Vrieskou en klamme hitte onder één dak

ANWB kreeg kijkje achter de schermen bij de Ford ‘weerfabriek’

Bij de ontwikkeling van een nieuwe auto wordt er veel tijd en geld besteed aan testen onder extreme weersomstandigheden. Ford heeft de grootste uitersten samengebracht in een laboratorium vlak over de grens.

Voorheen waren extreme klimaattypes meerdere, vaak transcontinentale vluchten van elkaar verwijderd. Voortaan kunnen de meest uiteenlopende weersomstandigheden worden gesimuleerd in een hagelnieuwe onderzoeksfaciliteit in het Duitse Keulen.

Ford heeft maar liefst 70 miljoen euro geïnvesteerd in het complex, dat de Amerikanen zelf aanduiden als een ‘weerfabriek’. Het laboratorium bestaat uit drie windtunnels en 4 speciale klimaatkamers. Het gebouw heeft de oppervlakte van een voetbalveld, maar sommige ruimtes zijn niet groter dan een garagebox.

In het complex kunnen temperaturen worden behaald van -40 tot +55 graden Celcius. De lampen die daarvoor worden gebruikt, zijn dusdanig krachtig, dat de techneuten die de ruimte tijdens een test betreden, zonnebrand moeten gebruiken. Het personeel - in totaal werken er 60 mensen in de ‘weerfabriek’ - kan anders lelijk verbranden, ook al zijn ze binnen.

In de windtunnel kunnen auto’s op een rollenbank worden gezet met snelheden tot 120 kilometer per uur. Als de modellen over vierwielaandrijving beschikken, kan die worden ingeschakeld. Een zo’n windtunnel is een geluiddicht exemplaar, zodat de knappe koppen van de ontwikkelingsafdeling zich volledig toe kunnen leggen op het verminderen van rijwind- en bandengeluid.

Nieuwe modellen kunnen even goed worden beproefd op een gesimuleerde hoogte tot wel 5.200 meter: zo hoog als het basiskamp van de Mount Everest. Als het nodig is, kunnen de technici het binnenshuis zelfs laten sneeuwen. Het meest indrukwekkend vonden we echter de ‘tropische ruimte’, waar de luchtvochtigheid kan worden opgeschroefd tot 95 procent. Wij betraden de ruimte bij een luchtvochtigheid van 70 procent en dat ervoeren we al als hoogst onaangenaam.

Waar dienen zulke tests dan voor? Bijvoorbeeld om te bepalen of jouw ruitenwissers nog wel werken beneden een bepaalde temperatuur. En of de vloeistoffen in de motor van je auto wel tegen ijle hoogtes kunnen. Volgens Ford wordt meer dan de helft van hun modellen verkocht in leefgebieden boven de 1.000 meter.

De keerzijde van al die moderne techniek is de energierekening: deze faciliteit draaiende houden, kost evenveel stroom als een dorp met 2.400 inwoners zou verbruiken. Daar staat echter tegenover dat er veel minder mensen en materiaal de wereld over hoeft te worden gevlogen. En steeds maar weer je tas moeten inpakken, kost natuurlijk ook de nodige energie.

Lees meer over de nieuwe Ford Focus