezelfde weg retour. Halverwege, bij de Pishoek, ligt een aanlegsteiger voor de wal. Bovendien kun je aanleggen bij WV Nieuwesluis. Ook even ten noorden van Kolhorn ligt een aanlegsteiger in het Waardkanaal. In Kolhorn zijn gemeentelijke passantenplaatsen.

Kolhorn is een mooi, klein dorpje dat achter een hoge dijk verscholen ligt. Op de dijk staan oude turfschuren uit de tijd dat hier turf werd overgeslagen. Tot 1844 lag Kolhorn namelijk direct aan de Zuiderzee, iets dat vandaag de dag en staand op de dijk, nog maar lastig voor te stellen is. Het dorp was in de tijd van de VOC een voorhaven van Schagen en later werd vanuit Kolhorn op de Zuiderzee gevist. De laatst overgebleven ansjovisjol van de vissersvloot van Kolhorn, de KH 44, ligt anno 2016 nog in de haven. De Oude Streek, direct achter de dijk, is de oudste straat van Kolhorn. Aan deze straat staan voormalige vissershuizen en voor de huizen langs loopt een sloot. Ook aan de Keern en de Nieuwe Streek, samen misschien wel de mooiste straatjes van Kolhorn, staan de huizen aan het water.

3x Doen in Kolhorn

1. Ga naar museum de turfschuur

Op de dijk bij Kolhorn staat een aantal zwart geteerde schuren, die ooit werden gebruikt om turf over te slaan. De turf werd over de Zuiderzee aangevoerd, hier opgeslagen en daarna in kleinere schepen verder vervoerd. In een van die schuren is sinds 1993 het kleine museum de Turfschuur ingericht, waarin de invloed van de natuur en van menselijk ingrepen op het dagelijks leven van de bevolking van Kolhorn in beeld is gebracht.

2. Vaar mee met de ansjovisjol

Kolhorn had tot de aanleg van de Wieringermeerpolder in 1930 een uitgebreide vissersvloot, waarvan nog één schip is overgebleven: de KH 44, een ansjovisjol die in 1899 of 1900 is gebouwd op de Kolhornse werf van Peter Bood. De jol is aan de sloop ontsnapt omdat het tot jacht is omgebouwd. Toen het schip honderd jaar oud was, is het door vrijwilligers gerestaureerd en in oude staat teruggebracht. Met de KH 44 kun je een rondvaart maken.

3. Koffie altublieft

Bestel een koJevariant bij café Schippers Welvaren aan de Oude Streek in Kolhorn: hoe vriendelijker je ‘t vraagt, hoe goedkoper het wordt. Het café is gevestigd in een herberg uit 1620, de tijd dat Kolhorn nog direct aan de Zuiderzee lag. Er werd toen in het dorp veel vracht overgeslagen en afgevoerd over de vaart waaraan het café ligt. Beurtschippers die binnendoor naar Alkmaar en verder voeren, gebruikten de herberg als pleisterplaats.

Waal

Komend vanaf Gorinchem kun je de Waal met staande mast bevaren. Op deze rivier vaar je door typisch Hollands landschap met dijken en kribben. Tot aan Zaltbommel, zo’n 20 kilometer stroomopwaarts, zijn er geen bruggen. Vanaf daar is de maximale doorvaarthoogte (afhankelijk van het waterpeil) hooguit een meter of veertien. Maar de passantenhaven van Zaltbommel ligt nog voor de eerste brug, dus deze is voor alle zeilschepen bereikbaar.

De rivier wordt drukbevaren door vrachtschepen onderweg van en naar Duitsland en vooral de stroomopwaarts varende duwstellen veroorzaken een hectische golfslag. Omdat de breedte van de vaargeul ongeveer 150 meter is, kun je over het algemeen goed bij ze uit de buurt blijven. Je kunt zeilen op de Waal, maar stuurboordoever houden is verplicht en opkruisen verboden. De stroomsnelheid op de Waal ligt tussen de 3 en 6 kilometer per uur. Wat je op de heenweg naar Zaltbommel aan vertraging door tegenstroom hebt, verdien je terug als je daarna weer richting Gorinchem vaart.

