Vaarroute Oldambt

Uitgestrekt landschap en boerderijen als paleizen

Varen tussen uitgestrekte graan- en koolzaadvelden, de charme van zelfbediende bruggen en sluizen, restaurants, musea en volop afmeermogelijkheden en fietsroutes. Ziedaar de vele verlokkingen van het Oost-Groningse Oldambt.

Download de pdf vaarroute Oldambt

Oldambtmeer

Onbekend maakt onbemind geldt misschien vooral wel voor Oost-Groningen. Met het onderwater zetten van een 800 hectare groot stuk akkerbouwland tien jaar geleden is het Oldambtmeer (spreek uit als ‘Ol-damt’ met een typisch Groningse lange a) ontstaan. De noodzaak daartoe was dat het een krimpgebied was met economische zorgen. Edwin van der Woude, verantwoordelijk voor de marketing van Oldambt: “Het gebied moest een impuls krijgen. Tegelijk met het onderwater zetten is ook begonnen met de aanleg van Blauwestad, een dorp met grote kavels aan de zuidoostelijke kant van het meer. De waarheid gebiedt te zeggen dat Blauwestad niet het succes is geworden waarop was gehoopt. De recessie en de stagnatie van de huizenmarkt hebben roet in het eten gegooid.”

Het goede nieuws is dat de recreatie met de ontwikkeling van het gebied een enorme vlucht heeft genomen. Bijvoorbeeld door de aanleg van jachthavens. In het Oldambt zijn in totaal acht jachthavens en daarnaast vele aanlegplaatsen waar je soms ook mag overnachten. Vier van de jachthavens liggen aan het Oldambtmeer waarbij het Havenkwartier vanwege de architectuur van de gebouwen bij velen waarschijnlijk het meest tot de verbeelding spreekt. Tot nog toe kon je echter alleen vanaf het Winschoterdiep op het meer komen. Met het realiseren van de noordelijke ontsluiting komt aan die beperking een einde. De opening en officiële ingebruikname van deze zogenaamde Blauwe Passage is op 16 en 17 juni 2018 tijdens het Waterweekend Blauwestad. In dat weekend staan de jachthavens bol van de activiteiten en wordt tevens het tienjarig bestaan van Blauwestad gevierd.

Graanrepubliek

Oldambt staat bekend als de graanrepubliek. In de zeventiende en achttiende eeuw beleefde het gebied zijn glorie met enorme landerijen met daarop dito boerderijen. Van der Woude: “Deze boeren waren zo rijk dat ze van gekkigheid niet alleen paleisachtige boerderijen lieten bouwen maar ook architecten uit Engeland haalden om slingertuinen te ontwerpen en aan te leggen. De keerzijde was dat de arbeiders werden afgeknepen en er onder deze groep veel armoede heerste – een voedingsbodem voor het communisme dat hier hardnekkig is aangehangen. Nog steeds heeft de communistische partij trouwens zetels in de raad.”

Drie routes

Oldambt wordt grofweg aan de westkant begrensd door het Termunterzijldiep, in het noorden door de Dollard, in het oosten door de Westerwoldse Aa en in het zuiden door het Winschoterdiep. Het gebied is te bereiken via Friesland en de stad Groningen, vanaf het noorden via de Waddenzee en Dollard, via Delfzijl, Termunterzijl of Bad Nieuweschans en vanuit het zuiden via Assen of Ter Apel.

Er zijn drie vaarroutes. De eerste is een rondje over het Oldambtmeer door Blauwestad. Dat kost je een halve tot een hele dag en kan ook met een sloepje, dat je ook rond het meer kunt huren. De tweede tocht kun je bij Winschoten starten. Winschoten is met ruim 18.000 inwoners een van de grootste steden van de provincie Groningen en de bakermat van het enten van rozen. Een bezoekje aan het rosarium aan de rand van de binnenstad herinnert hieraan. Verder biedt deze vestingstad een goed geoutilleerde passantenhaven, drie kenmerkende molens, een compact centrum met veel historische gebouwen en een stoomgemaal. Dit laatste kan worden bezocht maar kijk uit: het is beperkt open. Voor wie meer over Winschoten wil weten is een rondleiding wellicht een idee. Dat kan in de zomer elke woensdagmiddag.

Vanuit Winschoten steek je het meer over en kom je uit bij de dorpen Oostwold en Midwolda die tegen elkaar liggen. Je verwacht het niet, maar Oostwold heeft een vliegveld waar vanaf je rondvluchten kunt maken en kunt parachutespringen. Beroemd is de tweejaarlijkse Oostwold Airshow met historische vliegtuigen waar 15.000 mensen op afkomen. Andere vormen van vermaak zijn een Pitch & Putt golfbaan, een forelkwekerij met eetcafé, veel van de eerder genoemde herenboerderijen en Ennemaborgh, een kasteel met een enorm landgoed waarvan de bekende kunstenares Maya Wildevuur de bewoonster is.

