Over-Betuweroute

Nederland, Gelderland, Huissen

66
69
68
67
75
76
77
78
80
79
85
97
25
31
32
33
34
45
42
41
40
39
75
22
25
24
18
14
13
05
06
07
02
01
30
66

Tussen Arnhem en Nijmegen ligt de Over-Betuwe, begrensd door Waal, Rijn en Pannerdens Kanaal. Dit gebied verschilt van de rest van de Betuwe door de aanwezigheid van relatief goed ontwikkelde oeverwallen en kleine kommen. Voor de mens was en is dat heel aantrekkelijk. Al in de pre-Romeinse tijd was dit het intensiefst bewoonde deel van de Betuwe. Dat is het nog steeds. Vanaf twee kanten wordt de Over-Betuwe nu door verstedelijking bedreigd. In het noorden heeft Arnhem het gebied rond Elden en Huissen opgeslokt. In het zuiden heeft Nijmegen de 'Waalsprong' gerealiseerd met 11.000 woningen bij Lent en Oosterhout.

In Huissen ligt vlak bij het startpunt een Dominicanenklooster uit 1858, waar momenteel nog dertien monniken leven en dat daar­naast wordt gebruikt als gastenverblijf. Het klooster zelf is van de hand van de bekende Roermondse architect Pierre Cuypers. Langs de route is te zien dat voor Huissen, Gendt, Bemmel en Lent de glastuinbouw bijzonder belangrijk is: de Over-Betuwe is het Westland van het Gelders Rivierengebied. De reden daar­voor is de aanwezigheid van voor de tuinbouw zeer geschikte grofzandige, lichte rivierkleigronden, die zijn ont­staan door de vele dijkdoorbraken in dit gebied. Een naam als Kommerdijk in de buurt van Gendt getuigt hiervan.

Iets van de route af ligt Kasteel Doornenburg met een geschiedenis van verwoesting en wederopbouw. Kijk voor achtergrondinformatie op het informatiepaneel bij de ingang. Aardig is de wandeling om het kasteel en langs een duizendjarige eik. Het kasteel was in de zestiger jaren een van de opnamelocaties voor de popu­laire televisieserie Floris.

Het Pannerdens Kanaal, dat Rijn en Waal verbindt, was oorspronkelijk bedoeld als een militaire verdedi­gingsgracht. Later kreeg het tot taak het Rijnwater zo te verdelen dat één­derde deel naar het noorden en tweederde deel naar het westen stroomde. Strategisch gelegen op het punt waar de Rijn zich splitst in Waal en kanaal, bestrijkt Fort Pannerden uit 1872 de beide waterwegen. Het beschermen van de Nieuwe Holland­se Waterlinie was hierbij het voor­naamste doel. Het fort is geheel ge­restaureerd na jarenlang gekraakt te zijn geweest en heeft nu een nieuwe functie als museum met horeca. In het eromheen gelegen natuurgebied Klompenwaard is vanuit waterhuis­houdelijk oogpunt een nevengeul aangelegd. Het gebied trekt hierdoor allerlei bijzondere (water)vogels aan.

De Gendtse Polder en de verderop gelegen Bemmelse Waard zijn in het verleden groten­deels afgegraven ten behoeve van de kleiwinning van de steenfabrie­ken. Door de afwisseling van natte en droge gebieden, ruigten en stru­welen zijn de waarden een ideaal leefgebied voor diverse vogels.
Van de kerk van Gendt ontbreekt het middenschip, dat is gesloopt in 1844. De kleine hervormde gemeen­te, die in het achterstuk naar de kerk ging, had onvoldoende geld om ook het midden te onderhou­den. De toren was het eigendom van het gemeentebestuur.

Langs de rivieren werden in de 19e eeuw zogeheten dijkmagazijnen gebouwd. Hierin werden materialen en voorraden opgeslagen die nodig waren voor het onderhoud van de dijk, zoals zandzakken, schoppen en kruiwagens. De meeste gebouwtjes zijn in de loop van de tijd verdwenen, maar enkele zijn behouden als cultureel (waterstaats)erfgoed en kregen een nieuwe functie. In het Dijkmagazijn in Bemmel is het Bezoekerscentrum van Lingewaard Natuurlijk gevestigd, een stichting voor natuureducatie. En sinds kort is het ook een informatiepunt voor de natuur en het landschap langs de Waal (www.lingewaardnatuurlijk.nl).

Bemmel was in de middel­eeuwen een heerlijkheid. De hertogen van Gelre gebruikten Kasteel De Kinkelenburg als jachtslot. De gemeente Lingewaard heeft het kasteel tegenwoordig in gebruik als trouwlocatie.

Tussen de Waal en de Bemmelse Waard ligt de Defensiedijk. De dijk maakte deel uit van de IJssellinie, een naoorlogs defensiesysteem waarbij de gebieden langs de IJssel bij een Oost-Europese dreiging onder water gezet zouden worden. De linie werd na 1963 opgeheven. Bemmel was in de middel­eeuwen een heerlijkheid. De hertogen van Gelre gebruikten Kasteel De Klinken­burg, nu gemeentehuis, als jachtslot.

Tussen het dorp Lent en knooppunt 45 rijdt u door het nieuwe Park Lingezegen. Dit landschapspark, dat aangelegd wordt in de groene ruimte tussen Arnhem en Nijmegen, moet volgens planning in 2020 geheel gerealiseerd zijn. Meer informatie over activiteiten en de vordering van de werkzaamheden vindt u op www.parklingezegen.nl.

Strandpark Slijk-Ewijk is het resultaat van een zandafgraving die hier in het ver­leden plaatsvond. De ontstane plas is nu ingericht als recreatiepark.

Na Valburg volgt de route een poosje de Linge, het riviertje dat de Be­tuwe van water voorziet. Hoewel de in­laat bij het Pannerdens Kanaal kunst­matig is en tot voorbij Elst kaarsrecht van loop, is het de langste puur Neder­landse rivier. Bij Ochten begint de Linge voorzichtig zijn strakke lijn los te laten, om na het Amsterdam-Rijnkanaal op natuurlijke, kronkelende wijze zijn weg te vervolgen tot Gorinchem.

Ook de Rijker­woerdse Plassen zijn ontstaan na zandafgravingen. Op warme dagen zijn de recreatieplassen een populair toevluchtsoord voor de bewoners van het nabijgelegen Arnhem. Jaarlijks vindt er een popfestival plaats: Plaspop. De recreatieplassen maken deel uit van het Park Lingezegen.