10 kampeerplekken voor op je verlanglijst

Van de Lofoten tot Tenerife

10 verrassende kampeerlocaties die je direct op je bucketlist zet. Vanwege hun bijzondere activiteiten, geschiedenis, monumentale waarde, maar vooral: omdat het er zo mooi is. Relatief dicht bij huis tot ver over de grens.

1. Kamperen in Schotland: de Orkney-eilanden

Een prachtige eilandengroep voor de kust van Noord-Schotland: de Orkney-eilanden. In de middeleeuwen gekoloniseerd door de Vikingen werden ze hét centrum van de Vikingbeschaving van Groot-Brittannië. Sporen van dit volk vind je niet alleen zichtbaar terug, ook veel plaatsnamen stammen nog uit het taaltje Norn. De eilandengroep kwam in Schots bezit toen het eind middeleeuwen als bruidsschat werd weggegeven. Mogen die Schotten best blij mee zijn, want wat ís het hier mooi: ruige kusten met woeste rotspartijen tegenover ongerepte, kraakhelder witte zandstranden. Je kunt er zeehonden spotten; deze dieren zijn gek op Orkney. Net als de ‘clown der zeevogels’ trouwens, de papegaaiduiker. Z’n opvallende verschijning met zwart-witte veren en felgekleurde snavel knalt van elke foto af. Al is dat hier sowieso niet echt moeilijk, mooie plaatjes maken.

Doen? Wandelen, surfen, vissen, archeologische opgravingen bewonderen, luisteren naar volksverhalen. O ja, en vergeet de Highland Park Single Malt-whisky niet. Slainte Mhath.

Kamperen op de Schotse Orkney-eilanden?

Camping Ayre’s Rock

2. Kamperen in Frankrijk: Dune du Pyla

Kamperen aan de voet van het hoogste duin van Europa? Dat kan. In Frankrijk, in de Franse gemeente La Teste-de-Buch, ligt hij: de Dune du Pyla. Hij strekt zich uit over een kleine drie kilometer, is een meter of vijfhonderd breed en 105 hoog. Behoorlijk dus, ja. De naam Pyla komt van het woord pilla, wat ‘stapel’ of ‘hoop’ betekent in het Gascons. Niet alleen het duin zelf is indrukwekkend om te zien, bijkomend voordeel is het schitterende uitzicht op de omgeving: op de oceaan en de omringende landschappen, zoals de baai Bassin d’Arcachon en het dennenbos van de Landes.

Voor een beetje romantiek staar je vanaf de Dune naar de mooiste zonsondergang die je ooit zult zien, voor een beetje spanning kies je voor een rondje zweefvliegen boven het Bassin. Ook leuk: zonnen, surfen, varen en natuurlijk lekker hard ‘duinaf’ naar beneden rollen. De nabije camping heeft een naam die zijn ideale positie bij de Dune verraadt: Panorama du Pyla. Kijk, daar worden we blij van.

Kamperen op de Dune du Pyla?

Yelloh! Village Panorama du Pyla

3. Kamperen in Zwitserland: Bern

Wel eens in Bern gekampeerd? Misschien niet de meest voor de hand liggende keuze, wél een bijzonder goeie. De oude binnenstad – met zijn stadhuis, kathedraal Bern Münster, kalkstenen patriciërhuizen en vele fonteinen – staat niet voor niets op Unesco’s Werelderfgoedlijst. Ondanks dat de stad in de achttiende eeuw voor een groot deel werd hersteld, heeft het zijn charmante middeleeuwse karakter behouden. Gelukkig maar. Nog zo kenmerkend voor Bern? De rivier de Aare die een groot deel van de stad omslingert.

En nu komt het mooiste gedeelte, want aan die rivier kun je bijzonder leuk kamperen; en dat op maar twee kilometer van hartje centrum. Zo ga je als ervaren zwemmer of rafter stroomopwaarts de rivier op en laat je je afdrijven naar camping Eichholz – want zo heet ’ie – of nog verder naar de mooie oude binnenstad. Bezoek je de stad liever zonder nat pak, dan wandel je gewoon een halfuurtje van camping naar hartje centrum

Kamperen in het Zwitserse Bern?

