De file is 60 jaar!

Al ruim voordat er auto’s waren, bestonden de files. Een file betekent letterlijk in een rij langzaam rijden of stilstaan. In 1889 werd er al over geschreven in het boek Eline Vere van Louis Couperus. De eerste echte file zoals wij die kennen, werd gemeld op een zonnige eerste pinksterdag (29 mei) in 1955.

Bij verkeersknooppunt Oudenrijn bij Utrecht stond het verkeer vast. Die dag trokken er teveel mensen tegelijk met hun auto op uit. Toch werd niemand chagrijnig. Het was juist heel modern om in de file te staan. Dan hoorde je er echt bij. De file kwam namelijk uit Amerika en alles wat toen daarvandaan kwam, was modern. De file werd in die tijd in goede banen geleid door een verkeersregelaar. Dat was leuk werk, want het waren toen bijna altijd vrolijke mensen die in de file stonden.

Geen toeval

Volgens ANWB-verenigingshistoricus Hans Buiter was het geen toeval dat de eerste file bij knooppunt Oudenrijn stond. Sinds 1939  is dit het eerste kruispunt van autosnelwegen in Nederland. Het was een strategische plek omdat daar het verkeer uit oost-west en noord-zuid bij elkaar kwam. Sinds de opening van Rijksweg 2 in 1954, werd Oudenrijn steeds drukker. Toen reden er al meer 9000 motorvoertuigen per dag over het kruispunt. Ter vergelijking: het aantal personenauto’s in Nederland was op dat moment 219.000.

Overzicht drukste spitsen aller tijden


Eerste pinksterdag zondag 29 mei 1955

De doorgaande verbinding -de Rijksweg 12- naar Duitsland zou pas in 1956 af zijn. De intensiteit van het verkeer nam daarna snel toe. Vooral het recreatieve verkeer zorgde voor grote pieken in het verkeersaanbod. Voor autobezitters in de Randstad werd de Veluwe sneller bereikbaar en steeds meer automobilisten uit de Bondsrepubliek bezochten onze stranden en bollenvelden. Met Pasen, Hemelvaart en Pinksteren en tijdens warme zomerweekenden was het verkeersaanbod zo groot dat voor het verkeersplein Oudenrijn steeds vaker files stonden. Tijdens eerste pinksterdag 1955 (zondag 29 mei) registreerde Rijkswaterstaat de tot dan toe hoogste verkeersintensiteit van het land. Maar liefst 50.000 auto’s in een etmaal. Het verkeer werd geteld door zogenoemde pneumatische verkeerstellers.

Verkeersdrukte 1959 met parkerende automobilisten in de bermDirigeren

Om het verkeer op  Oudenrijn zoveel mogelijk in beweging te houden, namen de wegbeheerders vanaf 1957 tijdens drukke dagen maatregelen. Om het rechtstreeks kruisen van het noord-zuid verkeer en oost-westverkeer te vermijden, dirigeerden ze al het noord-zuid verkeer op Oudenrijn naar rechts, tot de eerst volgende afslag.  Hier moesten de automobilisten keren en in een andere richting terug rijden naar Oudenrijn.  Op het plein was op deze manier alleen nog sprake van invoegend verkeer met de stroom mee.

Voorsorteren

Vanaf 1959 nam de capaciteit van het verkeersplein toe door de aanleg van een derde rijstrook. Het verkeer groeide echter mee. De chaos bleef groot, ook omdat automobilisten niet adequaat voorsorteerden. Regels voor het voorsorteren op verkeerspleinen werden pas in 1959 ingevoerd.  Voorsorteren was niet verplicht. De onervaren automobilist was geneigd vooral de middelste rijstrook te gebruiken.  Om de stromen beter te reguleren voorzag Rijkwaterstaat in januari 1960 het verkeersplein van verkeerslichten. Files bleven echter en trokken iedere keer weer veel toeschouwers.

Leuk zo'n terugblik, maar ook interessant, staan er nu files?