Leukste wijken in Lissabon

Smalle straatjes, grote pleinen

Zoals in elke stad hebben ook de afzonderlijke wijken in Lissabon elk hun eigen charme. Studentikoos, trendy, traditioneel of hip. Lissabon in vijf bijzondere wijken.

Karakteristieke volkswijk

Samen met Castelo vormt Alfama de oudste wijk van Lissabon. Hier aan de monding van de Taag is de stad ontstaan. De van oorsprong rijke wijk is sterk verpauperd. De meeste mensen zijn klein behuisd. Slenter door de smalle straatjes en je passeert overal oude mensen die voor hun huis op een stoeltje zitten. De was hangt boven hun hoofd te drogen, een hond of kat ligt aan hun voeten te slapen. Wat je hoort is het gekwetter van vogeltjes. In de oude volkswijk zijn ze dol op vogelkooitjes. Alfama vormt het hart van de fado, maar ook het decor van het leukste feest van Lissabon, het Sardientjesfeest in juni.

Wat is er te doen in Alfama?

Zo weinig als er te doen is in Alfama, zoveel is er te zien... van vogelkooitjes tot vintage winkeltjes. De aardbeving van 1755 heeft hier nauwelijks schade aangericht, waardoor het oude middeleeuwse stratenplan intact gebleven is. Slenteren dus... Verdwalen doe je niet snel want in feite lopen alle straatjes schuin af naar de Taag. Lager gelegen vind je ook het fado museum! In het Casa do Fado e da guitarra Portuguesa zijn permanente en tijdelijke tentoonstellingen te zien over de geschiedenis van de fado, de verschillende soorten fado en beroemde fadistas, onder wie Amalia Rodrigues. Het museum is gelegen aan de voet van Alfama. Onderweg passeer je kleine originele winkeltjes en het imposante Sé Catedral, het oudste kerkgebouw van de stad. Bij de kathedraal hoort ook een klooster.

Pauzeren doe je op z'n Portugees, niet op een hip terras, maar starend over de Taag bij de Miradouro Santa Luzia, één van de mooiste uitzichtpunten van de stad, compleet met door azulejo betegelde bankjes en overhangende pergola's. Toch meer van de hippe incrowd? Bestel dan huisgemaakte taart met muntthee bij Pois Café en nestel je in een van de vele vintage fauteuils met een boek.

Hoe kom je in Alfama?

Met tram 28 natuurlijk, het zich traag en krakend door de straatjes van Alfama persende trammetje. De straatjes zijn hier op zijn smalst, wat de tramrit extra spannend maakt. Mensen op straat staan letterlijk met hun rug tegen de muur geperst om de tram te kunnen laten passeren. Uitstappen bij de Kathedraal en struinen maar... 

Punky Bovenstad

Bairro Alto is autovrij, in veel straatjes van de bovenstad staan geen auto's maar terrasstoeltjes geparkeerd. Bairro Alto is uitgegroeid tot hét uitgaansgebied van de stad. In de ochtend en vroege middag doet de oude wijk wat slaperig aan, maar zodra de luiken opengaan, ontdek je de andere kant van Bairro Alto, één die bruist van de energie en creativiteit. De creativiteit voert terug naar de negentiende eeuw toen veel kranten en drukkerijen zich er vestigden. De beste verhalen ontstaan in de kroeg, niet waar. Tot op de dag van vandaag is hier tot diep in de nacht live muziek te horen. Publiek is jong en een beetje ‘alto’. 

Wat is er te doen in Bairro Alto?

Shoppen en uitgaan. Dát is er te doen in Bairro Alto: dé hot spot voor vintage & design. Hier vind je het ene leuke winkeltje na het andere, zoals Skunkfunk Lisboa (Rua do Norte 113). Ook staat de wijk bekend om haar nachtleven. Nergens vind je zoveel barretjes als in deze trendy uitgaanswijk Barrio Alto, waar mensen tot ’s avonds laat buiten staan met een plastic bierglas in de hand. Alface Hostel in Rua do Norte heeft een chill café met een oude motorfiets boven de deur en lekkere loungebanken. Iets verderop vind je Maria Caxuxa (Rua da Barroca 6-12) met live muziek.

Hoe kom je in Bairro Alto?

Bairro Alto (letterlijk de bovenstad) ligt 30 meter boven de benedenstad Baixa. Bespaar je de klim en pak op de Avenida da Liberdade de kabelbaan, de Elevador da Glória. Boven aangekomen word je onmiddellijk getrakteerd op een van de mooiste Miradouros van de stad, die van Sao Pedro de Alcantara. Vanaf hier slenter je op je gemak de wijk in...

Statige pleinen en brede straten

Waar in de rest van Lissabon de straatjes kronkelen, zijn de straten in de benedenstad Baixa kaarsrecht en breed. Een stukje Parijs in Lissabon, ingeklemd tussen Rossio en Praca do Comercio. Winkeltechnisch meer Vuitton dan Vintage. Na de zware aardbeving in 1755, die een groot gedeelte van de middeleeuwse stad met de grond gelijk maakte, is het centrum geheel herbouwd en bestaat nu uit overzichtelijke straten en mooie pleinen. UNESCO heeft de gehele wijk op haar Werelderfgoedlijst gezet. En dat verbaast je niets als je er rondwandelt. Grandeur de luxe.

Wat is er te doen in Baixa?

