Dubbeltest Audi A6 Avant vs. BMW 5 Serie Touring

De Audi biedt meer binnenruimte, maar de BMW is leuker om mee te rijden

De BMW 5 Serie Touring geldt als droomauto onder de stationwagens. De nieuwe Audi A6 Avant maakt net zo goed aanspraak op die titel; welk model verdient zo’n voetstuk het meest?

Ruimte

De Audi oogt groter dan de BMW, hoewel de buitenmaten slechts millimeters schelen. De kofferbak van de testkandidaat uit Ingolstadt is zelfs een fractie kleiner: minimaal 565- en maximaal 1.680 liter tegenover 570- of 1.700 liter in de 5 Serie Touring. De Audi en de BMW hebben geen dubbele bagagebodem van betekenis; in de BMW kun je er precies de hoedenplank onder kwijt. Klap je de rugleuning van de achterbank neer, dan loopt de laadvloer bij beide stationwagens op. Achterin de A6 Avant heb je achter aanzienlijk meer beenruimte tot je beschikking: in de BMW kunnen volwassen met een lengte boven de 1.90 meter ternauwernood zitten. Het optionele glazen dak van de 5 Serie heeft ook meer invloed op de beschikbare hoofdruimte dan bij de Audi het geval is. De BMW beschikt dan weer over een verstelbare rugleuning. Bovendien zit je hoger dan achterin de Audi, waar je echt binnen komt vallen. In geen van de stationwagens kun je achterin drie passagiers kwijt: daarvoor is in beide gevallen de middentunnel te fors.

Rijgedrag

Kijk je door alle opties op de door de importeur ter beschikking gestelde A6 Avant heen, dan hebben we toch werkelijk met de instapdiesel van doen: een 204 pk sterke viercilinder met 400 Nm koppel. Om aan consumenten duidelijk te maken hoe krachtig een bepaald model is, werkt Audi voortaan met nieuwe cijfercodes. Dit geldt zowel voor hun benzine-, diesel- als elektromodellen.

De BMW-importeur vaardigde een zwaargewicht af. Létterlijk: wij reden een 530d met vierwielaandrijving, waardoor de 5 Serie een kleine 100 kilogram meer weegt dan de Audi. De zescilinder krachtbron van de BMW is 265 pk sterk, goed voor 620 Nm koppel. Omdat we geen appels met peren willen vergelijken, laten we het prestatiepotentieel nu even buiten beschouwing. De kenmerkende ‘dieseldreun’ en een verzet minder mogen de Audi in dit geval niet worden aangerekend, want je kunt de A6 even goed met vierwielaandrijving, een (aangenamer klinkende) zescilinder en een achttraps automaat krijgen. Wat ongeacht de gekozen motorisering overeind blijft, is dat de Audi een voorwielaangedreven auto is. Bij de BMW gaat het beschikbare vermogen normaal gesproken juist naar de achterwielen. Daardoor betrekt de 5 Serie je meer bij het rijden: je voelt geen aandrijfkrachten in je stuur en de neus van de BMW doet ook lichter aan. We maakten vorig jaar in Zuid-Duitsland al kennis met de 5 Serie Touring en de standaard luchtvering op de achteras beviel ons toen maar matig: wanneer de wegen uitdagender worden, gaat de achterkant een beetje deinen. Tijdens het afleggen van je woon/werkverkeer heb je daar weinig last van, maar het is een pré dat Audi zo’n smaakgevoelige eigenschap weliswaar aanbiedt, maar alleen als optie.

Verbruik

Behalve de door ons gereden uitvoering kun je bij BMW kiezen voor nog 5 (!) dieselmotoren. Het leveringsprogramma bestaat verder uit een drietal benzine-uitvoeringen. Het vermogen loopt uiteen van 150- tot 400 pk. De Touring is niet leverbaar als plug-in hybride; de 5 Serie sedan wél. De geteste, vierwielaangedreven 530d is op papier goed voor een verbruik van 1 op 17,9. Wij realiseerden in de praktijk een score van 1 op 13 (dat rijplezier heeft natuurlijk zijn prijs).

Bij Audi bestaat het gamma uit een benzine- en drie dieselversies. Het beschikbare vermogen bedraagt in het geval van de A6 Avant minimaal 204- en maximaal 286 pk. Er zit nog een extra potente uitvoering van de stationwagen uit Ingolstadt in de pijplijn, in de vorm van de fameuze RS6. De instapdiesel uit onze testauto is op papier goed voor een cijfer van 1 op 22,2. Wij noteerden na afloop van onze testkilometers een praktijkscore van 1 op 13,7.

Gebruiksgemak

De A6 Avant heeft het moderne interieur van de A8 mee gekregen: het vlaggenschip van Audi’s modellenreeks. Dat betekent dat je beschikt over een instrumentarium dat vrijwel volledig uit schermen bestaat. Het ziet er schitterend uit, maar in vergelijking met de BMW is de bediening wat omslachtig. Een bestemming invoeren kun je maar het beste met een spraakcommando doen, want een andere manier duurt te lang en dwingt je ogen bovendien van de weg.