Zelfbediening

Rechttoe rechtaan en daardoor misschien het minst aantrekkelijk, is het stuk over het Nieuwe Kanaal naar boven naar Nieuwolda waar je onderweg, zover je kunt kijken, de uitgestrekte graan- en koolzaadvelden ziet. Bij Nieuwolda kun je door naar Termunten of een kleiner rondje maken via het Termunterzijldiep, ’t Waar, Nieuw- Scheemda, Scheemda, Heiligerlee terug naar Winschoten. Vlak voor ’t Waar is een Kinderwagenmuseum en in het dorp zijn er de kinderparadijzen Leeuwenborg en ’t Swieneparradies, een educatief project waarin het varken centraal staat. ’t Waar kennen we natuurlijk ook van de werf waar het bekende Waarschip werd gebouwd. In en rond Scheemda moeten de mouwen worden opgestroopt vanwege de bruggen en sluizen die je zelf moet bedienen. Hiertoe heb je een sleutel nodig die je in verschillende dorpen en ook in Winschoten kunt bemachtigen, tegen betaling van 20 euro borg.

Heiligerlee ligt wel aan het Winschoterdiep maar is over het water niet bereikbaar. Daarvoor moet je even de fiets pakken. Het dorp kennen we natuurlijk van de klokken en van de roemruchte Slag om Heiligerlee. Interessant is het Klokkengieterijmuseum Heiligerlee in de voormalige fabriek van de gebroeders Van Bergen, waar onder de naam Sint-Paulinus naast klokken ook brandweerspuiten, machines en motoren en vanaf 1923 ook carillons werden gemaakt. Ertegenover is het Museum Slag Bij Heiligerlee, waar veel is te vinden over de beroemde veldslag in 1568 tussen de Nederlanders en Spanjaarden. Een legertje van enkele honderden militairen versloeg een katholiek-Spaans leger van 1700 militairen.

Boog van Ziel

Voor het grote rondje Oldambt ga je in plaats van bakboord uit bij Nieuwolda in noordelijke richting naar Termunterzijl. Dit slechts 244 zielen tellende dorp heeft een bekend stadsgezicht in de vorm van de uit 1725 daterende sluis met de naam Boog van Ziel. Deze sluis is versierd met de wapens van de zijlvesten en zijlvesters van Groningen en uit het Oldambt. Door het dorp loopt de Internationale Dollard route en Termunterzijl heeft een zandstrand voor recreatie. “Wat onze zijlen niet vermogen, wordt door dit monster uitgespogen, dies is de boezem steeds gepast, te bergen polderen overlast” is de tekst op het uit 1930 daterende gemaal Cremer in Termunterzijl. Een museumgemaal, volledig functionerend en inzetbaar in geval van calamiteiten. Het gemaal is elke zondag van 13.00 uur tot 17.00 uur open voor bezoek.

Nabij het dorp ligt Jachthaven Termunterzijl. De haven telt honderd ligplaatsen en heeft naast de gebruikelijke faciliteiten een restaurant en een supermarkt. Het vervolg van het rondje wordt een beetje spannend, want dat gaat over de Dollard helemaal naar het oosten om via de Westerwoldse Aa weer op het binnenwater te komen. Varen op de Dollard betekent dat je op groot water zit en te maken krijgt met getijden en stroming. We bevinden ons intussen in het uiterste oosten van de provincie.

46 Rijksmonumenten

Bad Nieuweschans is de grootste plaats die we onderweg naar Winschoten tegenkomen. Het is in zijn geheel aangewezen als beschermd dorpsgezicht vanwege de vele historische gebouwen die hier staan, waaronder 46 rijksmonumenten. Leuk om te zien is de Hoofdwacht, een monument uit 1631 met een zadeldak en een torentje dat tot in de negentiende eeuw in gebruik was als hoofdwacht lokaal en waarvoor de wacht elk uur ceremonieel werd gewisseld. Tegenwoordig is er een thee- en koffieschenkerij gevestigd.

Verder zijn er een oude remise uit 1876 waar in een halve waaiervorm treinen vanuit de loods op de rails werden gezet, de Nederlands-hervormde Garnizoenskerk, de oude synagoge met joodse begraafplaats, het Vestingmuseum en de Glasblazerij Old Ambt. Maar het meest bekend is Bad Nieuweschans natuurlijk vanwege het wellness-resort met thermaal bad. Om het Oldambtgebied aantrekkelijker te maken, zijn alle bruggen 3,50 meter hoog of bedienbaar en liggen de vaargeulen op 1,30 meter. “Formeel zijn alle bruggen in de aanvoerroutes 2,50 meter, maar daar durf ik mijn hand niet voor in het vuur te steken”, zegt Edwin van der Woude. De volgende stap is alles in de provincie ook op 3,50 meter hoogte te brengen.

Handige producten bij de vaarroute

Met de ANWB Waterkaarten en Wateralmanak 2 ben je op de hoogte van alle vaargegevens en brug- en sluistijden.

Onze suggesties