Weblogs<

Bekijk ook de iKampioen ons digitale magazine

Hé gezellig

Ik heb kamperen lang afgezworen. Het bracht herinneringen naar boven van vieze toiletten, koude douches, sporen van toiletrollen en de dagelijks terugkerende afwascorvee. Ook de urenlange zit in een snikhete auto, bijna-echtscheidingen van mijn ouders tijdens het opzetten van de voortent, geïmproviseerde aardappelprutjes (‘we gaan pas van tafel als je bord leeg is’) en ongewenste deelname aan de oersaaie animatieclub stonden me nog helder voor de geest.

Zodra ik alleen op vakantie mocht, kwamen campings steevast op de zwarte lijst. In plaats daarvan zocht ik de mooiste hotels uit, waarbij de afmeting van het zwembad en de aanwezigheid van een all inclusive buffet van doorslaggevende betekenis waren. Ik bracht mijn vakanties door aan parelwitte stranden in Mexico, Cuba en de Dominicaanse Republiek, waar kokosnoten voor je neus werden bewerkt tot de heerlijkste cocktails. Dít is het summum van vakantie, heb ik lang gedacht.

Tot afgelopen zomer. Een kentering in mijn vakantiegedrag. Ondergetekende heeft namelijk een week op een camping aan het Gardameer doorgebracht. En het grappige is: alles wat ik tot een paar jaar geleden nog verwerpelijk vond aan kamperen, had nu ineens zijn charme. Oké, we verbleven in een stacaravan met airco, douche en comfortabel bed. Niet bepaald kamperen in de primaire zin van het woord. Maar dat maakt eigenlijk niet uit. Kamperen heeft namelijk niet zozeer te maken met de middelen die je hebt, maar meer met een levensstijl.

Kampeerders banjeren graag de hele dag in hun kloffie over de camping, halen in zwembroek brood bij de bakker, begroeten iedere campinggast als teken van verbondenheid met een gelijkgestemde. Kampeerders zijn ook dol op barbecueën of rommelen wat aan op een tweepits gasstel. Dat het resultaat geen Michelinster verdient, is onbelangrijk. Gezellig is het wel. Gezelligheid, dat is het toverwoord. Om die reden gedogen kampeerders het indringende gesnurk van hun buurman dat iedere vorm van nachtrust onmogelijk maakt. Want het is toch gebroederlijk om zij aan zij op een grasveldje te staan?

Ik begrijp kampeerders wel en misschien word ik langzaam wel één van hen. Al zou dit luxepaardje een paar kokospalmen op de camping helemaal geen slecht idee vinden. En een hangmat trouwens ook niet. En als de camping toevallig aan een goddelijk strand ligt, is dat mooi meegenomen. Oude liefde roest niet.

Claudia Feldmann