Zaltbommel of verder

Zaltbommel is meer dan duizend jaar oud. In de middeleeuwen werd de stad voorzien van stadsmuren en de vestingwerken die ook nu nog als een groen lint om de stad liggen. Van de stadsmuren is niet zo veel meer over, wel is de Waterpoort aan de Waal bewaard gebleven. Het aanzicht van de stad wordt bepaald door de Grote of Sint Maartenskerk uit de 15e eeuw, die beschikt over een veelbezongen stompe toren. Minder opvallend, maar veel sierlijker is de Gasthuistoren met een carillon uit 1654. In het Maarten van Rossumhuis uit 1535 is museum Stadskasteel Zaltbommel gehuisvest, gewijd aan de geschiedenis en de kunst van de Bommelerwaard.

Met een masthoogte tot ongeveer 14 meter kun je nog verder varen op de rivier, bijvoorbeeld om Nijmegen aan te doen. Hoewel de hoogtes van de bruggen ten opzichte van het NAP heel behoorlijk lijken, is de waterstand op de bovenrivier ook veel hoger. Bovendien kunnen de waterstanden op de Waal sterk wisselen. De actuele waterstanden vind je op www.vaarweginformatie.nl of telefonisch via 026-362 90 00.

Nieuwe Maas

De Nieuwe Maas is een bijzonder dynamische rivier. De aanwezigheid van de vele binnenvaart- en zeehavens maken van de rivier een veel gebruikte vaarweg. De havens strekken zich over meer dan 40 kilometer uit van Rotterdam tot letterlijk in de Noordzee. Naast een continue stroom vrachtschepen kun je op de Nieuwe Maas onder meer zeevaart, rondvaartboten, snelvarende watertaxi’s en waterbussen verwachten. Op sommige momenten is het verkeersbeeld ronduit hectisch en ook de flinke getijdenstroom doet een duit in het zakje.

De Nieuwe Maas begint bij Slikkerveer, op het punt waar de Lek en de Noord samenkomen. Ter hoogte van Krimpen aan de IJssel mondt de Hollandse IJssel uit in de rivier en even voorbij Vlaardingen vloeien de Oude Maas en de Nieuwe Maas samen. Beide rivieren gaan samen als Nieuwe Waterweg verder richting Noordzee. De Nieuwe Maas loopt door het dichtbevolkte gebied rond Rotterdam en langs vele haven- en industriegebieden, zoals de Botlek. Midden in Rotterdam is het uitzicht vanaf de rivier ronduit spectaculair door de skyline die onder meer bestaat uit moderne architectuur en de iconische Erasmusbrug. Wat wereldhavenstad Rotterdam aan oude monumenten te kort komt, wordt goedgemaakt door moderne architectuur.

Voor de liefhebber zijn het centrum, met onder meer het nieuwe Centraal Station en de Markthal, en het gebouw de Rotterdam op de Kop van Zuid zeer aantrekkelijk. Voor veel watersporters is een bezoekje aan het Scheepvaartkwartier of de Oude Haven interessant, maar vooral aan het Maritiem Museum waar oude schepen, kranen en bruggen voor een schitterend decor zorgen.

Even verder naar het westen ligt Schiedam, een aantrekkelijke stad met grachten, ophaalbruggen en prachtige, oude gevels. Het meest westelijk aan de Nieuwe Maas, vlak bij de plek waar de Oude Maas in de rivier uitmondt, ligt Vlaardingen.

Vlaardingen is een oude havenstad, waarvan eeuwenlang de haringvangst de belangrijkste bron van inkomsten was. Een van de mooiste delen van Vlaardingen is de Oude Haven.

Handig om te weten

Getijden

Via de Nieuwe Waterweg heeft de Nieuwe Maas een open verbinding met de zee en is daardoor een getijdenrivier. Niet alleen resulteert dat in een behoorlijk getijverschil, maar ook in een soms fl ink oplopende stroming. Ter hoogte van de Willemsbrug kan de stroomsnelheid bij eb ongeveer 4,5 km bedragen en de vloedstroom 4,1 km per uur. Het getijverschil varieert van 1,67 m bij doodtij tot 1,97 m bij springtij, het GHW is NAP +1,20 m.