De 5 Serie beschikt over het vertrouwde iDrive-systeem, dat werkt met een soort muis. Je kunt het blindelings bedienen. Ook al oogt de middenconsole van de BMW wat traditioneel, de radio bedien je heel futuristisch met een handgebaar. Draai je bijvoorbeeld een rondje met je vinger, dan gaat het geluid harder of zachter, afhankelijk van de richting waarin jij je hand beweegt. Minstens zo spectaculair is de mogelijkheid om met de sleutel de stationwagen in te parkeren… terwijl je er zelf niet in zit! Waarom ze in München wel dergelijke toepassingen kunnen verzinnen, maar de 5 Serie Touring het nog altijd zonder in hoogte verstelbare gordels moet stellen, is ons een raadsel. Om in- of uit te stappen, hoef je in geen van beide testkandidaten de sleutel uit je zak te halen. De A6 gaat echter zo geruisloos op slot, dat wij herhaaldelijk de deur open- en dicht stonden te trekken in een poging te controleren of de auto nu werkelijk was afgesloten. De elektrische kofferklep kun je zowel bij de Audi als de BMW ook met een beweging van je voet openen. De BMW heeft bovendien een separaat te openen achterruit, voor je het geval je een keer krap geparkeerd staat.

Veiligheid

Wanneer de Audi opduikt in je achteruitkijkspiegel, ga je automatisch aan de kant: de sensoren van de aanwezige hulpsystemen zitten als zwaailichten in de grille, waardoor je in eerste instantie denkt met een politiewagen van doen te hebben. Net als Oom Agent schrijft de A6 je graag de wet voor: beschikbare assistentiesystemen als adaptieve cruise control met actieve verkeersbordherkenning bepalen niet alleen waar je rijdt, maar ook hoe hard.

Zoals dat ook wel eens bij navigatiekaarten gaat, weet de Audi alleen geen raad met naast elkaar gelegen wegen: zo gebeurde het ons dat de A6 Avant opeens 50 ging rijden vanwege een nabijgelegen ventweg. Alleen mocht je op de weg waarop wij ons op dat moment bevonden, toch echt 70 kilometer per uur! De BMW ziet ook dat de maximum snelheid is veranderd, maar laat het aan de bestuurder om daar iets mee te doen: een simpel tikje tegen de keuzehendel van de cruise-control is genoeg om je snelheid aan te passen. Wil je de rijstrookassistent uitschakelen, dan moet je daarvoor in de Audi een menu in. De 5 Serie heeft nog een knop op je stuur: ouderwets misschien, maar wel zo doeltreffend. Wat het de beschikbare rijhulpsystemen aangaat, geven de beide stationwagens elkaar geen duimbreed toe: een waarschuwing voor kruisend verkeer, dode hoek signalering, een head-up display en zelfs een infraroodcamera zijn op zowel de Audi als de BMW verkrijgbaar. In beide gevallen moet er overigens stevig voor die aanvullende veiligheidsuitrusting worden bijbetaald. Het zicht rondom is in de A6 beter: de Audi heeft een groter glasoppervlak dan de BMW. In de 5 Serie Touring is de optionele 360 graden camera waarmee de twee testkandidaten allebei te verkrijgen vallen, geen overbodige luxe.

Prijs

Voor het geld waarvan deze testauto’s van opties zijn voorzien, kun je een complete stationwagen kopen. En geen lullige! De Audi heeft ruim 30 mille aan snuisterijen aan boord, de BMW is voor bijna € 45.000 volgehangen. Let wel: daar komt de reguliere aanschafprijs dan nog bovenop! In het geval van de A6 Avant bedraagt die minimaal € 65.750, de eenvoudigste 5 Serie Touring mag mee vanaf € 60.636. Bij BMW krijg je voor dat geld een benzinemotor, de voordeligste Audi rijdt op diesel. Standaard zijn beide stationwagens voorzien van een automatische versnellingsbak, cruise control, klimaatcontrole, navigatie, een noodstopsysteem plus een elektrisch bedienbare achterklep.

De onderlinge verschillen zijn klein, al biedt de A6 Avant een rijkere veiligheidsuitrusting. Bovendien werkt het noodstopsysteem van de Audi ook op de snelweg: dat van de BMW grijpt alleen in bij stadssnelheden. Onze testexemplaren waren verder aangekleed met panoramadaken, chique bekleding, dikke stereo’s en - in het geval van de 5 Serie - vierwielaandrijving. Dat brengt de prijskaartjes op respectievelijk 98 mille voor de A6 en € 132.000 voor de BMW.

Winnaar

De Audi en de BMW geven elkaar nauwelijks een duimbreed toe. De A6 Avant biedt meer ruimte op de achterbank, de 5 Serie Touring is leuker om mee te rijden. De Audi heeft het modernste interieur, de BMW de meest gebruiksvriendelijke rijhulpsystemen. En zo kunnen we nog wel even doorgaan: het is maar net waar je de voorkeur aan geeft en hoeveel centen je hebt. Want als geen geld geen rol zou spelen, knijp jij je natuurlijk met elk van deze twee stationwagens in je handjes. Een gedeelde eerste plaats dus!

Bekijk ook onze afzonderlijke rijtesten van deze twee testkandidaten:
Audi A6 Avant 40 TDI
BMW 530d xDrive Touring