Zuidelijk Westerkwartier

Nederland, Groningen, Marum

85
09
22
18
19
27
28
29
24
35
40
52
47
41
94
93
88
89
90
82
80
84
20
85

Het Zuidelijk Westerkwartier ligt ingeklemd tussen Friesland en Drenthe. Dit kleinschalige landschap met de karakteristieke houtsingels is aantrekkelijk om doorheen te fietsen. Het is het minst Gronings van de Groningse gewesten. De Friese invloed is goed merkbaar in het Westerkwartierse dialect. De dorpen liggen iets verhoogd op zandruggen die van west naar oost lopen. Ertussen lag een moerasgebied met hoogveen. De tocht door dit Groningse coulisselandschap is afwisselend en voert door oude dorpjes.

Het Malijkse pad is een eeuwenoud voetpad op de zandrug die vanuit Friesland in de richting van stad Groningen loopt. Op deze hoog en droog gelegen grond vestigden zich Friese en Drentse kolonisten. Vanaf hier is de vervening van de naastgelegen lagere veengebieden gestart.

Landbouw- en streekmuseum ’t Rieuw, gevestigd in een boerderij op Landgoed Coendersborch toont werktuigen van het verdwenen gemengd boerenbedrijf in het Zuidelijk Westerkwartier.

Oudeweg 17, Nuis. Bekijk de website van 't Rieuw.

Vanaf de uitzichttoren net iets verder op het Dwarsdiep heb je een prachtig uitzicht over het Zuidelijk Westerkwartier. Wellicht zie je baltsende watersnippen, slobeenden, zomertalingen, kwartelkoningen of wulpen. In het moerassige gebied ten oosten van de uitkijktoren zijn bosriet- zangers, rietzangers, sprinkhaanzangers en bruine kiekendieven te ontdekken.

 

Omdat Boerakker geen horecagelegenheid heeft, strijken fietsers neer op het terras van Struisvogelhouderij Fam. W. de Kreij. In de winkel treft u tal van struisvogelproducten; van beschilderde eierschalen tot eigengemaakte advocaat en van struisvogelleren tasjes tot struisvogelcosmetica. De hoofdactiviteit is het verhandelen van eendagskuikens. Van februari tot september leggen de hennen ongeveer vijftien eieren per maand. Zodra de kuikens zijn uitgebroed worden ze wereldwijd vervoerd naar struisvogelfarms.

Vanuit het hoogste noorden strijken zo’n twee miljoen ganzen per winter in Nederland neer. Op zoek naar voedsel in een meer gematigd klimaat eten ze gras en belopen de bodem, met soms aanzienlijke schade tot gevolg. Het gebied ten noorden van het Leekstermeer is door de provincie aangewezen als overwinteringsgebied. Ruim dertig boeren hier hebben vrijwillig een contract voor ganzenbeheer afgesloten. Hier zijn de ganzen welkom en het Rijk betaalt voor dit gansvriendelijke beheer.

Het kleine Lutjegast heeft een zoon van wereldformaat. Het is de geboorteplaats van de beroemde Abel Tasman, ontdekker van Tasmanië en Nieuw Zeeland. Het Abel Tasman Kabinet heeft een vaste collectie met aandacht voor de zeevaarder en zijn werkgever, de Vereenigde Oost-Indische Compagnie, VOC. Tasman woonde de laatste jaren van zijn leven op Java, waar hij met kleine schepen voer en vee verhandelde.

Kompasstraat 1, Lutjegast, www.abeltasman.org.