Bekenroute

Nederland, Noord-Brabant, Bokt

08
01
10
11
17
41
30
51
40
72
73
80
98
08

Sloten en kleine waterlopen vormen op het Kempens Plateau een beek, die bij Peer voor het eerst Dommel wordt genoemd. Bij Eindhoven fietst u langs enkele restanten van het oude beekdal van deze Dommel. Het soms parkachtige landschap met verspreid liggende plassen, broekbosjes en weilanden is zeer geschikt om de fietstocht te onderbreken voor een wandeling. Op de hoger gelegen gronden in het oostelijk deel van de route komt u door oude akkergebieden. Al is de Dommel uit het zicht, toch hebt u ook hier nog steeds de indruk door een beekdal te fietsen.

NB net na knooppunt 10 is richting knooppunt 11 de houten brug over het kanaal afgesloten. De omleiding is duidelijk aangegeven met gele borden.

In het plaatsje Bokt stuit u op een historisch bakhuisje. Bakhuisjes stonden bij boerderijen en werden gebruikt om brood te bakken.Dit bakhuisje uit 1904 werd in 1993 gerestaureerd.

In het recreatiegebied Ekkersweijer (95 ha) liggen een visvijver en een recreatieplas. Vanaf het fietsviaduct over de snelweg hebt u er een mooi uitzicht over. Aan de noordzijde van de Ekkersweijer komt u overde langste houten fietsbrug (67 m) van Nederland.

De brug is helaas ingestort en afgesloten; de omleiding is aangegeven met gele borden.

De Nieuwe Heide is evenals de Sonse Heide een voormalig stuifzandgebied dat aan het begin van de vorige eeuw is beteugeld door aanplant van grove dennen. Maar ook de Corsicaanse den zult u er aantreffen. Dit zijn allemaal snel groeiende soorten.Toen Limburg nog mijnbouw kende, zijn veel dennen gebruikt om de mijngangen te stutten.

Een plek om even bij stil te blijven staan is de herdenkingssteen van de Amerikaanse soldaat Joe Mann aan de noordkant van het Wilhelminakanaal. In 1944, bij de verovering van de brug over het kanaal,redde Joe Mann het leven van zijn kameraden waarbij hij zelf sneuvelde.

In de ontginningsbossen van de Nieuwe Heide liggen de Langvennen. Hier kunt u mooi zien hoe deze voedselarme vennen vanaf de randen met veenmos dichtgroeien. Deze veen-mosvegetaties zijn louter afhankelijk van voedselarm regenwater. Door overbemesting (ammoniak) vindt echter via de lucht voedselaanrijking plaats, waardoor dit vegetatietype steeds zeldzamer wordt.

De Sonse Heide bij Son en Breugel bestaat nog ten dele uit dennenbossen, een restant van het woeste landschap van voor de  ontginningen. Om de agrarische productie op te voeren, zijn veel percelen ontgrond; er is een laag grond afgeschraapt om het  oorspronkelijke (dek)zandreliëf te verlagen voor een makkelijker landbewerking en constantere productie (overal  gelijke regenworteldiepte tot het grondwater). Omvangrijke maïsakkers met daartussen weilanden en grote varkensboerderijen zetten hier de toon.

Al in de Franse tijd werden de oorspronkelijke twee kerkdorpen Son en Breugel tot één gemeente samengevoegd. Omdat Son op de linkeroever van de Dommel meer in de nabijheid van belangrijke verbindingswegen ligt, heeft het zich voorspoediger kunnen ontwikkelen dan Breugel. Maar Breugel heeft meer van het oude dorpskarakter weten te bewaren. Al van ver kunt u de toren van de kerk St.-Genoveva aan de overkant van de Dommel zien liggen. De fraaie, uit de 14e eeuw stammende kerk werd in de loop der tijd verschillende keren verbouwd en gerestaureerd. 

Als u tussen Son en Breugel de Dommel oversteekt ziet u aan uw rechterhand een afgesneden beekarm, die overbleef toen de Dommel gekanaliseerd werd. Een informatiebord geeft nadere uitleg hoe het landschap in de loop van de tijd is veranderd.