Camping Eichholz

4. Kamperen in Spanje: Tenerife

Het grootste eiland van de Canarische Eilanden roept beelden op van zonnige dagen op gouden stranden in een droog en dor landschap. En die kloppen ook, want het toeristische zuiden ziet er inderdaad zo uit. Maar zoek je het hogerop, en dan hebben we het echt over het uiterste noorden, dan ziet Tenerife er heel anders uit: groen, groener, groenst. Vanwege de geïsoleerde ligging van de eilandengroep overleefden hier plantensoorten die sinds de eerste ijstijd in de rest van de wereld waren uitgestorven. Ja, in het noorden van Tenerife regent het meer, maar dat heeft buiten al dat groen nóg een voordeel: toeristisch is het hier allesbehalve.

Kun je er dan wel kamperen? Ja! Het gebeurt weinig op het eiland, maar het kan. En deze plek is heel bijzonder, want camping Punta del Hidalgo ligt aan de kust vlak bij het Anage National Park. Anaga is een hoogland van bergen met scherpe pieken en diepe ravijnen, bedekt met tapijten van laurierbomen én bezaaid met charmante dorpjes. Kamperen met schitterend uitzicht dus.

Kamperen op Tenerife?

Camping Punta del Hidalgo

5. Kamperen in Botswana: Chobe National Park

Kamperen tussen de olifanten? ’s Nachts wakker worden door het geluid van hyena’s? Daarvoor maken we graag een sprong buiten Europa. En waar je uitzonderlijk mooi kampeert tussen het wild: in Botswana, een land dat bekendstaat om zijn vele natuurparken met een ongekend rijke dierenwereld. Midden in het wildlifepark Chobe National Park kamperen betekent: niet gek opkijken als je bij de rivier de Chobe stuit op een olifant of duizend. In dit grote wildlifepark liggen meerdere campings, maar op camping Ihaha kampeer je aan de rivier én kijk je in het droge seizoen uit over een nijlpaardenpoel.

De plek is basic, dat wel, maar er zijn toiletten en warme douches op basis van zonne-energie. Handig: het Chobe National Park organiseert allerlei soorten dagtochten. Wil je je fotografie-skills verbeteren, vroeg in de morgen de dieren naar de rivier zien trekken om te drinken, mee op de vissersboot óf een dagtrip naar de Victoria-watervallen inclusief helikoptervlucht? Het kan. En ja, nu je er toch bent, doe je het natuurlijk allemaal.

Kamperen in Chobe National Park?

Ihaha Campsite

6. Kamperen in Noorwegen: de Lofoten

Op de Lofoten draait het vooral om één ding: de visserij. Een standaard beeld dat bij deze eilandengroep hoort is dan ook dat van op houten rekken drogende kabeljauw. Hoe die visserij in zijn werk gaat? Midden in de winter varen de schepen uit, om pas maanden later volgeladen terug te keren. Nog zo’n typisch beeld: de oude vissershutjes, tegenwoordig vaak verhuurd als zomerhuisjes, die vanwege hun knalrode kleur bijzonder opvallen in het schitterende landschap. Al valt dat landschap an sich ook al aardig op: de diepe fjorden, indrukwekkend hoge bergen en ruige zandstranden worden van alle kanten geprezen. En terecht.

Nog een bijkomende voordeel? Vanwege een warme golfstroom hebben de eilanden een veel warmer klimaat dan wat je zo hoog in het noorden verwacht. Tussen eind mei en half juli gaat de zon niet onder: genieten van de middernachtzon dus. Tussen september en half april staar je hier dan weer naar het noorderlicht; minstens net zo’n bofkont. Kamperen op de Lofoten is eigenlijk gewoon een drømme die uitkomt.

Kamperen op de Lofoten?

Sandvika Fjord & Sjøhuscamping

7. Kamperen in Spanje: het Alhambra

In dit rijtje mag de meest sprookjesachtige locatie van Europa, en misschien wel van de wereld, niet ontbreken: het Alhambra. Deze miniatuurstad ligt in de stad Granada en leidt je van Arabische paleizen vol pracht en praal via de mooiste tuinen naar imposante Renaissance-kerken en indrukwekkende middeleeuwse torens. In de elfde eeuw werd het Alhambra aangelegd op de Sabikaheuvel, tweehonderd meter boven Granada. Mooi uitzicht dus.

