Westerwoldse Aa-route

Nederland, Groningen, Wedde

28
63
07
08
66
68
97
75
71
70
69
76
51
12
29
28

In het zuidoosten van de provincie Groningen ligt het afwisselende landschap van Westerwolde. Vroe­ger lag dit gebied geïsoleerd te midden van het uitgestrekte Bour­tanger moeras. Een netwerk van riviertjes voerde water uit het moe­ras af naar zee. De belangrijkste waren de Mussel Aa en de Ruiten Aa, die voorbij Wedde samen verder stromen als de Westerwoldse Aa. Vanuit de hoger gelegen zandrug­gen – waarop onder meer Blijham en Bellingwolde liggen – begon men vanaf de 16e eeuw het veen te ontginnen, waarbij een veen­ontginningslandschap ontstond. Blijham en Bellingwolde liggen op de overgang naar het Oldambt, dat zich in later tijd tot een welvarend akkerbouwgebied ontwikkelde, hetgeen nog te zien is aan de impo­sante boerderijen. Iets zuidelijker begint bij Wedde het kleinschalige esdorpenlandschap.

De weg van Wedde tot Blijham is een deel van de oude legerweg van Groningen via Bourtange naar Duitsland. Waar de legerweg de Westerwoldse Aa kruiste, werd in de 14e eeuw de Wedderborg gebouwd.In 1568 verzamelden zich hier de watergeuzen. Onder graaf Lodewijk van Nassau trokken ze op naar Heiligerlee voor de ‘slag’ die het begin inluidde van de Tachtigjarige Oorlog. Ook in later tijd had de borg een militaire functie, zoals te zien is aan de restanten van een bastion.

Van Blijham tot Oudeschans loopt de route door de Dollardpolders in een weids, ruilverkaveld landschap. Door problemen in de landbouw liggen hier veel gronden braak. Er doet zich een explosieve groei van muizen voor, die weer vele roofvogels aantrekken, waaronder de bruine, de blauwe en de in Nederland zeer zeldzame grauwe kiekendief. Sommige percelen zijn volgeplant met populieren, zoals bij de Tweekarspelenweg, tegen het bebouwingslint van Bellingwolde aan.

De vesting Oudeschans is in 1593 onder Willem Lodewijk aangelegd op een dijk aan de toenmalige monding van de Westerwoldse Aa. Door een ophoging is een deel van de vestingwallen weer zichtbaar gemaakt; de ‘wallen’ zijn toegankelijk voor wandelaars. In het beschermde dorp is ook een vestingmuseum.

Al van grote afstand zie je het lange bebouwingslint van Bellingwolde, met zijn hoogopgaande wegen erfbeplantingen. De wegbeplanting bestaat vooral uit oude eiken. In het lint staan grote boerderijen van het Oldambster -en villatype, omgeven door zware bomen als beuken en linden. Door de groei van de agrarische bedrijven en door ruilverkavelingen verloren veel boerderijen hun agrarische functie. Sommige staan leeg, mede omdat er weinig animo is om zo ver buiten de stad te gaan wonen, maar ook door hoge onderhouds- en stookkosten. Wanneer de huidige ontwikkelingen zich doorzetten, zullen veel van deze majestueuze boerderijen ten prooi vallen aan verval en sloop en zal veel van het karakter van de streek verloren gaan.

Streekmuseum De Oude Wolden is gehuisvest in een oud herenhuis, op de grens van het Oldambt en Westerwolde. In het museum is aandacht voor de streekgeschiedenis en er zijn wisselexposities. Daarnaast beheert het museum de gemeentelijke schilderijencollectie van de magisch realist Lodewijk Bruckman.

Bij Wedde begint het esdorpenlandschap van Westerwolde. De es van Wedde ligt pal ten noorden van het dorp en de hoge ligging uit zich plaatselijk in een steilrand langs de weg. Als u een blik over de es werpt, heb je een goed uitzicht over het dal van de Westerwoldse Aa en de hier voorkomende hoogteverschillen.