Dubbeltest Kia Sportage vs. Mazda CX-5

De Kia is een goede allrounder, maar de Mazda is op alle punten net even beter

In 2016 verscheen de Kia Sportage op de Nederlandse markt. Nu is het de beurt aan de nieuwe Mazda CX-5. Het zijn allebei compacte crossovers met een paar centimeters extra. Maar welke van de twee trekt in een rechtstreeks vergelijk aan het langste eind?

Ruimte

De bagageruimte van de Mazda is sinds de laatste modelwissel met 5 liter toegenomen tot minimaal 505- en maximaal 1.620 liter. Daarmee kun je meer bagage in de Japanner kwijt, want de kofferbak van de Kia meet 503- of 1.492 liter. Op de achterbank geven beide testkandidaten elkaar geen duimbreed toe: zowel in de CX-5 als in de Sportage zit je riant. Achterin de Koreaan heb je zelfs meer hoofdruimte dan voorin, omdat het panoramadak daar kostbare centimeters wegsnoept. Voor beide auto’s geldt dat de instap achterin gemankeerd is vanwege de forse wielkuipen. Mazda heeft dat nog geprobeerd op te lossen door die deuren bijna haaks op de koets te laten openen; bij de Kia moet je goed opletten waar je parkeert. Zowel de Sportage als de CX-5 beschikken over een vlakke laadvloer.

Rijgedrag

Koreaanse autofabrikanten maken met elke modelgeneratie een reuzensprong in bouwkwaliteit. Het rij- en dan met name het stuurgedrag bleef tot nog toe achter, maar eenmaal onderweg met de nieuwe Sportage blijkt dat ze ook op dit vlak hun huiswerk hebben gedaan. Voor het eerst stuurt een Kia met gevoel; zijn bochtgedrag is indrukwekkend.

De Koreaan moet echter zijn meerdere erkennen in de Mazda, die ondanks zijn forse omvang krimpt om je heen. Bovendien neemt hij een scherpe bocht zoals een gemiddelde personenauto dat zou doen: zonder over te hellen. Beide crossovers zijn op de snelweg niet heel stil, wat in het geval van de Kia kan worden toegeschreven aan de grote lichtmetalen wielen van de gereden uitvoering. Bij de Mazda vangen de grote buitenspiegels een hoop wind. Hoewel de auto’s op papier genoeg vermogen bieden, voelen ze niet snel aan. De prestaties zijn echter genoeg voor in het dagelijks verkeer, wat in het geval van de Sportage toch een beetje een afknapper is; bij die gezinsauto hebben we speciaal een sterkere motor laten aanrukken (de krachtigste die er op benzine is zelfs)! Een blik in de specificaties leert dat de Koreaan ook nog eens een kleine 100 kilogram meer weegt dan de CX-5. Hij weet dan weer wel raad met een zwaardere aanhanger: 1.900- om 1.800 kilogram.

Verbruik

De Mazda wordt standaard geleverd met een 165 pk sterke benzinemotor. De Japanners geloven niet in ‘downsizing’; als een van de weinige autofabrikanten gebruiken zij nog relatief grote motorblokken, die ondanks het ontbreken van een turbo toch schoon en vlot zijn. Wie gecharmeerd is van de CX-5, kan verder nog kiezen uit twee benzine- en twee dieselmotoren. Het beschikbare vermogen loopt uiteen van 150- tot 194 pk. Een brandstofbesparend start/stop-systeem behoort tot de standaarduitrusting. Het door ons gereden instapmodel is op papier goed voor een verbruik van 1 op 15,6. Wij realiseerden in de praktijk een score van 1 op 14,2, wat voor dit formaat auto een keurige waarde mag worden genoemd.

Om de Japanner van repliek te dienen, vaardigde Kia een 177 pk sterke viercilinder af, mét turbo. De krachtbron is niet leverbaar met een start/stop-systeem, evenals de dikste dieselmotorisering. Zowel op benzine als op diesel kun je kiezen voor een minder krachtig alternatief. Het beschikbare vermogen loopt uiteen van 132- tot 185 pk. Met een praktijkverbruik van 1 op 11 kwamen we relatief dicht in de buurt van het opgegeven fabriekscijfer van onze testauto (1 op 13,3).