Rondhangen op Praça do Comércio, een van de mooiste pleinen van Europa, gelegen aan de Taag, waar het onder de arcaden vechten is voor een terrasstoel. Heb je die eenmaal te pakken, dan ben je boven je bica uren zoet. Hier komt alles voorbij, van skateboardpunkrockers en zakenmannen tot kortgebroekte toeristen.

In Baixa bevindt zich ook de beroemde Elevador de Santa Justa, een lift die rond 1900 in de neogotische stijl gebouwd is door een leerling van Eiffel, wat aan het smeedwerk goed te zien is. De lift wordt gebruikt om de wijken Baixa en Bairro Alto met elkaar te verbinden.
De Rua Augusta met haar triomfboog is de belangrijkste winkelstraat van de stad.

Hoe kom je in Baixa?

Baixa vormt het hart van de stad. Het beste bereikbaar te voet. Verder stoppen bijna alle bussen bij het plein.

Loungen aan de Taag

Gek idee dat op deze plek ooit de grote Portugese ontdekkingsreiziger Vasco de Gama heeft gestaan, aan de oevers van de Taag, startend over het water. Tegenwoordig doe je dit loungend, vanaf één van de vele hippe terrasstoelen van de Docas (pakhuizen). Tja, er is veel veranderd in Belém – afgeleid van Bethlehem – een voormalig vissersdorp waarvandaan de zeevaarders ooit hun zeereizen begonnen. 

Wat is er te doen in Belém?

Belém is geen vissersdorp meer. De plek is de place to be voor uitgaand Lissabon... met haar vele trendy clubs in de voormalige pakhuizen. Toch herinnert er nog veel aan de tijd van de zeevaarders. Om te beginnen de Toren van Belém, de in Manuelstijl gebouwde verdedigingstoren. Wie het lef had de monding van de Taag te bevaren kon een kanonsschot om zijn oren krijgen, afgevuurd vanuit een weelderig gedecoreerd schietgat.  Het eveneens in Belém gelegen klooster Mosteiro dos Jerónimos, is minstens zo rijk versierd. Beide bouwwerken hebben gelukkig de aardbeving van 1755 overleefd. Wel is de Toren door de aardbeving verplaatst. Eerst lag ze midden in de Taag, door verandering van de loop van de Taag ligt ze nu aan de oever.

In 1987 trad Portugal toe tot de Europese Unie, kort daarna werd in Belém een cultureel centrum gebouwd, waar van alles is te beleven, van muziek tot kunst. Tot slot mag je Belém niet verlaten zonder een bezoek te brengen aan Pastéis de Belém. Hier worden sinds 1827 geheel volgens geheim recept de beste pastéis de natas, gemaakt, de lokale lekkernij van Lissabon: een taartje van bladerdeeg gevuld met eiercrème, poedersuiker en kaneel.

En vergeet in Belém niet de zeevaarders te groeten, die zijn afgebeeld op het 52 meter hoge ontdekkingsmonument Padrão dos descobrimentos. Het monument is opgedragen aan Hendrik de Zeevaarder, de inspirator van de Portugese ontdekkingsreizen. Hij is de figuur aan de top van het monument, uitkijkend over de rivier.

Hoe kom je in Belém?

Belém ligt ongeveer op vijf kilometer ten westen van het centrum van Lissabon. Tram 15 stopt bij Torre Belém. Pak je liever de bus, stap dan in lijn 729. Tram en bus stoppen ook bij het beroemde klooster Mosteiro dos Jerónimos.

Gezegend door Christus

Voor het mooiste uitzicht op de stad moet je naar de overkant. Naar de wijk Cacilhas. Hier bevindt zich het beroemde Christusbeeld dat uitkijkt op de stad. Extra leuk is het dat je even over de Taag mag varen. De overtocht duurt 15 minuten. Veel te kort, want wat is het leuk om de stad vanaf het water te zien. 

Wat is er te doen in Cacilhas?

De meeste mensen pakken de ferry om het Christusbeeld te bezoeken. Het in totaal 110 meter hoge Christusbeeld aan de overkant van de rivier is een regelrechte kopie is van het Christusbeeld in Rio de Janeiro. Imposant en zeker de moeite waard. Minstens zo leuk (nu we er toch zijn...) is een tussenstop op het terras van  Restaurante Ponto Final. Bij aankomst in Cacilhas loop je gelijk naar rechts, langs de ietwat shabby kade. Na 10 minuten kom je uit bij dit terras met gele parasols. Een mooier uitzicht op de brug vind je nergens.

Eenmaal aan de overkant kun je Lisboa's legendarische golven zien. Portugal schijnt een Surfer's Paradijs te zijn. Costa da Caparica zelf is niet echt de moeite waard (lees: veel lelijke hoogbouw), maar wie op een terrasje gaat zitten heeft een prachtig uitzicht op zee. Boven een glas vinho verde een beetje golfsurfers spotten. Ook dat is Lissabon. Wow, zag je die golf!

Hoe kom je in Cacilhas?

Met de veerboot. Deze vertrekt elke 20 minuten vanaf Estacao Cais do Sodré (vlakbij het Praça do Comércio).

Een stedentrip naar Lissabon boeken

Wil je Lissabon met eigen ogen zien? Boek dan een stedentrip bij de ANWB. Veilig, vertrouwd en altijd het met voordeel van je ANWB-lidmaatschap. Samen met onze reispartner Stedentrips.nl zochten we de tien allerbeste aanbiedingen voor je uit.

Bekijk top 10 stedentrips Lissabon

Speciaal voor jou geselecteerd