Bruggen

Over de Nieuwe Maas liggen drie beweegbare bruggen, die op verzoek worden bediend. Buiten Rotterdam ligt de Van Brienenoordbrug (H: NAP +25,04 m); in de stad ligt de Koninginnebrug (H: NAP +3,70 m) over de Koningshaven en direct daarna de Erasmusbrug (H: NAP +12,50 m). De laatste wordt slechts vijf maal per dag geopend. Houd bij het wachten rekening met de stroming, die in de smalle Koningshaven nogal fel kan zijn.

Aanleggen

Aan de Nieuwe Maas heb je diverse aanlegmogelijkheden. Bij WV IJsselmonde bijvoorbeeld of aan de rechteroever in Rotterdam in de Veerhaven en Jachthaven De Rotterdamsche Admiraliteit. Aan de linkeroever ligt City Marina Rotterdam. In Schiedam hebben WSV De Nieuwe Waterweg en Jachtclub Schiedam passantenligplaatsen. In de Oude Haven van Vlaardingen zijn gemeentelijke ligplekken en kun je terecht bij WSV Vlaardingen.

Âlde Feanen

Boven Akkrum, midden in het Friese merengebied, ligt een alternatieve staande-mastroute waarmee je de drukke beroepsvaart tussen Terhorne en Grouw op het Prinses Margrietkanaal kunt mijden. Deze route loopt vanaf het Sneekermeer over de Terkaplester Poelen en de Nesser Zijlroede. Vanaf deze route is ook een uitstapje mogelijk naar een van de mooiste natuurgebieden van Friesland: de Âlde Feanen, ook wel bekend als de Princenhof.

De Âlde Feanen zijn vanaf de 17e eeuw door langdurige turfwinning ontstaan. De ontginning in dit van oorsprong arme, maar waterrijke gebied was in de eerste instantie kleinschalig, maar vanaf de tweede helft van de 18e eeuw werd het veen op grote schaal en systematisch afgegraven. Wat overbleef na de ontvening was een overgangsgebied tussen water en land, met smalle sloten, open plassen, rietlanden, landstroken en veel eilandjes.

Sinds een aantal jaar zijn de Âlde Feanen een Nationaal Park, want in het gebied komen ongeveer vierhonderd plantensoorten en honderd vogelsoorten voor. De ‘hoofdstad’ van de regio is Eernewoude, dat naast het bezoekerscentrum Âlde Feanen ook een interessant museum kent: skûtsjemuseum De Stripe.

Vaarinformatie

De alternatieve Staande-Mastroute boven Akkrum loopt onder meer over de Nesser Zijlroede en heeft een maximale diepgang van 1,90 m. Vanaf het Sneekermeer vaar je via de Meinesloot naar Akkrum. Vanaf het Prinses Margrietkanaal via de Kromme Knillis kan ook. Na Akkrum vaar je via het aquaduct bij Nes via de Nesser Zijlroede naar de Peanster Ee. Onderweg verandert de naam van het vaarwater een paar keer, je passeert het Burstumer Rak, het Douwe Tseardsrak en De Greft. Dit is een mooie en rustige route, die voornamelijk door de velden loopt. In Akkrum liggen twee beweegbare bruggen en een op afstand bediende spoorbrug (VHF 18).

Princenhof

Grote delen van de plassen in de Princenhof zijn niet erg diep, dus wie in dit gebied op avontuur gaat, moet een recente waterkaart erbij houden. Voor diepere schepen loopt door de Princenhof een doorgaande route van het Prinses Margrietkanaal naar Eernewoude, de maximale diepgang is hier 2,75 meter. Vanaf Eernewoude kun je via de Hooidamsloot doorvaren naar de Wijde Ee. Daarvandaan is zelfs Drachten met staande mast bereikbaar. Ook deze route is 2,75 meter diep en voert na de Wijde Ee over het Smeliester Sân. Op tal van plaatsen in de Princenhof tref je steigertjes van de Marrekrite; let ook hier goed op de diepte. In Eernewoude kun je aan It Wiid aanleggen bij passantenhaven Earnewâld, vlak bij de dorpskern. Even verderop liggen JH It Wiid en JH Westerdijk.

Handige producten bij de vaarroute

Met de ANWB Waterkaarten en Wateralmanak 2 ben je op de hoogte van alle vaargegevens en brug- en sluistijden.