Rokend de berg af

Gevarenzone

De afstelling van caravanremmen luistert erg nauw, met name als je de bergen in gaat. Tijdens lange, steile afdalingen kan de temperatuur in de remtrommels desondanks tot ruim boven de 200° Celsius oplopen. Dergelijke temperaturen zijn niet alleen slecht voor remvoeringen, ook de smering van wiellagers loopt gevaar. Iets boven 100 graden beginnen de plastic dopjes op de wielbouten al zacht te worden. Tegen de tijd dat ze er letterlijk van af druipen, zit je meestal in de gevarenzone.

Wat is er tegen te doen?

‘Strekken’ is een oud, maar beproefd middel. Probeer de ingedrukte oplooprem te strekken door – daar waar mogelijk – even gas te geven. Bij het uitkomen van een haarspeldbocht wil die mogelijkheid zich nog wel eens voordoen. Maar er zijn ook afdalingen waarbij dat niet of nauwelijks kan. Als er geen alternatieve route voor handen is, rijd dan zo rustig mogelijk en stop geregeld. Zoek hooguit om de tien minuten een parkeerplaats waar de remmen kunnen afkoelen. Dat doen ze overigens het best, als de oplooprem niet is ingedrukt. Leg dus zo nodig iets voor de caravanwielen en rijdt dan met de auto een centimeter of vijf vooruit.

Let in de bergen op de motorkoeling

Bergritten zijn niet alleen een bedreiging voor de remmen van de caravan. Ook de koeling van de motor krijgt het flink voor de kiezen. Vooral zomerse buitentemperaturen doen een beroep op de werking van de radiateur, de waterpomp, de thermostaat en andere onderdelen van het koelsysteem. Trekt de auto ook nog een caravan, dan is het helemaal zaak dat alles naar behoren functioneert. Het kan daarom helemaal geen kwaad om de garagist erop te wijzen dat er ‘bergen’ op het reisprogramma staan.