12 tips voor de mooiste natuurfoto’s

Natuurfotograaf Martin van Lokven was op fotosafari door de mooiste wildparken van Zuid-Afrika. Wil je zelf mooie foto’s (leren) maken. Bekijk dan deze 12 tips van Martin van Lokven.  

1. De regel van derden

Verdeel het zoekerbeeld denkbeeldig horizontaal en verticaal in derden. Horizontaal twee lijnen en verticaal twee lijnen. Door je object te positioneren op één van die vier kruispunten wordt de compositie veel sterker.

 

2. Krap kaderen

Laat alle overbodige informatie op de compositie weg. Less is more! Let niet alleen op het onderwerp, maar stap eens naar links of rechts en kijk goed wat er met de compositie gebeurt.

3. Tegen- of zijlicht

Door gebruik te maken van een klein beetje tegen- of zijlicht wordt je foto veel beter dan die met zon in de rug. Het is verleidelijk en voor de hand liggend om met de zon mee te fotograferen, maar fotografie is spelen met licht. Foto’s gemaakt met de zon in de rug missen vaak het contrast en de diepte, dat je met een beetje tegen- of zijlicht wel hebt. En kleuren zijn minder flets, zeker midden op de dag.

4. Regen

Gebruik regenachtig weer om je compositie te versterken. Stromende regen, plenzend water of een donkere dreigende lucht geven een foto soms meer sfeer dan keiharde zon en blauwe lucht. Zijn de wolken echt saai en grijs dan kun je dat omzeilen door de lucht uit je compositie te laten.

 

5. Scherpte en onscherpte

Speel eens met scherpte en onscherpte. Zet iemand onscherp op de voorgrond en de giraffe scherp op de achtergrond. Of andersom. Dat geeft spanning aan je compositie. Dit kun je bijvoorbeeld doen door een telelens te gebruiken met een groot diafragma (4 of 5.6)

 

6. Gebruik een statief

Of als je vanuit een auto of bus fotografeert kun je een bonenzak (een katoenen zak gevuld met bonen) gebruiken. Beiden resulteren in scherpere foto’s, zeker bij zonsopgang en zonsondergang.

 

7. Macro-opnamen oplichten

Bij bijvoorbeeld een paddenstoel is er vaak een zijde die meer in de schaduw ligt. Door aan die schaduwzijde een reflecterend oppervlak te houden, wordt die zijde opgelicht, zoals een spiegel dan kan doen. Een reflectieschermpje is gemakkelijk zelf te maken door een stuk aluminiumfolie te kreukelen, weer uit te vouwen en op te plakken op een A4-karton. Maar je kunt bijv. ook een wit shirt gebruiken.

 

8. Gebruik een zoomlens

Zonder zoomlens of telelens ben je enorm beperkt in de gewenste compositie of uitsnede. Die olifant kan wel eens veel te dichtbij staan. Met een zoomlens kun je dan nog uitzoomen.

9. Ontdek het blauwe uurtje

Als de zon al even onder is en er vrijwel geen kleur meer te zien is, maak dan eens een foto van bijvoorbeeld een landschap. Je zult dan zien dat het beeld erg blauw is, terwijl je dat niet hebt gezien. Het resultaat kan erg verrassend zijn.

 

10. Kies voor een lager standpunt

Het innemen van een lager standpunt heeft vaak een grotere dieptewerking als gevolg, door meer onscherpte in de voorgrond. Fotografeer dat bloemetje of beest niet van boven, maar ga er eens bij liggen.

11. Gebruik eens een polarisatiefilter

Dit filter kan gebruikt worden om het blauw van de lucht, het contrast tussen wolken en lucht en de kleurintensiteit in het algemeen te versterken.

12. Anticipeer op veranderingen

Die wolkenlucht die je met een telelens fotografeert kan over je heen trekken. Een groothoeklens levert dan weer een heel andere foto op. Een compositie die geen kracht lijkt te hebben, kan met een andere lens dus opeens wel iets moois opleveren.