Rijden met een automaat in de bergen

Controleer regelmatig het oliepeil

De automatische versnellingsbak is een verhaal apart. Die moet gekoeld en tevens gesmeerd worden. Controleer het oliepeil van ‘de bak’ daarom regelmatig en let daarbij ook op verkleuring. Als de olie donker begint te kleuren, wordt het tijd om die te vervangen. Hoe je een ‘bak’ peilt, staat omschreven in het instructieboekje. In hoeverre de fabrikant extra maatregelen eist, als er een caravan wordt getrokken met een automaat, is eveneens terug te vinden in het instructieboekje van de auto.

Het rijden zelf

Dan het rijden zelf. Een automaat kiest zelf de juiste versnelling. Ingrijpen is desondanks aan te bevelen, vooral als de bak veelvuldig tussen twee versnellingen heen en weer schakelt. Dit gedrag drijft de temperatuur van de olie op. Kies dan handmatig voor een (lagere) stand/versnelling. Dat is ook aan te raden bij een handbak. Prettig gevolg is dat de waterpomp er ook harder door gaat draaien. En dat bevordert de koeling weer. De juiste cq lagere versnelling is voorts van belang bij afdalingen. Zo helpt de motor mee bij het afremmen en hoef je niet constant op het rempedaal te trappen. Kies in principe voor dezelfde stand als waarin je omhoog bent gereden. Feitelijk gebruik je de stand D1, D2 of L1 en L2 van een automaat alleen maar in de bergen. Voor vrijwel al het overige volstaat de stand D(rive).