Onderzoek: Fiets onmisbaar voor Nederlandse kinderen

ANWB heeft onder ruim 1.000 Nederlandse kinderen tussen de 8 en 15 jaar onderzocht waar zij hun fiets voor gebruiken, hoe vaak en wat het niet hebben van een fiets teweeg brengt.


Voor veel kinderen is het heel normaal om een fiets te hebben en hiervan gebruik te kunnen maken, om bijvoorbeeld naar school te gaan of om vriendjes en vriendinnetjes te bezoeken. Maar voor zo’n 60.000 kinderen die onder de armoedegrens leven hoeft dat niet normaal te zijn. Veel kinderen in Nederland hebben geen fiets wat hen kan belemmeren in hun persoonlijke groei en sociale interactie.

De belangrijkste uitkomsten op een rij:

Kinderen vinden dat een fiets voor iedereen normaal zou moeten zijn

Ruim 1 op de 8 Nederlandse kinderen kent wel iemand zonder fiets. Van die kinderen kennen zij gemiddeld drie kinderen die geen fiets hebben. Terwijl meer dan 8 op de 10 Nederlandse kinderen vindt dat iedereen in Nederland een fiets moet hebben. 6 op de 10 kinderen vindt het zelfs zielig dat er kinderen in Nederland zijn die geen fiets hebben. En 7 op de 10 kinderen zou zijn of haar oude fiets dan ook wel weg willen geven aan een kind dat het nodig heeft.

Iedereen een eigen fiets 

 

Kinderen gebruiken hun fiets gemiddeld twee keer per dag

Een derde van de Nederlandse kinderen gebruikt zijn of haar fiets gemiddeld twee keer per dag. Voornamelijk om naar school te gaan. Kinderen tussen de 13 en 15 jaar behoren tot de grootste groep (41%) die twee keer per dag gebruik maakt van hun fiets, ten opzichte van 23% van de 8 tot 10 jarigen en 32% van de 11 tot 12 jarigen.

6 op 10 kinderen zien het niet hebben van een fiets als een 'groot probleem'

Maar liefst 60% van de Nederlandse kinderen ziet het niet hebben van een fiets als een ‘groot probleem’. Dat is niet vreemd, want zonder fiets hebben ze minder bewegingsvrijheid en zouden ze veel dingen niet meer zo gemakkelijk kunnen doen of afhankelijk zijn van betaald vervoer (de auto/ het OV).

  • Zo geeft 41% van de Nederlandse kinderen aan dat zij niet meer naar sommige vriendjes of vriendinnetjes kunnen gaan. Meisjes hebben daar meer last van (47%) dan jongens (35%).
  • 40% kan niet meer naar sommige familieleden.
  • 37% kan niet meer naar hun huidige school. Voor de 13 tot 15 jarigen geldt dit zelfs voor meer dan de helft (53%).

Groot probleem om fiets te missen

Wat zouden kinderen het meest missen als zij geen fiets hebben?

Een top drie van de dingen die kinderen erg* vinden om te moeten missen als zij geen fiets hebben én dan ook geen gebruik kunnen maken van een ander vervoersmiddel dat geld kost, zoals met de auto worden gebracht of met het openbaar vervoer gaan:

  1. Leuke dingen buiten school doen (88%).
  2. Met (klas)genoten kunnen fietsen (79%).
  3. Naar de school van voorkeur gaan (76%).

Ook geeft meer dan de helft van de Nederlandse kinderen aan (54%) dat ze ‘veel vaker thuis zouden blijven’ als ze geen eigen fiets zouden hebben. Een kwart zou zonder fiets niet naar hun sportvereniging of het zwembad kunnen.

Kinderen zouden sommige vriendjes en vriendinnetjes het meeste missen als ze geen fiets zouden hebben (25%). De huidige school zou daarna het meest worden gemist (23%).

Wat zou je missen? 

Over het onderzoek

Het onderzoek is in augustus 2015 uitgevoerd door Panelwizard onder 1.031 kinderen van 8 tot en met 15 jaar in Nederland.

*) beetje erg & heel erg