Verkeersveiligheid

De ANWB aan het werk

‘Het verkeer wordt steeds onveiliger’. Dat hoor je wel eens. Dat lijkt misschien zo, maar het aantal doden dat in het verkeer valt, daalt al jaren. Begin jaren 70 stierven er 3.200 mensen jaarlijks in het verkeer. In 2014 waren dat er 570. Het gevoel van onveiligheid is misschien wél gestegen. De ANWB zet zich op alle fronten in om het verkeer veiliger te maken. Veel leden helpen daarbij als vrijwilliger. Het verkeer veiliger maken doen we samen. Al 130 jaar. Een reis door de tijd.

Geschiedenis ANWB & verkeersveiligheid

Al kort na de oprichting van de ANWB in 1883, zette de bond zich in voor de veiligheid van fietsers. De constructie van de fiets zelf moest veiliger. Ook pleitte ze voor betere wegdekken en meer duidelijkheid in verkeersregels. Wat dat betreft is de ANWB in 130 jaar niet veranderd!

1892: Pas op, steile helling

De tijden zijn wél veranderd. In 1892 plaatste de ANWB nog waarschuwingsborden bovenaan steile hellingen, een blauw geschilderd, houten bord. Een flinke afdaling was in die tijd de schrik van elke fietser. De heel eenvoudige handremmen konden zo’n helling niet goed aan, en de trappers bleven onverzettelijk doordraaien zolang als de fiets in beweging was. Je kon je voeten maar beter op tijd van de pedalen halen.

1905: Verkeerswet

In 1905 kwam in Nederland de eerste Verkeerswet tot stand. Tot dan toe was het verkeer in Nederland geregeld met plaatselijke verordeningen. Omdat er toen motorrijtuigen op de Nederlandse straten verschenen, werd een landelijke regeling nodig. De wet bepaalde onder andere dat iedere fiets een bel en verlichting moest hebben, en auto’s een claxon.

1916: ‘Regels van de weg’

Om de verkeersregels meer bekendheid te geven, gaf de ANWB in 1916 het boekje ‘Regels van de weg’ uit. Daarin stond wie voorrang had op kruisingen, dat rechts houden op straat noodzakelijk was en hoe je moest aangeven wanneer je wilde afslaan. De ANWB deed een oproep aan leden om het goede voorbeeld te geven aan andere weggebruikers.

Verkeersregelaar

1924: verkeerslessen

Vanaf 1924 drong de bond bij scholen aan op verkeersonderwijs. De ANWB liet schoolplaten, zegels en boekjes drukken en een bioscoopfilm maken. Zo leerden kinderen dat ze niet op straat moesten spelen. Dat schuin oversteken gevaarlijk is en dat je beter niet aan rijdende auto’s kon gaan hangen.

1932: Veilig Verkeer Nederland

De ANWB richtte in 1932 Veilig Verkeer Nederland op, samen met een paar andere organisaties. Een van de eerste acties van VVN was het organiseren van een zogenaamde voetgangersweek. In deze week werd aandacht besteed aan nieuw aangelegde voetgangersoversteekplaatsen en vluchtheuvels. De ANWB bleef zelf ook aandacht houden voor verkeersveiligheid.

1938: verkeerszegels

In de jaren dertig werd 80% van de verkeersongevallen veroorzaakt door slechte naleving van de verkeersregels. Om het verkeersgedrag te verbeteren, liet de ANWB een grote hoeveelheid sluitzegels drukken. Daarmee kon je enveloppen dichtplakken, maar ze gaven ook verkeersles aan weggebruikers. Op de zegels kon je zien hoe je het verblinden van tegenliggers kon voorkomen, wat de beste manier was om trams in te halen en dat je niet met z’n drieën naast elkaar moest fietsen.

1956: autogordels

Er kwamen steeds meer auto’s en het aantal ernstige verkeersongevallen nam steeds verder toe. Begin jaren vijftig vielen in Nederland jaarlijks zo’n 1.000 verkeersdoden. Tien jaar later was dit verdubbeld. Eind jaren vijftig werden de eerste autogordels gebruikt. Ook de wegenwachters kregen autogordels van de ANWB. In 1961 vroeg de ANWB ruim 100 bonds-autorijschoolhouders of ze een gordel wilden gebruiken. In 1975 werd de autogordel verplicht.

1957: valhelm

Met de opkomst van de bromfiets was het verhaal hetzelfde. Begin jaren vijftig werd de bromfiets enorm populair. Het aantal ongelukken nam ook toe. De ANWB verzuchtte: ‘teveel nog wordt de bromfiets gebruikt als pseudo-motorfiets.’ De Bromfietskampioen van april 1957 raadde bromfietsers het dragen van een bromfietshelm aan. In 1972 werd de valhelm verplicht voor motorrijders, in 1975 ook voor bromfietsers.

1961: het zebrapad

In 1957 werden voetgangersoversteekplaatsen van knipperbollen voorzien. Voetgangers hadden voorrang op oversteekplaatsen met knipperende lichten. De ANWB vond dit onvoldoende. Ze wilde een regeling waarbij voetgangers op alle oversteekplaatsen beschermd zouden worden. Per 1 november 1961 werd het verkeersreglement gewijzigd en kregen voetgangers op zebrapaden voorrang.

1964: ANWB Verkeersinformatie

In 1964 startte de ANWB met radiobulletins over de toestand op de wegen. In het hoofdkantoor werd daarvoor een eigen studio ingericht. In de eerste jaren was de uitzending alleen een weerbericht. In de jaren zestig ontstonden de eerste dagelijkse files. De ANWB breidde de radiobulletins vervolgens uit met waarschuwingen voor mogelijk oponthoud, wat nu het filenieuws is.

1977: woonerf

In veel oude stadswijken was te weinig ruimte voor aparte infrastructuur voor iedere verkeerssoort. Het woonerf was de oplossing: woon/speelstraten voor gemengd verkeer. Plantenbakken, spoorbielzen en verkeersdrempels moesten de snelheid van automobilisten terugbrengen. Zo werd de veiligheid van fietsers en voetgangers vergroot. De ANWB gaf voorlichting over deze straatindeling, in Nederland en in de rest van Europa.

1987: fietsers beter zichtbaar

De ANWB maakte zich in de jaren tachtig zorgen over het grote aantal fietsers dat slachtoffer werd van verkeersongevallen. De bond deed onderzoek naar manieren om de zichtbaarheid van fietsers te vergroten. In 1976 lanceerde de ANWB veiligere fietsen, met rode reflectoren achter, geel reflecterende pedalen en banden met reflecterende strips. In 1987 stelde de overheid fietsreflectoren in fietsbanden verplicht.

Streetwise

2006: ANWB Streetwise

De ANWB startte met Streetwise in september 2006. De verkeerstrainingen zijn een aanvulling op bestaande verkeerslessen op school. Streetwise laat kinderen verkeerssituaties zoveel mogelijk zelf ervaren. Verkeerstraining voor kinderen is belangrijk volgens de ANWB. Op jonge leeftijd wordt de basis gelegd voor het gedrag in het verkeer later.