Reis blij, neem een ei

Reisles van wereldreiziger Iris Hannema

De zon is een riem van fel ochtendrood aan de horizon, maar de West-Afrikaanse wereld is al wakker; dit zijn de koelste uren van de dag. De bus staat geparkeerd buiten het groezelige busstation van Dakar, Senegals hoofdstad. Verkopers lopen in groepjes de bus in, anderen steken hun etenswaar door de busramen naar binnen. ‘Uf-ufufuf, uuuffff’, klinkt het, een zwierige vrouw met een mand op haar rechte nek loopt langs. Hardgekookte eieren biedt ze aan, ‘oeuf’, en als service pelt ze sneller dan ik ooit iemand heb zien doen. Gouden handel is het, want als de buschauffeur eindelijk besluit tot vertrek, zijn al haar eieren verkocht. Zelf vind ik het hardgekookte ei de allerbeste reissnack die er bestaat en ik mis ze echt in het assortiment van Nederlandse cafetaria’s en kiosken op treinstations.

De weergaloze kracht van het gekookte ei is het ‘weet wat je eet’-karakter. Ze smaken overal op aarde ongeveer hetzelfde, de schil beschermt tegen ongewassen vingers en als ze stinken, weet je dat ze rot zijn. Duidelijker wordt het niet en als alles qua voeding in het buitenland zo klinkklaar was, dan zou reizigersdiarree met uitsterven worden bedreigd.

In Bosnië staan ze op tafel in cafés, in glazen kommen naast de bierviltjes in plaats van pinda’s, en aan het eind van je cafébezoek reken je het aantal gegeten eieren af. In Zuid-Korea liggen ze gemoedelijk beetklaar naast de kassa, eitje to go. In Tonga worden blauw gekookte eieren op de boerenmarkt verkocht, naast de reuze-watermeloenen en rode pepertjes.

Rauw ei

Onlangs herinnerde ik mezelf eraan dat je best kunt aannemen dat je weet wat je eet als je een ei ziet, maar het toch beter eerst kunt verifiëren. Zo kocht ik tijdens een recente overstap in Istanbul in een supermarktje een groot ovaal ei en een wit gevlochten brood. Buiten scheurde ik het brood open, tikte de eierschaal op de bovenkant van mijn hand kapot, waarop het rauwe ei over mijn hand en legging droop. Ik was heel blij dat niemand me zag. Snel liep ik terug naar het winkeltje om te vragen of de man misschien servetten had. Fronsend vroeg hij waar ik in vredesnaam vandaan kwam en ik noemde de naam van een van onze Nederlandse buurlanden. Excuses daarvoor, en ja, ik heb de ei-queeste begrepen: eerst met de verkoper kleppen, dan pas op de kop meppen.

3x 'weet-wat-je-eet'-tips voor op reis

  1. Huur een kamer of appartement met een keuken tot je beschikking. Zo doe je zelf boodschappen, kook je en eet je zo min mogelijk buiten de deur.
  2. Coca-cola heeft een ondersteunend neveneffect: het kalmeert je maag (net als een neutje sterke drank ervoor zorgt dat bacteriën het loodje leggen).
  3. Vraag in landen waar men pittig eet niet aan de ober of het eten wel of niet pittig is, maar of het ‘voor de toeristensmaak’ bereid kan worden.

Heb jij nog andere 'weet-wat-je-eet-tips'?

We zijn benieuwd of jij nog aanvullende 'weet-wat-je-eet-tips' hebt als je op vakantie bent. Laat je reactie hieronder achter en deel te tips met onze leden!

Iris Hannema (1985) is reisschrijver en bezocht in haar eentje meer dan 100 landen. Haar nieuwe reisboek ‘Het bitterzoete paradijs’ ligt nu in de boekhandel. Volg Iris tijdens haar reizen via @irishannema.

Meer reistips van Iris Hannema

Reisles: Regel uw visum tijdig!
Dé tips voor een ergernisloze vliegreis
Koester je paspoort, maar niet té
Reis blij, neem een ei

Bekijk alle reislessen van Iris Hannema