Vragen aan de minister van Infrastructuur en Milieu over Belgisch wegenvignet

De minister van Infrastructuur en Milieu moet een groot aantal vragen over het tolvignet beantwoorden.  

Ook de ANWB verzocht een aantal vragen mee te nemen:

  • Heeft de minister zicht op de snelwegen en N-wegen welke onder het regime van het wegenvignet komen te vallen.
  • Welke tarieven komen precies te gelden voor het gebruik van deze wegen.
  • Voor zover de minister niet over deze informatie beschikt: of de minister tijdig voorafgaand aan definitieve besluitvorming door de Belgische gewesten, deze informatie zal opvragen zodanig dat nog discussie en onderhandeling met de gewesten hierover mogelijk is.
  • Wat de inzet van de minister zal zijn om de belangen van het Nederlands publiek zoveel mogelijk te dienen en met name de belangen van het publiek in de zuidelijke provincies, die voor wat betreft de gezondheidszorg, onderwijs, cultuur en overige voorzieningen vergaand zijn vervlochten met het Vlaamse gewest.
  • Of de invoering van het wegenvignet op autosnelwegen en een groot deel van de N-wegen strijdig is met de verplichtingen in het Benelux-verdrag inzake vrij personen- en handelsverkeer, tussen Nederland en België en tussen Nederland en Luxemburg waarbij verplicht gebruik moet worden gemaakt van Belgische tolwegen.

De minister is verzocht de belangen van het publiek bij de Belgische tolplannen actief te behartigen en dit niet louter in handen te leggen van de Europese Commissie, die alleen op juridische basis toetst.  

Naast deze vragen zijn nog een groot aantal andere vragen over het vignet voorgelegd. Een overzicht kunt u hier vinden. De minister moet deze vragen in circa drie weken beantwoord hebben.