De macht van de (nep)trouwring

Reisles van wereldreiziger Iris Hannema

Er zijn reissituaties die om het beroemde huwelijksleugentje vragen. Toen ik eind vorig jaar op de Salomonseilanden was, verbleef er in mijn pension een horde politiemannen en ik was de enige vrouwelijke gast. Snel haalde ik uit mijn rugzak, aan de inpandige rits bungelend, mijn plastic ring met roze nepsteen tevoorschijn, gekocht in Ethiopië. Ik vertelde de agenten dat ik zeer gelukkig getrouwd was, trots kijkend naar mijn ringvinger. Ook zij waren allemaal getrouwd, vertelden ze, en we knikten plechtig naar elkaar.

Omslachtig, dat is het zeker, je kunt natuurlijk ook gewoon zéggen dat je geen behoefte hebt aan iemands avances. Maar de visuele impact van de ring laat, zeg maar, voet noch teen tussen de deur. Tot een paar jaar geleden droeg ik ter bevordering van de geloofwaardigheid een zilveren neptrouwring. Het was op 4090 meter boven zeeniveau, in de mijnstad Potosí in Bolivia, dat ik die ring definitief af deed. Dé toeristische attractie is hier een bezoek aan een zilvermijn in werking, al wordt er gewaarschuwd voor: claustrofobie, vallende rotsblokken, hitte, een verstikkende geur van explosieven en zuurstoftekort. Het mag buitengewoon onaantrekkelijk klinken, mij trok het ondergrondse avontuur juist aan. In de vroege ochtend, met kaplaarzen, veiligheidshelm op, daalde ik in gezelschap van José, gids en ex-mijnwerker, af in de zilvermijn van Potosí. In mijn rugzak zaten, zoals door José was aanbevolen, cadeaus voor de mijnwerkers: frisdrank, cocabladeren, twee flessen koffielikeur, pakjes sigaretten en staven dynamiet. We lieten ons zakken in krappe gaten, kropen door donkere tunnels, schoven op ons rug door gleuven en overal kwamen jonge jongens tevoorschijn met pikhouwelen. Hoe dieper we kwamen, hoe heter en benauwder het werd. Ik dacht met horror terug aan de mijnwerkers in Chili die ik de dag ervoor op het Boliviaanse nieuws zag zwaaien naar de camera`s. Hoeveel weken zaten die nu vast in die ingestorte mijn?

Na anderhalf uur stonden we weer bij de ingang, lucht!, en daar bedankte ik El Tio, de goddelijke mijnbeschermer, een stenen beeld met duivelshoornen en bij hem liet ik mijn zilveren ring achter. Ik schrijf deze column ringloos, maar in mijn rugzak zit nog altijd de plastic ring uit Ethiopië. Je moet wel een enorm oog voor detail missen om zo’n misbaksel aan te zien voor trouwring, maar ik kan niet anders zeggen dan dat hij nog altijd prima werkt.

Drie reisleugentjes-om-bestwil

  1. Je had alleen naar zijn koopwaar gekeken, maar de verkoper blijft je maar achternalopen, de prijs steeds verlagend. ‘Het spijt me, portemonnee vergeten’, smoes je dan en zoef!, weg is-’ie.
  2. Reis je als vrouw alleen, dan zijn er mensen die denken dat je voortdurend op zoek bent naar gezelschap. Afschudden doe je zo: ‘Man en kinderen wachten in het hotel, ik moet rennen!’
  3. Heerlijk rustig zit je op een zonnnig terras, totdat er iemand naast je komt zitten en een praatje wil maken. Antwoord diegene in het Nederlands en het is vliegensvlug ten einde.

Heb jij wel eens gelogen?

We zijn benieuwd of jij op vakantie wel eens een leugentje om bestwil hebt verteld. Laat hieronder je reactie achter en deel jouw reisleugentje met onze leden!

Iris Hannema (1985) is reisschrijver en bezocht in haar eentje meer dan 100 landen. Haar nieuwe reisboek ‘Het bitterzoete paradijs’ ligt nu in de boekhandel. Volg Iris tijdens haar reizen via @irishannema.

Meer reistips van Iris Hannema

Reisles: Regel uw visum tijdig!
Dé tips voor een ergernisloze vliegreis
Koester je paspoort, maar niet té
Reis blij, neem een ei

Bekijk alle reislessen van Iris Hannema