Neerdorproute

Nederland, Overijssel, Dijkerhoek

67
04
15
05
58
34
07
61
64
68
67

Deze route voert door het open weideland ten westen van de Sal­landse Heuvelrug en is genoemd naar de buurtschap Neerdorp. Neerdorp, Holten en het noordelij­ker gesitueerde Helhuizen liggen tegen de Holterberg, die deel uit­maakt van de stuwwal. Nog verder naar het westen wordt het steeds lager en natter. Namen als Dijker­hoek, Okkenbroek, Waterhoek en Plompmarsweg duiden erop dat we hier echt in het broekland terecht­komen, vroeger een uitgestrekt moerasbos, nu een welvarend weidegebied.

Dijkerhoek is nog een echt ou­derwetse buurtschap met veel ge­voel voor gemeenschapszin. De ‘Diekerhoekse Mölle’ De Hegeman, een stellingmolen uit 1890, is prachtig gerestaureerd en wordt door vrijwilligers in stand gehou­den. Ter gelegenheid van het honderd­jarig bestaan werd hier het wereldrecord pannenkoeken bak­ken verbeterd. In de wei tegenover de molen werd een pannenkoek van maar liefst 10 m doorsnede en 3 cm dikte gebakken.

In het natte broekland liggen hogere dekzandruggen in oost-westrichting. Net als Dijkerhoek lig­gen Okkenbroek en Nieuw-Heeten op zulke ruggen in het natte broek­land. Oude boerderijen zijn vaak omgeven door een eenmansenkje.
De afwatering via de Soestwetering was vroeger, vooral ’s winters, verre van optimaal. Daarom kronkelen de wegen hier zo. Ze lopen van boerde­rij naar boerderij, gebruikmakend van de natuurlijke hoogten in het landschap. De Oude Deventerweg is daar een mooi voorbeeld van. Deze vroegere hessenweg verbond Utrecht en Deventer via Holten met het Duitse achterland.

Natuurmonument De Sprengen­berg ligt op de westflank van de Sal­landse Heuvelrug. De Sprengenberg (75,5 m) ontleent zijn naam aan de ondergrondse waterbronnen die hier aanwezig zijn. Vroeger was hier een uitgestrekt heidegebied, nu is er voornamelijk bos. Er graast een kudde Schotse hooglanders om de overgebleven heide in stand te hou­den.

Boven op de Sprengenberg staat een merkwaardig gebouw dat tot in de verre omtrek zichtbaar is. Deze villa in de vorm van een uitzicht­toren is aan het begin van de 20e eeuw gebouwd door de Almelo­se textielfamilie Van Wulfften-Palthe. Tussen 1900 en 1940 bouwden Twentse textielfamilies veel van dergelijke landhuizen op heuvels, maar kregen daarvoor na de Tweede Wereldoorlog geen toe­stemming meer.

Holten ligt heel strategisch op de grens tussen nat en droog. Zo konden de Holtenaren profiteren van de ecologische voordelen die beide landschappen te bieden had­den. Op de Holterberg was de heide waar de schapen werden geweid. In het broekland waren uitgestrekte velden met weiden en hooi en in het natste gedeelte lag veen waar men turf kon steken. Het akkerland, de door eeuwenlange plaggenbe­mesting opgehoogde enk, lag op de flank van de berg. De Holterenk werd in 1888 doormidden gedeeld door de spoorlijn Deventer – Almelo. Het ten zuiden van de spoorlijn ge­legen deel is inmiddels volgebouwd. Het noordelijke deel is nog intact.