Montenegro: Het land van de zwarte bergen

Azuurkust, canyons en werelderfgoed op een oppervlakte niet groter dan Vlaanderen. Crna Gora (Zwarte Berg) oftewel Montenegro is een nieuw vakantieland anno 2009. 

Budva

Deze stad met 10.000 inwoners ligt in het hart van de Budvanska Riviera, het belangrijkste en mooiste gebied van het Montenegrijnse toerisme. Vooral de oude binnenstad mag je niet missen, al zou ik hem hoogzomer (druk, druk, druk in de straatjes) aan me voorbij laten gaan. De vroegere overheersing van Venetië is in vele trapjes, pleintjes en gevels terug te vinden. Rond Budvar zijn mooie stranden. Het nachtleven is dik in orde. Budva is met 2500 jaar een van de oudste nederzettingen aan de Adriatische kust

 

Sveti Stefan

De foto laat het al zien: dit is een opmerkelijk eilandje. Sveti Stefan ligt even ten zuiden van Budvar. Je kunt het niet missen, van de weg af is het goed te zien.Tot de jaren vijftig leefden een tiental families vredig op het eiland. Toen kwam, rond 1955, de totale ombouw tot hoteleiland. De daken en gevels zijn dezelfde gebleven. Binnenin kwam een interieur met de meest moderne en luxueuze hotelvoorzieningen. Zo bijzonder dat veel rijken der aarden, popsterren en koningen al er eens een nachtje hebben doorgebracht.

 

Cetinje

Een stad waar je wat bij moet lezen.. De stad is anders dan b.v. Budva. De schoonheid en historie hebben zich vooral naar binnen gekeerd.De oude hoofdstad heeft roemrijke tijden gekend. Tijdens de Turkse overheersing bleef Cetinje onafhankelijk, de vorsten woonden hier. Onder meer Groot-Brittannië en Frankrijk hadden ambassade’s in Cetinje. Tijdens de tijd van het Koninkrijk Montenegro was Cetinje de hoofdstad van het land. Na de Eerste Wereldoorlog ging het mis met Cetinj en verloor de stad zijn positie. In 1946 was Cetinj officieel hoofdstad af.De straten van Cetinj doen een beetje Frans aan. Er zijn terrassen en prima restaurants. Voor de schoonheid moet je naar binnen: de paleizen, oude ambassades en musea in. Oh ja, de rit ernaartoe, vanaf Kotor naar boven, is fabuleus.

 

Kotor

Kotor is in een woord groots. Bij nadering, vanaf de haven, ben je al onder de indruk. De binnenkomst door de grote poort van de vestingmuur is imposant.De oude stad zelf is een aaneenschakeling van pleintjes en straatjes, die – heel Venetiaans – schots en scheef door elkaar staan. Kotor staat niet voor niets op de Werelderfgoedlijst van de UNESCO. Kotor was sinds de Middeleeuwen een kolonie van Venetië.Doen: in de oude stad de berg op (paar euro toegang) en langs de mini-Chinese muur naar boven, de oude San Giovanni-vestiging bekijken. Het uitzicht over de baai is een van de fraaiste van Europa. Herceg Novi ligt bij de ingang van de Baai van Kotor. De ‘bloemenstad’ is een must-see. Laat je niet misleiden tijdens het binnenrijden van de stad. De vele grauwe flats en het drukke koolmonoxide spuitende stadsverkeer geven je de impuls snel door te rijden. Niet doen. Zet de auto neer en ga lopend naar de binnenstad. Daal via vele trapje dwars door tuinen af naar de haven. Drink koffie. Klim weer naar boven en bezoek de beroemde spa, kasteel Forte Mare en de Oostenrijkse (19de eeuw) klokketoren, die aan een zeer bekoorlijk pleintje ligt.

 

Ada Bojana

De weg van Sveti Stefan langs Bar en Ulcinj is niet de mooiste van Europa. Bar is erg rommelig, geen uitnodigende stad. Rijd direct door richting Albanese grens, richting Bojana. Bij de brug over de Bojana móet je lunchen bij een van de vele visrestaurants aan het water. Vlakbij hangen boven de rivier vreemde en spookachtige vistuigen, heel erg eco uit takken en ‘waardeloos’ materiaal samengesteld. Er hangen grote netten aan, die een keer per dag door vissers worden geleegd.

 

Skadarsko Jezero

Een van de verrukkelijke vergezichten over het grootste meer van de Balkan: Skadarsko Jezero. Het meer ligt op de grens van Montenegro met Albanië en leent zich heel goed voor een tochtje per boot vanaf Virpazar, een aardig, klein plaatsje aan de noordwestkant van het meer. Een rit over de bergweg direct boven het meer is zeker aan te raden maar niet in het donker. De weg is in de omgeving van Virpazar smal en bochtig, en regelmatig heb je het gevoel met één wiel over de afgrond te hangen. Goede bestuurders moeten zich daar niet door laten afschrikken.