Vanuit het Alcazaba, met zijn enorme vestingsmuren en torens, bouwden koningen van het Moorse rijk hun paleizen. En ja, je stapt hier echt een sprookje binnen: de bijzondere architectuur, marmeren zuilen en vloeren, rijkelijk versierde plafonds met fijn houtwerk, kalligrafieën, booggewelven en zuilen-galerijen brengen je in hogere sferen. Kamperen kan vlakbij, op camping Sierra Nevada, waar je meteen een georganiseerde excursie naar dit sprookje boekt.

Kamperen in het Alhambra?

Camping Sierra Nevada

8. Kamperen in Frankrijk: Île de Noirmoutier

Voor de Franse kust, in de baai van Bourgnef en iets onder de monding van de Loire, ligt het eiland Île de Noirmoutier. Bijzonder om meerdere redenen. Zo kun je het eiland duidelijk in drie stukken hakken: in het noorden vind je rotsen, ook wel Île d’Her, in het zuiden duinen en in het midden liggen de zoutmoerassen. Meer bijzonders? De manier waarop je er komt: via de Passage du Gois. Deze natuurlijke oversteek, die je van het vasteland van de Vendée naar het eiland brengt, is een fenomeen vanwege zijn lengte: 4,5 kilometer. En dat kan dus niet altijd, want bij hoogtij staat ’ie helemaal onder water.

Bij laagtij is de Passage dé plek voor het vangen van mosselen, oesters en kokkels. Of je je hier een week kunt vermaken? Met gemak. Oké, hengel mee dus, maar ook zeilen, kiten, windsurfen, duiken en catamaranvaren doe je hier. Een bezoek aan het kasteel, fietsen door de zoutmoerassen, met toeristentrein het noorden ontdekken én uitgebreid zonnen op de stranden maken je bezoek aan Noirmoutier helemaal complète.

Kamperen op Île de Noirmoutier?

Le Caravan’Île

9. Kamperen in het Verenigd Koninkrijk: Stonehenge

Een megalithisch monument waarbij de recentste datering is bepaald op 2.300 voor Christus: Stonehenge. Het is de bekendste prehistorische locatie op aarde. Door de vondst van menselijke resten lijkt het bij het ontstaan als begraafplaats te hebben gediend. In 2008 onderzochten archeologen de plek en concludeerden dat Stonehenge een gezondheidscentrum moet zijn geweest: de skeletten kwamen niet allemaal uit de buurt en hadden lichamelijke aandoeningen. Zij zien de plek nu als het ‘Lourdes van de oudheid’. Net als Rome is het in elk geval niet in één dag gebouwd: de bouwfases overspannen minstens 3.000 jaar.

Op een ‘steenworp’ afstand ligt Stonehenge Campsite; dichter bij het monument kun je niet kamperen. De vijf kilometer zijn prima te voet of per fiets af te leggen. Nu je hier toch bent, pak meteen de andere hoogtepunten in de buurt mee: de stenen cirkel van Avebury, de stad Salisbury, het Longleat House, Bath City met Romeinse baden, het New Forest National Park en de prachtige zandstranden van Bournemouth.

Kamperen bij Stonehenge?

Stonehenge Campsite & Glamping Pods

10. Kamperen in IJsland: het Jökulsárlón-meer

Oké, een goed geïsoleerde slaapzak moet in de rugzak. Maar dan kampeer je mooi wel tussen de meest prachtige watervallen, uitgestrekte vlakten en glasheldere meren van IJsland. Hoogtepunt? Het grootste gletsjermeer van het land, het meer van Jökulsárlón. Nog niet eens zo oud trouwens, wél het allerdiepst: 250 meter maar liefst. Het gletsjermeer is hartstikke beroemd en wordt ook wel de ‘James Bond-lagoon’ genoemd: het meer schitterde in de openingsscene van A View to a Kill én in Die Another Day. Inderdaad, wie z’n camera vergeet komt bedrogen uit. Op het glasheldere meer met zijn altijd ronddrijvende ijsbergen raak je niet uitgekiekt.

Kamperen kan vlakbij, op camping Höfn. Kamperen in IJsland is gemiddeld vrij basic, maar dat valt hier reuze mee. Al zou je op deze plek zowat alles voor lief nemen, want je zit binnen een uur rijden bij 007’s favoriete lagoon. Tijd over? Bezoek dan ook de Vatnajökull-gletsjer, maak een hiking-trip of een quad-tour over het strand.

Kamperen bij het meer van Jökulsárlón?

Camping Höfn