Gebruiksgemak

De Mazda bevat een aantal handigheidjes aan boord. We haalden al even het achterportier aan, dat haaks op de koets opent om de instap te vergemakkelijken. Maar we noemen ook het rolgordijn, dat dienst doet als hoedenplank. Het zit vast aan de achterruit, zodat je maximale toegang tot de laadruimte hebt. Verder kun je de achterbank vanuit de kofferbak neerklappen. Bij de Kia is dat niet mogelijk. Sterker nog; de hendel om de rugleuning vlak te leggen zit verdekt opgesteld. Namelijk onderaan de zitting en niet bovenop de rugleuning. De Koreaan biedt een complete electronicawinkel aan stroompunten, zodat de kinderen hun smartphone of spelcomputer desnoods tegelijk kunnen bijladen. We vinden minstens zoveel knoppen op de middenconsole als er USB-aansluitingen in de Sportage aanwezig zijn. Wellicht dat een ‘ouderwetse’ bedieningsknop nog te prefereren valt boven een infotainmentsysteem waar je doorheen moet scrollen – wat in de Kia overigens ook gewoon beschikbaar is  - maar vanwege de hoeveelheid knoppen raak je alsnog het overzicht kwijt. Beide testkandidaten beschikken over een verstelbare rugleuning van de achterbank. Maar alle twee de auto’s hebben ook een voor dit formaat crossover pietepeuterig navigatiescherm.

Veiligheid

De CX-5 beschikt standaard over een noodremsysteem. De Kia biedt pas vanaf het derde uitrustingsniveau een aanvullende veiligheidsuitrusting, maar dat zijn dan ook meteen drie verschillende systemen: verkeersbordherkenning, rijstrook- en grootlichtassistentie. In beide gevallen geldt: de duurste uitvoering heeft de meeste hulpsystemen. Bij Kia vermeldt de optielijst geen veiligheidsuitrusting.

Bij Mazda kun je wel een pakket aan hulpsystemen mee bestellen, maar alleen op het een-na-duurste uitrustingsniveau. Daarvoor moet je dus alsnog behoorlijk in de buidel tasten. Dode hoek signalering en een waarschuwing bij kruisend verkeer zijn op alle twee de crossovers verkrijgbaar, maar de Mazda is de enige met een head-up display en vermoeidheidsherkenning. Schrale troost: de Kia biedt een beter zicht rondom vanwege de grotere ramen.

Prijs

De Kia is met een vanafprijs van € 27.385 duizenden euro’s voordeliger dan de Mazda, waarvan de prijslijst pas bij € 31.490 begint. Voor dat geld krijg je dan echter wel de motor uit onze testauto, die meteen 165 pk sterk is. Het eenvoudigste exemplaar uit de Sportage levert slechts 132 pk; vandaar dat we een uitvoering met 177 pk hebben meegebracht. Daarmee stijgt de prijs van de Koreaan naar minimaal € 36.885.

Voor dat geld krijg je dan wel meteen het Dynamic-Line uitrustingsniveau, met onder meer een navigatiesysteem, achteruitrijcamera, cruise control, USB-aansluitingen rondom plus drie verschillende rijhulpsystemen. De door ons gereden Dynamic Plus-uitvoering heeft ook nog eens grotere wielen, een panoramadak en een extra rijke veiligheidsuitrusting aan boord, wat de prijs verder opdrijft tot € 38.385. De Sportage wordt in elk geval altijd geleverd met airconditioning, een geïntegreerde radio en de befaamde 7 jaar fabrieksgarantie. De CX-5 beschikt standaard over airco, cruise control en een noodremsysteem. Daar komen in het geval van deze Skylease-GT uitvoering nog lederen bekleding, stoelverwarming, een Bose-geluidssysteem en een handvol rijhulpsystemen bij. En dat voor € 35.990; een stuk minder dus dan je voor de Kia bent verschuldigd!

Winnaar

De testuitslag is zo klaar als een klontje: de Mazda wint op alle testonderdelen. Hij is voordeliger, rijdt plezieriger, biedt meer gebruiksgemak, bagageruimte én hulpsystemen. De Kia mag dan als laatste eindigen; het is letterlijk en figuurlijk een goede tweede. Bovendien beschik je over een stukje extra gemoedsrust in de vorm van de uitgebreide fabrieksgarantie.

Lees ook onze afzonderlijke rijtesten van deze twee testkandidaten:
Kia Sportage 1.6 T-GDi
Mazda CX-5 SkyActiv-G 165